Archief 2023

zon 15/01/2023 11u * Posterholt Annendaalloop * 10,5 km * 00:54:39 * 11,5 * 84/151 * 10/19 (60+) * ♥♥♥♥

De eerste loop van het nieuwe jaar brengt ons naar Posterholt, gemeente Roerdalen, niet ver van Roermond. Ik zal dus de Nederlands-Limburgse triade Ell-Heerlen-Posterholt binnen drie maanden  hebben afgewerkt. Zoals Jean-Pierre Immerix stond ik hier al vaker aan de start. De januari-klassieker zou alvast geen geheimen meer mogen inhouden voor ons. En toch komt Jean-Pierre nog voor een verrassing te staan. Dat zal duidelijk worden op het einde van dit verslag. Overigens scheert het parcours langs de oude dorpskern die dan ook onbekend is voor mij. Maar we kunnen ons een idee vormen dank zij het beeldmateriaal van Marie-Paule.

FOTO

(Foto: Jean-Pierre gefascineerd door zijn nieuwe speeltje, een Garmin-horloge.)

Je hoeft geen glazen bol te hebben om onze voornaamste tegenstander te voorspellen, de koude maar vooral felle wind. Ik vertrek ongeveer midden in het pak. Goed voor zo'n kleine 300 deelnemers. De halve marathonlopers zijn licht in de minderheid. Na een stoep-op stoep-af doortocht in een woonwijk en een ongezellige passage langs de Vlodropperweg leiden de overvloedig aanwezig zijnde verkeersregelaars ons veilig over een rotonde. Daarna zijn we snel uit de bebouwing en begint het gevecht met de wind. Ik heb al tientallen lopers vanuit de achtergrond zien voorbijschuiven en zal ook op de plattelandspaden niet kunnen verhinderen dat ik nog meer plaatsen verlies. In de eerste kilometer blijf ik onder de 5 minuten. In de volgende moet ik, zoals verwacht, een vijftiental seconden prijsgeven. Daarna is het kwestie een tempo te vinden net onder de rode zone. De krachtige wind - zo'n 37km/uur volgens het weerbericht -  herinnert eraan wie hier de baas is en het tempo bepaalt. Vooral de puntige uitstulping tussen km 2,2 en km 3,3 is een stormzone. Intussen blijven mijn concurrenten me met kletterende rug- , borst- en buiknummers voorbijlopen. We zijn intussen aan de lange rechte Echterboschbaan aangewaaid. Hopelijk wordt het hier niet nog erger. De windkracht neemt hier gelukkig wat af maar is nog steeds nadrukkelijk aanwezig. Nog steeds lopen groepjes me voorbij. In het gras rechts staat een bordje "4km". Echt? Dan gaat het sneller vooruit dan gedacht. In het bosgedeelte - het "Echterbos" mag ik afleiden uit de straatnaam - begin ik me stilaan beter in mijn sas te voelen. Ik heb nu het goede ritme te pakken. Het laatste groepje dat me is voorbijgegaan neemt niet echt afstand. Maar meer dan "drie hartjes" zal ik vandaag niet verdienen, kijk ik al vooruit naar het verslag. Intussen heb ik al enkele keren in de verte getuurd op zoek naar de rechtse bocht en naar het einde van deze ellenlange en ellendig lange kaarsrechte strook. Het bordje '5km" en nog steeds geen afslag te zien. Ik tel achteraf 2,3km uit op mijn Garmintrack. Dan kan ik intussen het parcours wel dromen maar die afstand had ik dan toch onderschat. Hoe dan ook, we zijn intussen over de helft en - mag ik aannemen - nu zullen we meewind hebben. Wel hebben de voorbije kilometers mijn aanvankelijke gemiddelde van 5'/km flink gedrukt naar rond de 5'25" van km 3 tot halverwege km 6.  


FOTO

(Foto: Marie-Paule heeft  oog voor het plaatselijke patrimonium.)

De wind heeft dus plots onze zijde gekozen, lees blaast in de rug. En dat geeft een heerlijk gevoel in de bovendien heel licht dalende Vuchterstraat tussen de bomen in het groen. Voorbij de bevoorrading - geen drank nodig - een zeldzame bocht en vanaf km 7 weer richting Posterholt. Met kilometertijden rond de 5'08" houd ik nog wat reserve voor de finale. Ik ben intussen wel lopers aan het inhalen, onder meer het laatste groepje dat me daarnet op de grote weg is voorbijgegaan. De latere winnares van de derde plaats (ik vermoed Anneke Palmans van Voeren) roept haar haas terug. Die had namelijk even het hazenpad gekozen... De zijdelingse wind slaakt nu en dan nog een zucht maar daar hebben voornamelijk twee dames met lange loshangende haren last van. Als we voorbij het Landal-vakantiepark lopen is het dorp, Posterholt dus, niet meer veraf. Aangezien ik vandaag voornamelijk prooi ben geweest laat ik de gelegenheid niet voorbijgaan om mijzelf tenminste eventjes als jager te profileren. Rond km 9 haal ik een jonge dame in. Naam? Ik gok op Fieke Jansen-Gommers maar mogelijk zit ik ernaast. Ze is jong maar dat zijn nu bijna alle deelnemers vanuit mijn perspectief. Even terzijde over leeftijd: de oudste deelnemer (aan de 5 km) Ben Taken uit Melick is 89 jaar. Hij krijgt een speciale prijs in de categorie "prestatieloop". Terug naar de loop: die jongedame van daarnet is duidelijk niet zinnens zich zomaar te laten doen en plaatst tot drie keer toe een lichte versnelling. Maar die oude knar achter haar is taai en heeft ervaring. Ik kom telkens gemakkelijk terug en eenmaal in de negende kilometer plaats ik op mijn beurt een versnelling en moet mijn jongere concurrente achterblijven. Daar is de laatste bocht. Er volgt nu nog een lange laatste rechte lijn. Ik haal nog eens alles uit de tank om mijn plaatsje te behouden. Alleen een jonge man met zware tred haalt mij en nog enkele voorgangers in. Het groepje achter mij blijft op een geruststellende achterstand.  Met een tiende kilometer onder de 5' en de laatste vijfhonderd meter nog sneller plaats ik een mooi orgelpunt bij deze prestatie. Intussen heb ik al lang mijn vierde hartje veroverd. Het moeizame begin is vergeten. Ik mag ook de kans niet laten voorbijgaan om mezelf nog eens de maximumscore toe te kennen. Vaak zal het niet meer gebeuren. 

FOTO

(Foto: Laatste bocht naar de finish. Jean-Pierre verliest hier kostbare seconden door een wegvergissing.)

Finish. Maar waar is die? Links houden. Het rechter vak is voorbehouden aan de halve marathonlopers die nog een ronde voor de boeg hebben. (De dubbele ronde is voor mij geschiedenis, 2018 om precies te zijn.) Het valt me nog net op tijd te binnen dat de streep verscholen ligt achter de bocht voorbij de RegioBank-would be finishboog. Een vijf minuten later arriveert Jean-Pierre. Hij is echter uit het oog verloren dat hij nog even naar links moet en mist daarmee net een tijd onder het uur. Jammer temeer omdat zijn weerbarstige knie heeft stand gehouden. 

Op de valreep vermeld ik nog dat er ook heel wat Belgisch-Limburgse en enkele Waalse lopers in actie waren. Daarmee zijn jullie weer helemaal bij en kunnen al uitkijken naar mijn volgende loop en verslag ...heel binnenkort. 

(Foto's Marie-Paule)


zon 22/01/2023 10.30u * Visé La Zatopek en Famille * 10km * 00:54:53 * 11 * 78/179 * 2/4 * ♥♥♥

De natuurelementen blijven de hoofdrol opeisen in de loopwedstrijden van de laatste weken. Was het vorige week de wind, is het nu de sneeuw die ons in haar greep houdt. Ik vertrek dan ook met vele twijfels naar buurstad Visé ( ja, ja, Riemst grenst - even - aan Visé) en zou waarschijnlijk thuis gebleven zijn als ik al niet ingeschreven was. Mijn laatste training in de sneeuw rond Alden Biesen had de alarmsignalen voor dreigend gevaar doen knipperen. Als dat nog nodig was na een zware valpartij en bijhorende armbreuk op het witte tapijt van Caestert jaren geleden. 

Overigens ben ik voor het eerst sinds lang in mijn eentje onderweg. Marie-Paule wordt in Tongeren verwacht en mijn loopmaat van de laatste weken Jean-Pierre Immerix heeft te veel last van zijn linkerknie. Mijn achterbuur Martin Kossig is wel al ter plaatse en heeft weinig geruststellend nieuws over de staat, meer bepaald de gladheid, van de wegen rond het voetbalstadion van Visé, de plaats van vertrek. Een andere Riemstenaar Claude Herzet, die ik hier had verwacht als kersvers veteraan 4, is in geen velden en wegen te bekennen. Ik zocht Claude maar vind Julie. Zijn zus met wie ik vluchtig kennis maak na de wedstrijd. Er staan hoe dan ook minder dan de helft vertrekkers aan de start in vergelijking met vorig jaar. Merkwaardig is wel dat het erg druk lijkt aan de tafels voor de daginschrijvingen. 

Na een verkenning van de eerste en laatste kilometers vertrek ik met de vaste wil om elk risico te schuwen en in de eerste plaats mijn tempo aan te passen aan de staat van het wegdek of ondergrond. Na een honderdtal meter loop ik min of meer per toeval achter mijn categoriegenoot Luc Hilderson. "Die zal ik dan maar blijven volgen", schiet het door mijn hoofd, en ik pas al meteen mijn tactiek aan. Luc zal wel mijn voornaamste concurrent worden in mijn categorie. Nicolas Bynens, nog een prille veteraan 4, is veel te sterk en neemt bij afwezigheid van Servais Halders, de rol van topfavoriet over. Hij eindigt 39 plaatsen en meer dan 7 minuten voor me. Nicolas kennende, zal hij zich niet door angst hebben laten tegenhouden. In het peloton van warm ingeduffelde lopers is mij - en mij niet alleen - een jonge dame opgevallen in korte broek en t-shirt. "Die zal zich wel warm lopen" veronderstellen we. Maar in de afdaling van de Rue de Mons na nauwelijks een halve kilometer ga ik haar al voorbij. Brrr... 

We zijn bezig aan het eerste deel van deze 10 km op het parcours van de laatste jaren dat uitgetekend is op de hoogten boven de Maasvallei. Deze eerste 3,5 km lopen over verharde wegen. Maar die kunnen nu net door het autoverkeer glad zijn. In de tweede kilometer wordt het tempo dan weer gebroken door de vele bochten en smalle doorgangen vlak langs het stadion. We trekken voor de tweede keer een diagonaal over het rugbyveld en slaan opnieuw de Rue des Trois Rois in. Ditmaal om rechts af te slaan naar een woonwijk. Enkele plaatsen voor me zie ik Vincent Crasson, vaak in mijn buurt te vinden in de Challenge L'Avenir. Meestal klop ik hem. Zoals ook vandaag, want eenmaal in het onverharde deel verdwijnt hij achter mijn rug. Op de Allée des Pâquerettes moet ik sneller keren en draaien dan aanvankelijk mijn bedoeling was, om in het spoor van Luc Hilderson te blijven. Nu en dan, als mijn tempo toevallig wat hoger ligt, ga ik hem even voorbij. Ik schuif tot twee keer weg op de gladde autosporen. Gelukkig blijf ik overeind. Luc ziet het voor zijn neus gebeuren en zal denken dat hij met zijn trailschoenen de juiste keuze heeft gemaakt. Ik heb bewust mijn gewone schoenen aangehouden om mijn voeten te sparen, vooral in het derde en vierde deel van de loop. Die indeling in vier delen is overigens ontsproten aan mijn fantasie en gebaseerd op de ervaringen van vorige jaren. 

FOTO

(Foto: Op het snelste deel van het parcours. Balanceren tussen tempo en voorzichtigheid.)

Voor alle duidelijkheid, ik bevind me nu in het tweede deel. Nog steeds in het gezelschap van Luc. Voorlopig dan toch, want op een van de korte hellingen kan hij mijn tempo niet meer volgen en neem ik snel afstand. Die zal overigens aan de streep niet meer bedragen dan 1'10". We lopen nu in een soort groene gordel hoog boven de rechteroever van de Maasvallei. Door twee fruitplantages, over mooie dreven tussen bomen, in een bosje, langs een oorlogsbunker, over trappen, met rechts even een panoramisch zicht op de Maasvallei. Van dat zicht kan ik niet echt genieten, de hobbelige, besneeuwde en/of beijzelde wegen en paden eisen alle aandacht op. Ik hou de beschrijving kort. Wie meer wil weten kan terecht in mijn vorige verslagen. In elk geval, dit is een fraai en afwisselend stukje parcours. Het peloton is intussen flink uitgedund nu de 6km-lopers ons verlaten hebben aan de Loreto-kapel. En tussen haakjes - of juist niet tussen haakjes - ik ben niet slecht bezig, tenminste dat vind ik zelf. 

De bevoorrading - niet nodig, ik vang wel wat sneeuwvlokjes op met mijn tong - en de eerste huizen van Richelle luiden het derde deel in. Op asfalt tussen de huizen en voortdurend klimmend. 1,8 kilometer door het dorp en eindigend tussen de boomgaarden. Die klim ligt me wel. Ik laat hier nog twee collega's achter me: een jong manneke (dat ik overigens niet in de uitslag terugvind) en een veteraan 2 (vermoed ik) die zoals ik zijn optimale bedrijfstemperatuur heeft bereikt en ook zijn handschoenen heeft uitgetrokken. Vorig jaar moesten we op het voetpad blijven. Dat is nu onbeloopbaar. Maar de parcoursbouwers hebben voor kegeltjes op de rijweg gezorgd zodat deze passage een tikkeltje sneller wordt. Op de laatste steilere strook haal ik zelfs een betere kilometertijd dan in het eerste stuk. 

Ik heb intussen de linkse bocht genomen aan km 6,6 en ben zo weer op de terugweg naar de Rue de Berneau in Visé. Die ligt in de verte ongeveer recht voor ons. Dit vierde deel zal bepalend zijn voor mijn gemiddelde. Nu gaat het bijna in rechte lijn naar de finish op precies km10,0. Volgens mijn Garmin-gegevens. Onthou het bijwoord "bijna". Mijn snelheid schommelt rond de 5'15". Dat is gezien de omstandigheden een mooi gemiddelde. Je verbruikt sowieso meer energie op de gladde wegen - vanwege de kleinere passen en de opgespannen rug - en je moet bovendien alert zijn voor gladde plekken. Ik ben dubbel voorzichtig op de hobbelige ijskorsten en de vertrappelde stroken. Ik nader heel langzaam op de man voor mij.  Aan kilometerpaal 8 (hier vertegenwoordigd door een signaalgever) worden we rechtsaf gestuurd. De man voor me maakt plaats om me door te laten op de smalle veldweg. Dan herken ik hem pas. Het is Eric Joway met wie nog enkele woorden heb gewisseld bij de opwarming. Hij is blij dat hij weer tussen zijn vrienden-lopers is. Na een lange onderbreking door knieperikelen. Toch dringt een operatie zich op. In afwachting van een prothese kan hij dan toch nog altijd een flink tempo aanhouden.  Even terug naar daarnet. Wie heeft de "bijna" van zo'n tien zinnen geleden onthouden? Ik wel. En ik laat me dus niet meer verrassen zoals vorig jaar. Nu heb ik de moeilijke passage op de oplopende hobbelige veldweg wel ingecalculeerd. Niet dat ik er echt snelheid kan maken. Door de verse sneeuw heb je het raden naar het beste spoor. Eric doet nog een poging om me te volgen (vertelt hij me later in de kantine) maar moet me laten gaan. Op het laatste bultje voor we weer op de rechte weg naar de finish uitkomen, sta ik zo goed als stil. Jeff (of Alexys) gaat me nog voorbij en laat me meteen achter. In de resterende 1,7 km schakel ik weer over op de hoogste versnelling. Maar één voet blijft in de buurt van het rempedaal. Ik hoor de achtervolgers maar kan ze, enigszins onverwachts, toch achter me houden. Zelfs bij de derde passage op de vertrappelde middenstrook van het rugbyveld moet ik tot twee keer toe een snok geven aan het tempo. Over de streep. Daar blijkt Martin Kossig maar een dikke minuut voor me geëindigd te zijn. Dat noem ik een succes, zoals mijn gemiddelde en mijn plaats, ruim in de eerste helft van het peloton. Er daalt een gevoel van tevredenheid over me neer. En van opluchting , want zonder ongelukken aan de finish. 

FOTO

(Foto: Nummer 3 op het hoogste schavotje. Staat beter op de foto.)

Ik ben opgelucht dat ik niet op het hoogste schavotje moet kruipen. Jammer genoeg blijft het ook leeg nu Nicolas al terug naar Juprelle is. Luc Hilderson is wel gebleven om zijn mega Chimay in ontvangst te nemen. De podiumceremonie wordt afgesloten met de huldiging van de enige veteraan 5, Henry Hardy, op weg naar de tachtig. Hij springt gezwind op het hoogste trapje in zijn loperstenue, nog altijd met opgespeld rugnummer. Het warme applaus voor Henry is meteen de afsluiter van de Zatopek. Voor mij dit jaar "sans famille". Ik neem afscheid van de twee Gemslopers uit Diepenbeek, Erik Thoonen en Patrick Vanaken, met wie ik de tafel heb gedeeld in afwachting van de prijsuitreiking. Dan gaat het huiswaarts over open wegen. 

(Foto 1: Serge Pescador, Foto 2: Erik Thoonen)


zat 11/02/2023 14u * Gemmenich (Jogging de la Commune de Plombières) * 10km * 00:54:26* 11 * 120/179 * 3/7 * ♥♥♥♥

Het is al tien jaar geleden dat ik voor het laatst aan de start stond van de jogging van Gemmenich. Veel langer dan ik in mijn hoofd had. Tijd om nog eens naar de streek rond het Drielandenpunt te trekken en opnieuw te genieten van een mooi parcours dat ik me wel nog voor de geest kan halen. Maar ik ben pas in het Centre Sportif of ik hoor van collega-veteraan 4 Luc Hilderson dat sinds corona – sinds vorig jaar dus – de Jogging de Plombières (de fusiegemeente) over een nieuw parcours loopt. Dat wordt weer bang afwachten want in deze contreien liggen de uitdagende rondjes voor het oprapen. Ik loop hier overigens meer bekenden tegen het lijf dan ik vooraf had vermoed. Harry Haemers, de backbencher van Simpelveld, is er voor de derde keer in de vier wedstrijden van 2023. Eric Joway tekent ook present en laat al een stijgende conditiecurve noteren. Kon hij mij niet volgen in de finale van de Zatopek in Visé, laat hij me vandaag 3 minuten achter. En het doet ook altijd plezier een bekende, Alan Woolf, in blakende gezondheid te zien na enkele bijzonder moeilijke jaren.

Oh ja, zeg niet langer Challenge L’Avenir maar Challenge La Meuse. De organisator – ik zal hem dadelijk bij naam noemen – heeft een nieuwe sponsor aan de haak geslagen. Niet meer de regionale krant L’Avenir maar de Luikse klassieker, La Meuse, meer bepaald de editie Verviers. Overigens verandert er aan het stramien van het criterium niet zo veel. Er komen enkele langere lopen bij. Die ik waarschijnlijk toch niet meer zal betwisten. Van organisatoren gesproken, ik ben verbaasd de grote baas van de CLAP ( Challenge Cours la Province ) aan de start te zien. “Op bezoek bij de concurrentie?” lach ik. Als ik het bij de prijsuitreiking goed begrepen heb, heeft Pierre de loop van Montzen, hier in de onmiddellijke buurt, overgenomen en wil hij wat reclame maken voor zijn nieuwste aanwinst, die wel bij de Challenge La Meuse blijft.

Ik doe vandaag een “Chriske Wouters”, dat wil zeggen ik loop de twee wedstrijden, zoals de kleine Diestenaar elk weekend pleegt te doen. Bijlange niet zo snel en eigenlijk ook niet op wedstrijdtempo. Ik stond toevallig in de buurt toen de korte wedstrijd vertrok. Bij wijze van opwarming ben ik het pelotonnetje van de 4,7 km achterna gelopen en ik heb dan maar de volledige afstand op mijn gemakje afgehaspeld. Ik zal er straks mijn voordeel mee doen.

Bij het vertrek maken we een bocht vanachter het Centre Sportif en moeten meteen een flinke bult op om op de rijweg te geraken. Daar blijft het licht verder klimmen tot we na 500 meter linksaf worden gestuurd. Opvallend, we zijn met precies evenveel als in de eerste wedstrijd van de challenge in Visé. Ik ben goed gestart en moet in de afdaling die nu volgt ook flink aan de bak. Tenminste als ik niet het contact wil verliezen met Raymond Jungbluth en Cyrille Ryckebusch die in poleposition liggen voor het podium in mijn leeftijdsklasse. Na afloop blijkt echter dat ook Jean Dessouroux aan de start stond. Hij zal vijf minuten voor de tweede eindigen. Ik zie mijn zwijgzame categoriegenoot noch voor, noch tijdens, noch na de wedstrijd. Intussen gunnen mijn twee opponenten me geen seconde respijt en kan ik dus zeker niet genieten van de nochtans fraaie kronkelige passage door het weidelandschap. Dan gaat het weer 1,5km omhoog. Ik nader licht op Cyrille maar Raymond die daarnet nog naast me liep heeft al een kleine voorsprong opgebouwd, mede dankzij sluw afsnijwerk. Benoït Schoonbroodt is me daarnet op zijn mountainbike voorbijgereden. De challenge-voorzitter (of in elk geval de drijvende kracht achter het criterium) stond daarnet ook te filmen langs de weg. Ik kon niet nalaten het hoofd (figuurlijk) te schudden toen ik hem bezig zag met zijn smartphone in verticale positie. Leve de brede zwarte randen op het filmpje. De klim naar Moresnet-Chapelle duwt het gemiddelde meteen een 45 seconden omlaag. Maar ik heb mijn twee categoriegenoten nog altijd in het vizier. Een fikse afdaling leidt ons naar het centrum van Moresnet. Raymond is nu echt ontketend en neemt plots een flinke voorsprong. Mijn tempo is wel hoog genoeg om Cyrille bij te benen en achter me te laten. Maar ik voel zijn afwezigheid in mijn rug. We nemen een scherpe bocht naar rechts op de Rue du Village die er maar miezerig bijligt in dit mistige weer en gedeeltelijk opgebroken is door wegeniswerken. Ik sla de bevoorrading over en draai rechts op. Na een honderdtal meter op een smal aarden pad worden we een grote weide ingestuurd. We hebben ruimte zat om een spoor te kiezen maar het zompige gras en/of de modderige aarde kunnen we niet ontlopen. Links van ons stroomt de Geul. Die zal wel debet zijn aan de glibberige ondergrond. Ik probeer recht te blijven en toch een stevig ritme aan te houden om Cyrille niet te laten terugkomen. Maar ondanks het oponthoud bij twee draaipoortjes komt hij niet dichter. Gelukkig ben ik niet uit mijn lood geslagen door deze trailsector want op de hoogte gebracht door Luc Hilderson een uurtje geleden. Ik weet dat het een pijn van korte duur zal zijn – verder zal duidelijk worden waarom ik daar zo zeker van ben. Jammer is wel dat het enige vlakke deel van het parcours het tempo eerder afremt dan opdrijft. De weide is achter de rug. Nu duikt er plots een smal paadje met stenen op en even verder een steile maar gelukkig korte klim op een bospad. De slechte herinneringen aan de Bergerventrail worden even wakker. Hier gaan me twee achtervolgers voorbij maar Cyrille is daar niet bij.


FOTO

(Foto: Marie-Paule: Eindspurt. )

We zijn nu voorbij halfweg. Boven dat klimmetje van daarnet krijgen we een breed pad voor de voeten. Dat zou wel eens een oude trambedding kunnen zijn. Die is hier in elk geval niet verhard. Maar geen nood, ik hou wel van deze ondergrond en kan het tempo weer opkrikken. Ik haal hier zelfs op één seconde na mijn beste kilometertijd. Voor het eerst begin ik zelf terrein te winnen op mannen voor me, die allemaal afgescheiden tegen de vermoeidheid vechten. Even verder komen we op de verharde Ravel. We lopen sinds het verlaten van Moresnet in een groen decor. Dit is niet voor niets een Réserve Naturelle. Ik heb daarstraks bij mijn verkennende 4km-loop de kilometerbordjes zien staan van de laatste kilometers en weet dus precies wat ons nog te wachten staat. Onder meer en vooral dat het hier gedurende 2,2 km omhoog blijft gaan. Nu eens vals plat maar ook met twee stekels van rond de 5%. De vermoeidheid en de pijn in de benen beginnen te wegen maar niet meer dan bij de lopers in mijn buurt. Een groep amazones op hun paarden zorgt wel voor wat afleiding tijdens de lange inspanning. Ik win nog twee plaatsen. Cyrille is definitief achteruit geslagen. In de verte merk ik Raymond op. Hij heeft even stoom moeten aflaten na zijn furieuze eerste wedstrijdhelft maar aan de streep houdt hij nog twee posities en dertig seconden over. Ik geef mezelf nog eens de sporen in de laatste 400 meter in dalende lijn. En in een ultieme krachtsinspanning eindig ik nog voor Dominique Heusschen met een snelheidspiek boven de 15km/uur. Enkele meters slechts maar voldoende voor een bijzondere vermelding in dit verslag. De auteur is wel belanghebbende, dat kan ik niet ontkennen. En zo eindig ik met een prettig gevoel. Na een nochtans uitputtende loop. Het aantal klimmende meters overtreft immers de steilere dalende meters. En waar het wel vlak is werkt de ondergrond tegen. Hoe dan ook, het vernieuwde maar veeleisende parcours krijgt in elk geval mijn zegen. Voor wat dat waard is…


We blijven nog even na in het cafetaria waar ik me waag aan een lokaal blond biertje, de Brice. Wie bruin verkiest, moet vragen naar de Youp (die hier niet te verkrijgen is, maar soit). En voor wie het interesseert, de Brice en de Youp worden gebrouwen door brouwerij Grain d’orge in buurdorp Hombourg. De namen verwijzen naar de twee fanfares van het dorp. Met dank aan Julien Bertrang (veteraan 4, van deze côté afkomstig) en een onbekende vriendelijke klant, voor de uitleg. De prijsuitreiking begint en is zes namen verder alweer afgelopen. De kleine prijzentafel wordt maar matig geapprecieerd door de aanwezige deelnemers. Dan maar huis. Daar zullen we over een drie kwartier aankomen …tenminste als de schokdempers van mijn karretje de putten, spleten en bulten op de weg Aubel – Warsage overleven.



zon 19/02/2023 10.30u * Geer (CLAP) * 10,5km * 00:55:13* 11,4 * 82/164 * 3/7 * ♥♥♥

Ruim een uur voor de start is het al flink druk aan de nieuwe sporthal en nieuwe start- en aankomstlocatie van de Clap-loop in Geer, enkele kilometers ten westen van Waremme. Ze hebben daar de perfecte datum gevonden: geen concurrentie van andere lopen in de wijde omgeving en een tweede kans voor de Limburgers die geen zin hebben in modderglijden rond Alden Biesen. Er zullen uiteindelijk meer dan 400 deelnemers de start nemen in drie lopen die overigens terzelfdertijd vertrekken. Dat maakt het voor de organisatie al wat overzichtelijker dan drie verschillende starttijden. Nu nog zorgen voor een luidspreker. Dan had ik en de overgrote meerderheid van mijn collega's niet hoeven af te gaan op de plotse beweging van de massa om te weten dat we vertrokken waren. 

Na 700 meter komen we uit op het traditionele parcours van vorig jaar toen de loop vertrok vanuit de Ecole St. Joseph in het centrum van het dorp. Ook het centrum van de gemeente trouwens, want het piepkleine Geer is met zijn 3000 inwoners nog (altijd?) een zelfstandige entiteit. De eerste kilometer is voornamelijk (licht) dalend en geeft geen uitsluitsel over de conditie van de dag. De tweede kilometer wel: op  het licht stijgende beton voel ik al meteen dat ik het voorzichtig moet aanpakken. Ik zie Luc Hilderson langzaam wegschuiven maar weersta de neiging om in zijn spoor te kruipen zoals in Visé. Overigens ben ik wel verrast dat hij hier aanwezig is. De laatste jaren zie ik hem haast alleen in de Challenge L'Avenir, nu Challenge La Meuse. In kilometer 3 kom ik al wat beter in mijn ritme. Ik haal veteraan 4 Christian Vandevenne in. Het is voor het eerst sinds corona dat we elkaar nog eens treffen in een wedstrijd. Voor het overige schommelen de kilometertijden rond 5'15" wat ook mijn algemeen gemiddelde zal worden.  We hebben intussen afscheid genomen van de 15km-lopers die naar rechts zijn afgeslagen. We moeten nog even tussen een groep wielertoeristen laveren, nemen enkele vloeiende bochten in de dorpjes Ligney en Darion  en worden na enkele honderden dalende hectometers linksaf gestuurd, op een betonnen wandel-en fietspad langs de Jeker, deel van het Waalse Ravelnetwerk. Deze passage van ruim een kilometer ligt na vorig jaar nog vers in mijn geheugen. Dat zal straks even anders zijn. Ik zou de benen wel even willen ontspannen en het tempo een ogenblik willen laten zakken maar ik wil Luc Hilderson niet uit het oog verliezen. Dat gebeurt hier en daar ongewild waar hij verborgen wordt door een grotere loper achter hem. Bovendien hoor ik plots het gehijg van Michel Mancini achter me. Maar de twee bultjes op het slingerende pad slaan Michel enkele honderden meters verder weer achteruit. 

FOTO

(Foto Jo Defrère: Frankie Verluyten in de 15km. Om ook eens foto te plaatsen van een echte atleet...)

Na 4,4 km komen we weer even uit op het parcours in de eerste kilometer om te beginnen aan de tweede lus van de zogenaamde "Promenade du Geer". We verlaten even het Jekerdalletje (qua steiltegraad niet te vergelijken met mijn trainingsparcoursen) in de richting van Lens-Saint-Servais. Het is nu ongeveer halfweg. Als ik Luc nog wil bijbenen zal het in de nu volgende oplopende kilometers moeten gebeuren. De zesde kilometer wordt nipt de snelste van de loop ondanks een pijnopstoot in de rechter lende, een geschenkje van mijn 10-jarige herniavriend. Na een scherpe linkerbocht overbrug ik de laatste meters naar Luc op de steilste helling van de loop. Nauwelijks 2% dat wel, maar veel heb ik niet over. Precieze  herinneringen heb ik niet meer aan dit deel van het parcours. Ik begin me zelfs af te vragen op ik niet op het 15 km-parcours beland ben. Een blik op mijn Garmin stelt mij gerust. Ik heb de afgelegde kilometers dus duidelijk overschat ...of ik ben meer aan het afzien dan me lief is. 

Ik draai als eerste het smalle onverharde pad in na 7 km. We lopen nu door een bosstrook terug naar het dorp. De ruim anderhalve kilometer langs de Jeker (hier dus in zijn bovenloop), wordt slechts even onderbroken door een korte passage op een rijweg. Op deze single track word ik wel opgehouden door een loper voor me. Ik wacht nog enkele bochtjes om hem voorbij te gaan. Of beter, hij maakt zelf plaats om mij door te laten. Achter me heeft Luc een aantal meter moeten prijsgeven. Intussen ben ik door de eerste 15km-lopers voorbijgesneld. Ik geef nog even een aanmoediging mee aan Frankie Verluyten, in tweede positie. Zo snel is dus 17km/uur, bedenk ik, als ik hem met zijn hoog opgetrokken knieën en korte vinnige pasjes tussen de bomen zie verdwijnen. Ik ben bezig aan de laatste meters door het bos, op de Chemin de Saint-Hubert. Maar de heilige verricht geen mirakel en ik ken een moeilijk moment als de benen niet meer meewillen. Op de eerste dorpsstraten loopt het dan weer wat beter. Voorbij de rotonde voor de laatste licht stijgende 600 meter op de Rue de Boëlhe naar de finish.  Mijn plaats - precies in het midden van het peloton - kan ik zonder problemen veilig stellen. Mijn gewoonte om alleszins de laatste kilometer van een loop te verkennen komt me nu ook weer goed van pas. Het is hier onoverzichtelijk tussen de geparkeerde auto's en de dranghekken. Moeten we links of rechts lopen? Ik merk net op tijd de seingever op. Maar die is dadelijk ook weer verdwenen, stel ik later vast. Er moeten nochtans nog heel wat deelnemers binnenkomen. Nog een terugdraaiend bochtje en dan op grind naar de streep in de diepte naast de sporthal. Luc eindigt nauwelijks twee plaatsen achter me. De veteranen 4 hebben zich, op één uitzondering na, allemaal gemeld voor de 10km. De nummers 1 en 2, Raphael Van den Broeck en Nicolas Bynens, hebben het kaf van het koren gescheiden: respectievelijk 8 en 7 minuten voor mij.  De derde plaats heb ik wel kunnen bemachtigen.

FOTO

(Foto: Marie-Paule: Na de finish met Luc Hilderson)

Ik ben net zinnens om het fonkelnieuwe Complexe Sportif van Geer de maximumscore te geven (er is hier zelfs een lift) tot ik onder de douche kruip en daar een fontein ijskoud water over me krijg. In de andere kleedruimtes heersen trouwens dezelfde Siberische omstandigheden. De kantine is gelukkig behaaglijk warm. Bij de prijsuitreiking ontbreekt dan weer een microfoon. Ook hier is het behelpen met dank aan een jonge Geerois (inwoner van Geer en deelnemer) die zijn jonge, krachtige stem ter beschikking stelt. Prijzen zijn er gewoontegetrouw alleen voor de toppers. We blijven toch nog bij de laatsten in de ijdele hoop de hoofdprijs van de tombola weg te kapen. We nemen afscheid van onze tafelgenoten, Fabienne en Patrick en hun snelle zonen. De route naar huis loopt vanmiddag via een ruime zuidelijke bocht langs Luik. Tongeren staat vanmiddag immers onder het bewind van de carnavalnarren.


zat 04/03/2023 09u45 * Brunssum Vijverparkloop * 8 km * 00:41:38* 11,5 * ??/?? * ?/? * ♥♥♥♥

In deze wedstrijdluwe weekends is het wat zoeken naar een loopevent. En zo kom je dan in het oosten van Nederlands Zuid-Limburg terecht. Een korte loop in een park sprak me wel aan. Het hoeven niet elke week heuvelachtige omlopen op moeilijk terrein te zijn. Brunssum staat in hardloopmiddens bekend als de stad van de Parelloop. In de marge van die massaloop en als voorbereiding worden er "trainingslopen" georganiseerd in de drie parken die Brunssum blijkbaar rijk is. De Vijverparkloop is de laatste van de drie. Bij het aanmelden heb ik wel even met de ogen geknipperd: 3€ inschrijfgeld. Hier zijn nog echte vrijwilligers aan het werk. Ze leveren verzorgd werk af zonder toeters en bellen. Een inschrijvingstentje, enkele linten en een led-tijddisplay, dat is het zo ongeveer. De aankomsten (en de tijden?) van de individuele lopers worden manueel genoteerd. Er kruipt dus wel wat tijd in het opstellen van de uitslag... die na twee dagen nog niet online staat. Ik moet u dus voorlopig de naam van de winnaar schuldig blijven. En van andere deelnemers die in het verslag zullen opduiken. 

FOTO

(Foto: Het peloton, klein maar fijn. De winnaar staat rechts vooraan.)

De opwarming in drie rondjes is achter de rug. Die waren nuttig, niet alleen om de benen op bedrijfstemperatuur te brengen, maar ook om in de eerste ronde, in het spoor van de andere deelnemers, niet verrast te worden door een bocht of een oneffenheid van het pad. Zo'n twintig mannen en vrouwen zijn tijdig uit hun bed geraakt om hier om kwart voor tien de start te nemen. Naast me staat Burkhard Pütz uit Eschweiler, de enige bekende in de groep. Ik zag hem laatst ook in de Challenge La Meuse. En aangezien ik goed gezichten onthoud... Zijn naam heb ik uit de uitslag van de Jogging van Gemmenich gevist. "Drie, twee, een, start!" Hier geen bonkende muziek maar een rustige stem om het vertrek aan te kondigen. Hoe klein het peloton ook is, je wordt altijd meegesleept door de groepsdynamiek en dus loop ik ook hier mijn beste rondetijd (is hier zo goed als gelijk aan de kilometertijd) in de eerste ronde. Vanaf de tweede ronde zit ik dicht bij mijn algemeen gemiddelde van 11,5km/uur. Dat is het beste wat ik nog vermag. En dus moet ik ermee tevreden zijn. U ook, hoop ik. Vanaf de tweede ronde liggen de posities ongeveer vast. In de derde ronde haal  ik een dame in die ik daarvoor al even was voorbijgegaan. En die overigens net achter mij zal finishen. En in de laatste ronde kan ik nog een plaats opschuiven ten nadele van een collega die zijn krachten heeft overschat in het eerste deel van de loop. Echte toppers staan hier niet aan de start, leid ik af uit de tijd van de winnaar die mij toevallig ter ore komt. Namelijk 31minuten, even onder de 4 minuten per kilometer. Dat is wel snel genoeg om mij twee keer te dubbelen. Daarnaast hebben nog een viertal andere lopers me een ronde aan de broek gelapt. Terwijl ik rondjes aan het draaien ben - acht in het totaal dus - is het zaak de tel niet kwijt te geraken. Dat is wat mij overkomt in de vierde ronde. Voor alle zekerheid vraag ik even aan de dame achter me hoe ver we intussen zijn. Mijn Garmin had me ook het antwoord kunnen geven, bedenk ik achteraf. In de laatste ronde stelt een blik op het sporthorloge me wel gerust dat ik niet te veel ...of te weinig rondjes doe. 

FOTO

(Foto: Een van de sculpturen in het park.)

Ik ken intussen elke meter van de asfaltpaden waarop we onze 8 kilometer afwerken. De route wordt afgebakend door een minimaal aantal linten die bijzonder slim zijn aangebracht en geen ruimte laten voor twijfel. Het parcours laat een mooi bruggetje rechts liggen. Het zou wel een leuke passage geweest zijn maar minder snel ...en daar gaat het uiteindelijk toch om. We lopen langs de grasvelden. Maar goed ook, volgens Marie-Paule, want die liggen toch maar vol hondenpoep. In het park staan ook enkele beeldhouwwerken waarvoor ik alleen tijdens de verkenning oog kon hebben. Alleen de zuil in de grote vijver staat ook tijdens de loop prominent in de picture. Een meeuw volgt de wedstrijd trouwens vanop het kunstwerk. De zwanen en eenden brengen minder interesse op voor de vroege sporters. Ik zie twee delen in de loop: de eerste driehonderd meter aan de "achterkant" (zo voel ik dit deel althans aan) is eerder donker door de bomen en kronkelig. In dit deel liggen ook twee bultjes die elke ronde wat moeilijker lijken. Het pad is ook nogal hobbelig en helt aan de "kleine" vijver af naar het water. Daarna lopen we door het overdekte openluchttheater, gebouwd in de vorm van een amfitheater. 

FOTO

(Foto: Langs de grote vijver. Met een deelnemer aan de 4km die na zijn loop nog wat sprintjes trekt...)

Het tweede deel begint met een bocht rond een boompje, aangegeven door een op de grond gespannen lint. Hier zou je perfect kunnen afsnijden en enkele meters winnen. Maar iedereen - in mijn buurt althans - houdt zich strikt aan de voorgeschreven route. In de volgende zeshonderd meter maken we een brede bocht in hoefijzervorm langs de "grote" vijver. Op de langste rechte lijn van het circuit wil de wind wat tegenwerken maar na 200 meter worden we beschut door een hoge aarden wand en verder naar de finish toe door flatgebouwen. Daar is het voor een stijve hark als ik oppassen voor een bobbel in het asfalt, omhoog geduwd door een dikke boomwortel.  Na een moeilijke want snelheidsremmende bocht naar rechts zijn we aan het einde van de lus. Hier houden een aantal enthousiaste fans de wacht. Op de rest van het parcours heerst de rust. Die ongetwijfeld ook gewaardeerd wordt door de hengelaar in zijn schuiltentje. 

FOTO

(Foto: De oude bruinkoolgroeve. )

Ik sluit de sportieve uitstap naar Brunssum met een tevreden gevoel af. Dat zou een mooi einde van dit verslag geweest zijn...als Marie-Paule mij niet had gewezen op een informatiebord in het park. Wat blijkt? Het Vijverpark is aangelegd in een bruinkoolgroeve van een eeuw geleden. De hoge wand aan de noordzijde en de vijvers zijn het rechtstreekse gevolg van de ontginning in de groeve Brunahilde II, midden in de stad. 

(Foto's Marie-Paule. Laatste foto uit het gemeentearchief van Brunssum.)


zon 12/03/2023 11u * Herstal Jogging du Mayeur (CLAP) * 11,2km * 00:56:06* 11,4 * 53/78 * 1/3 * ♥♥♥

Met een jaar uitstel loop ik dan toch de jogging van La Préalle, in de noordelijke rand van Herstal. Vorig jaar hielden de orkaanwinden …en Marie-Paule me thuis. Het wordt daarmee mijn vierde deelname aan de CLAP-wedstrijd. Tussen 2012 en 2023 liggen minuten verschil aan de streep. Maar daar kan ik me niet meer druk om maken. “We zijn nog bezig” zoals mijn generatiegenoten zouden zeggen. Bij mijn aankomst in de moderne sporthal vallen de gele hesjes op van de talloze seingevers die hier verzamelen hebben geblazen. Ze zullen nog in beeld komen in dit verslag. Ik ontmoet enkele bekenden die gisteren hebben deelgenomen aan de Jogging de Saint-Martin, de eerste manche van de Condrusien. Zij geraken maar niet uitgepraat over de modder in de bossen van Nandrin. Tja, ik hou me de laatste jaren ver van de uitputtingsslagen in de Condroz. Wie ik er verrassend genoeg niet zie is veteraan 4, Nicolas Bynens, nochtans een “régional de l’étape”. Maar hij heeft gekozen voor de CJPL-loop in Deigné en verleent me daarmee een grote gunst. (Zie einde van dit verhaal.)

Tweehonderdvijftig meter na het vertrek – bij een terugdraaiende bocht – kan ik mijn positie in het peloton inschatten: ongeveer vooraan in het laatste derde. Dat komt overeen met mijn plaats aan het eind van de loop. Merkwaardig omdat ook de 6km-lopers samen met ons vertrokken zijn. In de eerste rechte lijn van zo’n 700 meter gaat me nog een groepje voorbij. Maar na de bocht naar de licht oplopende Rue sur les Thiers, nog altijd tussen de huizen, is het al ieder voor zich. Ik haal een kleine blonde dame in (van de korte of lange loop? wie zal het zeggen). Voor me beantwoordt een deelnemer al lopend een oproep op zijn smartphone. ‘C’est un coureur connecté” lacht een plaatselijke bewoner tegen zijn buur. Enkele mensen zijn buitengekomen om het gebeuren gade te slaan. De in een deken gehulde jongeman van daarnet leek dan weer niet bezig met de loop die voor zijn huis (?) voorbijkwam.


FOTO

(Foto: De sporthal van La Préalle)

Ik ben behoudend van start gegaan maar zie achteraf op mijn Garmin dat ik toch ruim onder de 5’30” blijf. Het goede ritme heb ik alleszins nog niet gevonden. Het wordt er niet beter op in km 4 en 5 die niet toevallig enkele procentjes of procentpuntjes omhoog gaan. Ik neem noodgedwongen ruim de tijd om de “fluo”loper voor me in te halen. Als dat dan toch gebeurd is kan hij wel niet lang in mijn spoor blijven. Daarnet zat er even een nieuwe kronkel in het parcours maar dit deel van de loop heb ik nog vast in het hoofd zitten. Onder meer de doortocht onder het viaduct van de E40 en (het vervolg) van de klim langs de spoorlijn. In de tijd toen de dieren nog spraken heb ik hier wel eens op de boemel gezeten tussen Tongeren en Luik Palais. Er passeert net een veel moderner treinstel op het traject tussen Milmort en La Préalle. Ik heb geen drank aangenomen aan de bevoorradingspost aan km 4,6 ondanks het vriendelijk verzoek van de juffrouw. Met wie ik overigens meeleef omdat ze haar taak moet uitvoeren op een groezelige plek onder een donkere snelwegbrug tussen de graffiti en het zwerfvuil. Het tempo verhogen zit er voorlopig niet in op een vervelend voetpad met losliggende tegels waar er bovendien nog moet geklommen worden.

Km 6 en het eerste deel van km 7 zijn achtereenvolgens vlak en dalend. Leuk om eindelijk in het goede ritme te komen en mijn gemiddelde weer wat op te schroeven. We maken eerst een lange bocht op de 1ère Avenue van het industrieterrein Hauts Sarts. Nu ik op de kaart de naam van de laan zie, herinner ik mij een loop in de genoemde bedrijvenzone. Ik duik in mijn archief en noteer het jaar 2003. We worden er niet jonger op… Les Hauts Sarts roept ook herinneringen op aan mijn beroepsverleden. Wie daar meer over wil weten vraagt dat maar eens bij een biertje. Moet ik mijn Leffe niet in mijn eentje drinken… ( Zoals dat vandaag door omstandigheden het geval is. ) Ik ben dus bezig aan een lange bocht waar geen einde aan schijnt te komen. Of toch, na anderhalve kilometer. Ik ben al enkele keren van “spoor” veranderd, nu eens op het fietspad, dan weer op het voetpad. Het fietspad loopt fijner maar ik verlies te veel meters want in de buitenbocht en spring dan toch maar weer op het voetpad. Ik hou me voorts onledig met het bekijken van de monumentale firmanamen op de bedrijfsgevels: Petit Forestier, Vincent Logistics, Deveux, enzovoorts. (De volledige lijst is beschikbaar bij de redactie.) De route langs de bedrijven komt tot een einde op een rotonde. Een politieagent en twee signaalgevers zorgen voor onze veiligheid. Een dame houdt een gigantische truck in bedwang tot ik voorbij ben. Rechtsop. Een nieuw pad in beton in zigzagvorm. Ik kan hier even achterom kijken: geen achtervolgers in zicht. We komen uit op een fietspad in beton. Een Ravel? Vroeger waarschijnlijk een voetpad, le Vieux Chemin de la Croix. Door de aanleg van het nieuwe pad is ook dit deel van het parcours gewijzigd: nu gaat het rechtdoor richting watertoren, in open veld boven op het plateau. En we zullen het geweten hebben. Wam… plots deelt de wind een klap uit die ons groggy slaat. We staan haast stil. Uit de ervaringen van Servais Halders vorig jaar heb ik geleerd dat de wind hier snoeihard kan uithalen. Er valt niet aan te ontsnappen. En we krijgen meteen een idee van wat ons te wachten staat: een streep rechtdoor naar de top. Ik krom de rug en probeer de balans te vinden tussen snelheid en uithouding. Ik verlies in elk geval geen terrein op mijn voorganger en houd mijn achtervolgers ook op afstand. In de laatste meters van de klim gaat mijn tempo wel nog flink naar beneden. Als ik dan eindelijk de top bereik op de Rue de Milmort en even wil ontspannen geeft de wind er nog een flinke lap op. Dat is gelukkig de laatste stuiptrekking van de grote blaasbalg. Ik heb de winderige kilometer 8 toch nog in een onverhoopte 5’45” weten te bedwingen.

Snel voorbij het kerkhof en dan in een pittig tempo (5′) de woonwijken van La Préalle in. Er volgen vier bochten in dalende lijn op het asfalt. Geloof het of niet, ik geniet van die rondjes in de stad. In kilometer 9 wacht een lange oplopende straat. De loper voor me die ik al achtervolg vanaf de windklim en nu maar enkele meters voorsprong meer heeft brengt me in verwarring door plots een zijstraat in te slaan. En te stoppen… Gelukkig kan een signaalgever me de juiste richting aanwijzen. Voorlopig zie ik geen ander lopend wezen voor me. In dit labyrint van straten zijn de aanwijzingen van de signaleurs essentieel. Half Herstal is dan wel opgetrommeld om ons de weg te wijzen, hier zijn er zoveel afslagmogelijkheden dat je snel het spoor, lees het parcours, kwijt bent. Ze hebben het zichzelf wel erg moeilijk gemaakt, de parcoursbouwers. Zeker als je deze pool van signaleurs moet inzetten voor een pelotonnetje van nauwelijks 72 man. Als dat maar blijft duren… Hoe dan ook, boven op de Rue du Bon Air laat de signaalgever er geen twijfel over bestaan. De arm uitgestrekt naar links (rechts voor mij): “C’est par la ruelle”, het is door dit steegje. 50 meter lang, een meter breed, de rechtergoot bezaaid met blikjes en flesjes. Gelukkig staat de Grand Nettoyage de Printemps voor de deur in Wallonië… Even verder een tweede pad, nu wel pico bello verzorgd, dat ons naar een hekken brengt. We lopen het domein van het sportcomplex in. Achter de sporthal is er geen mens te zien. Op goed geluk verder. Boven op een grasperkje moet ik toch weer de hulp inroepen van een collega die hier aan het uitlopen is. Nog een rondje boven rond de assenpiste , een bocht naar links aan de oranje kegel en ik overschrijd de matten van Pierre, alias O’Top, de tijdsopnemer.

Ik mag terugkijken op een degelijke wedstrijd. Vier plaatsen na me loopt Hugo Raddoux binnen. “Een gelukkig man” zo noemt hij zich zelf. Misschien niet alleen door zijn prestatie van vandaag maar ook door zijn ongewone carrièreswitch, nota bene op pensioengerechtigde leeftijd. Maar dat is weer een ander verhaal. Ik zal eerst dit verhaal afsluiten. Na de douche (dit keer met optimale temperatuur) en wat zoeken vind ik dan toch de weg naar het cafetaria. Net als ik binnenkom hoor ik “vétérans 4” en “Cortlevèn Willy”. Vlug de sporttas op de grond gezet en mijn prijs opgehaald bij wat wel een jury lijkt. Uit handen van de “Mayeur”, de burgemeester die zijn naam gegeven heeft aan de loop (?), of de Echevin des Sports, de Schepen van Sport (?). Hoe dan ook, ik zal plaats moeten maken voor een tweede “Mayeur”-beker in mijn (virtuele) prijzenkast.


zon 19/03/2023 11u * Bolland (Challenge La Meuse) * 9km * 00:51:19* 10,4 * 94/159 * 1/3 * ♥♥

Ik ben ruim op tijd in Bolland, in de groene ring rond Herve, maar voor een parkeerplaats in de nabijheid van start en aankomst ben ik ruim te laat. Er staat al een lange rij auto's langs de Rue de Noblehaye: van de deelnemers aan de trail die al van start zijn gegaan en van spelers en begeleiders van de jeugdvoetbalploegen die een wedstrijd spelen op de velden van RCS Bollandois. De 500 meter tussen mijn auto en de kantine kan ik voor de wedstrijd als opwarming aangrijpen. Maar diezelfde afstand tweemaal na de wedstrijd afleggen met een zware sporttas is minder aangenaam. Het miezert als ik aankom en na afloop is het al niet beter. Tijdens de loop zelf blijft het wel min of meer droog. 

De wedstrijd over negen kilometer die we voor de boeg hebben heeft twee gezichten: een lelijke tronie in de eerste helft, een sympathieke snoet in het tweede deel. Maar alles bij elkaar een mooie loop ... voor wie goede benen heeft. Dat is bij mij allerminst het geval, moet ik al vaststellen bij het inlopen. Ik hoop dan maar dat de sterk dalende aanvangskilometer me zal lanceren voor de rest van de loop. De kilometertijd ziet er op papier veelbelovend uit maar hij levert me niet echt veel vertrouwen op voor wat volgt. Dat is om te beginnen een steile klim, eerst op een hobbelig pad in het bos, dan op het asfalt. Zwaar hijgend en met loden benen bereik ik de piek na 1400 meter. Bij het bekijken van mijn Garmin-gegevens achteraf ben ik onaangenaam verrast dat ik al die inspanningen heb moeten leveren om een povere 400 meter te overbruggen. Ik kan wat bekomen in de volgende steile afdaling van 600 meter. Ik draai mooi rond maar blijf op reserve lopen. Beneden in het valleitje van de Rau de Bolland wacht ons weer een moeilijke passage. Ik ben wel enigszins opgelucht dat we niet links een bochtig bospad indraaien. Ik heb me daarnet bij de verkenning laten misleiden door de pijlen voor de trail die ook bezig is. Het gaat dus rechtdoor maar meedogenloos stijgend, tot meer dan 10% op enkele stroken. Het gladde asfalt van daarnet heeft hier plaats gemaakt voor een verhakkeld maar wel nog verhard wegdek. Ik krabbel naar boven maar vertik het om op stappen over te gaan, zoals ik sommige medelopers links en rechts zie doen. "Wat voor zin heeft dit allemaal?" maalt het in mijn hoofd.  Zou ik toch niet beter een punt zetten achter mijn competitieverhaal? Ik schuif die drastische beslissing nu al jaren voor me uit en blijf intussen maar verder ploeteren. Hoe dan ook, hier haal ik echt geen plezier uit. 

FOTO

(Foto: Winnaar Stéphane Koninckx en Aline Pesser. Foto van  SudPress genomen op de jogging van Plombières.)

Boven nemen we een bocht naar rechts. Ik piep even achterom. Geen gele trui te bespeuren. Luc Hilderson moest daarnet bij de eerste klim al achter blijven en lijkt voorlopig niet terug te komen. Het blijft vals plat omhoog lopen. Ik geraak maar niet in mijn ritme. Ook niet op de Mur du Couvent. Dat is geen muur maar een weg van waaruit we dadelijk een panoramisch uitzicht hebben op de weiden en heuvels van het Land van Herve. Ik kan er niet echt van genieten. Daarvoor zie ik te veel af... en is het weer te mistig. Het moeilijkste is achter de rug. Dat weet ik na eerdere deelnames, in 2018 en in de individuele "Connect"-loop in 2021. De tijden in de kilometers 4,5 en 6 mogen dan al wat beter zijn, ze blijven 15 seconden boven mijn kruissnelheid in competitie. Het is hier overigens wel leuk lopen in deze groene omgeving. De zesde kilometer slingert zich in brede bochten naar beneden... en weer omhoog. Die laatste klim verteer ik wat beter. Dan verlaten we weer de rijweg - overigens zonder verkeer - en draaien  aan een boerenerf linksop. Boven buigen we nog eens naar links af. We moeten opnieuw klimmen maar het is hier vooral vrij glad en de veldweg is in de eerste honderden meters bezaaid met keien en losse bakstenen. Ik heb hier wel minder spierpijn maar haal evenmin enige snelheid. Veteraan 2 Christian Denoisieux gaat me hier voor de tweede keer  voorbij en laat me op de Ravel definitief achter. 

Dit onvermijdelijke fietspad begint dicht bij het centrum van Herve en leidt ons terug naar de Bolland. "Courage, encore 2 kilomètres " hoor ik een signaleuse zeggen. En ik hoor het haar graag zeggen. 9 kilometer lijkt een niemendal maar in deze heuvelachtige contreien is dit ruim voldoende om je drie hellingen voor de voeten te gooien. We hebben nu een snelle kilometer voor ons: op het asfalt en heel lichtjes dalend. Alleen een scherpe U-bocht kan ons even afremmen. Eindelijk voel ik me weer wat loper. Bij het terugdraaien kan ik even de verschillen opmeten ten opzichte van enkele bekenden: Sandra Delrez heeft een kleine 2 minuten voorsprong. De tijden dat ik haar inhaalde na twee derde wedstrijd zijn ook vervlogen. Dan is het rechttoe rechtaan naar de finish.  De benen beginnen eindelijk wat soepeler te draaien, merk ik op de laatste glooiingen. En zo eindig ik dan toch nog met een goed gevoel. Het is dan ook dubbel jammer dat ik op een lullige manier nog twee plaatsen kwijtspeel. De streep ligt achter de voetbalkantine na een scherpe bocht. Maar een onverlaat heeft hier een afsluiting verplaatst (kan ik afleiden uit een filmpje van de aankomst van de eersten). Ik twijfel even of ik links of rechts van de "nadar" moet indraaien. De dame en de man die ik in de voorbije hectometers heb ingehaald en achtergelaten, glippen me weer voorbij. Ik spoel de kleine ontgoocheling door met een slokje sportdrank, was mijn vuile schoenen af ( het gevolg van amper drie meter diepe modder in km 2 ) en sjok terug naar mijn auto, vijfhonderd meter verder. 

Na een douche met de perfecte temperatuur in de voor het overige bescheiden accommodatie van de voetbalclub, neem ik de trappen naar de kantine voor de prijsuitreiking. Want nu Nicolas Bynens gekozen heeft voor een (rustige) trail, Luc Hilderson, naar eigen zeggen, te veel kilo's meesleept, Raymond Jungbluth nog niet echt hersteld is van een bronchitis en Jean Dessouroux dit seizoen spoorloos is, nu al deze voorwaarden dus vervuld zijn, krijg ik de eerste plaats bij de v4 in de schoot geworpen. Maar met de uitslag voor ogen, vraag ik me wel af hoe ik mijn prestatie moet inschatten. Ondanks mijn belabberd gevoel laat ik nog 65 deelnemers achter me. Eénoog in het land der blinden? Ik drink nog een glas in het gezelschap van Raymond Jungbluth en Nicolas Bynens. Die laatste is van het extraverte type en babbelt met Jan en alleman. En zo geraak ik ook eens aan de praat met Aline Pesser, de "grande dame" van de Challenge L'Avenir/La Meuse, aînée 2 intussen. Benoît Schoonbroodt, grote manitou van de challenge, verslikt zich haast in mijn naam bij de prijsuitreiking maar geeft me zelfs twee prijzen mee, nu hij hoort dat ik niet van de "région" ben. Met een nog zwaardere sporttas - nu ook nog gevuld met een grote fles Val Dieu - en onder de motregen stap ik voor de vierde keer de Rue de Noblehaye af, terug naar mijn auto. Au revoir (?) Bolland...



zon 26/03/2023 10.30u * Barsy (Challenge condrusien) * 12,5 km * 01:18:02* 9,6 * 102/158 * 2/5 * ♥♥♥

Soms verbaas ik mezelf. Zoals deze week met mijn beslissing om in het overvloedige wedstrijdaanbod te kiezen voor de Condrusien. Hoewel het toeval ook een rol speelde. Ik had zaterdag de Lenterun in Vechmaal op mijn programma staan. Maar door omstandigheden moest ik mijn planning in de loop van de week omgooien. Na mijn verkenning in de buurt van de Herkebeek, in Vechmaal dus, wist ik dat er mij een wedstrijd op moeilijk terrein te wachten stond. Dan was de link met de trailachtige parcoursen in de Condrusien vlug gelegd. Ik speelde overigens al vanaf het begin van het seizoen met het idee om nog eens naar de Condroz af te zakken. Het was al van 2019 geleden dat ik de sympathieke organisatie van Gaetano Falzano nog eens met een bezoek vereerd had. Bovendien ben ik altijd benieuwd naar een nieuwe loop op de agenda. 

Barsy dus. Dat is... ver. Rond de negentig kilometer van huis. Het gehucht hoort bij de gemeente Havelange waar ik twee maal was voor de intussen verdwenen Tîdges d'Havlondje van dezelfde challenge.  Maar de laatste kilometers zuidwaarts naar het dorpje zijn me onbekend, stel ik vast achter het stuur. Dit is trouwens al de provincie Namen. De nuchtere lezer vraagt zich nu wellicht af of je gewoon gek of heel gek moet zijn om zover te rijden voor een loop van een (dik) uur. Tja, een flauw excuus zou kunnen zijn dat er nog een Riemstenaar, Bert Ernest, de verplaatsing maakte voor een loopje van 6 km... Hoe dan ook, we worden verwacht aan de Salle Le Clavia. Die ligt in "the middle of nowhere". Die nowhere is wel erg mooi, ten minste als het weer wat meewil. Hier is er nog rust en ruimte. En vandaag dus vooral regen, wind en voorjaarskoude. 

Mijn categoriegenoten Noël en Gaetano lachen als ze me plots zien opduiken in dit godverlaten oord. (Bij manier van spreken, er is wel degelijk een kerk.) Op aanraden van de twee Falzone's (Croce is er ook) trek ik mijn trailschoenen aan. En houd ze aan, ook al blijf ik tot voor de start twijfelen vanwege de asfaltkilometers in het parcours. 

Bij de start is mijn regenjack al helemaal nat. Door het klimmetje in de eerste hectometers zal de lichaamstemperatuur alvast wat aangezwengeld worden. Na een kleine kilometer verlaten we het asfalt en worden een veldweg ingestuurd. Daarna krijgen we gedurende een anderhalve kilometer gras onder de voeten. De trailschoenen bewijzen hier al meteen hun nut op de weiden. Modder is er niet echt maar de regen heeft de geïmproviseerde paden wel glibberig gemaakt. Aan km 3,3 draaien we een asfaltwegje op. De smalle rijwegen slingeren zich hier tussen de weiden en de bossen en zijn naar Waalse normen in merkwaardig goede staat. Ik ben rustig gestart, geheel volgens mijn plan er vandaag een veredelde training van te maken. Nu op het verhard wil ik wel even het tempo opdrijven. Dat kost aanvankelijk wat moeite : de voorzichtige foulée (paslengte) op het gras hangt nog in mijn benen en het gekletter op de hardere trailschoenen (bovendien zonder mijn reguliere zooltjes) is ook niet echt aangenaam. Na 4,5 km draaien we het linksaf naar een privédomein. Van een kasteel waarvan ik de naam niet heb kunnen terugvinden.  (Of hoort het intussen toe aan de organisatie  Farm for Good?) In elk geval, dit is een bijzonder fraai hoekje in het valleitje van de Ruisseau de Barsy. We zijn intussen in het gehucht (of nog kleiner?) Emeville. We lopen even door het kasteelpark met mooie vijvertjes. Daarna gaat het verder op een goed beloopbaar bospad. Voorlopig licht stijgend en niet te glad. Na een bocht wordt het pad veel smaller en gaat een honderdtal meter steil omhoog. Ik klauter stapvoets naar boven. We worden er opgewacht door een fanfare die ons moed inspeelt voor de resterende 7 kilometer. Het blijft wel stijgen. Voor die zesde en zevende kilometer heb ik wel telkens meer dan 7 minuten nodig. Een klad lopers is me nog voorbijgegaan tijdens de passage in het bos. Maar ik me laat niet opjutten en neem het zoals het komt. En het komt met dikke klodders modder in een weide en later op een veldweg. We zoeken naar de minst natte strook... zonder die echt te vinden. Hoe dan ook, ik begin nu lopers voor me in te halen. De dame in zomertenue die daarnet achter mijn rug kwam piepen, moet weer afhaken. De volgende kilometer asfalt op het plateau doet deugd, ondanks de wind die hier samenspant met de regen. 

FOTO

(Foto: Jacques Wasterlain: Laatste meters.)

De diepe modder hebben ze opgespaard tot km 7,6 voor een kilometer ploeteren in een lichtbruine smurrie. Ik laat het niet aan mijn hart komen, maak het mezelf niet te moeilijk in het zoeken naar een droog spoor (dat er sowieso niet is) en loop dwars door de plassen. Voor me zie ik een man twijfelen tussen lopen en stappen. Niet doen man, want ik haal je in. Na een rechterbocht biedt een pad tussen de bomen wat beschutting en eindelijk wat vaste maar wel natte grond onder de voeten. Ik trek even door maar moet 400 meter verder alweer vechten tegen het sinistere duo regen-wind. Niet dat het me nu nog buitenmate hindert en al zeker niet irriteert. We lopen rond het "Rond Bois". Vanaf km 10, in de richting Barsy en nu op het asfalt. De eindmeet komt in zicht. Ik herken de rijweg die me daarstraks naar deze verborgen streek heeft geleid. Ik schakel over op een hogere versnelling voor zover de trailschoenen en de modderstrapatsen van de vorige kilometers dat nog toelaten. Op een hoogte in de open vlakte haalt de wind nog eens uit. Maar ik ben "zen" vandaag en doe stoïcijns voort. We draaien een grindweg op naar de Ferme de Froidefontaine (ook voor overnachting, zegt booking.com). Het voor deze loop ongewone wegdek maakt na enkele honderden meters weer plaats voor gras of wat daarvan overblijft. Aan km 11,3 wacht er nog een fikse afdaling waar ik mijn evenwichtskunsten kan uitproberen. Met succes. Ik blijf recht en doe beter dan mijn v4-kompanen Noël Heptia en Michel Mancini die alle twee kennis hebben gemaakt met moeder aarde, stel ik achteraf vast.

Voor we de laatste kilometer in het dorp binnenlopen worden we nog eerst door een weide gestuurd. De strook doet denken aan de laatste kilometer in Vyle-et-Tharoul, hier ook in de buurt. Ik herken het profiel van Françoise Piscart, de loopster voor me. In de klim, door die weide dus, haal ik haar in. En dat is een eeuwigheid geleden. Zij zit er volledig door, jammert ze, als ik informeer naar wat haar overkomt. In de laatste kilometer golft het fel op en neer. Ik voel me nog goed, zowel in de afdaling als in de laatste klim naar Le Clavia. En kan nog een plaatsje (of twee?) goedmaken.  

Bij het overschrijden van de aankomststreep - waar ook een orkestje speelt, onder een tentje wel te verstaan - krijg ik al meteen mijn plaats mee bij de veteranen 4 : tweede na Noël, weliswaar op ruim 5 minuten. Dat is een meevaller. Die sterke winnaar van Nandrin zit vandaag blijkbaar knus aan de haard. Tegen de verwachtingen in en na enig overleg met mezelf ken ik me drie hartjes toe. Niet op basis van de koele cijfers (gemiddelde van 9,6 km/uur) maar van het loopgevoel. Een trail moet je met een andere mindset aanpakken dan een stratenloop, dat heb ik vandaag geleerd... 

FOTO

(Foto: Aurélien Giard: Op het podium met Noël Heptia (midden) en Gaetano Falzone, derde en voorzitter van de Challenge.)

En nu een lekkere douche. Noël wijst naar een tentje in de parkingweide. Het zeil aan de rechterzijkant waar ik nog een plaatsje kan vinden wappert in de wind en raakt dadelijk helemaal los. We staan op het gras en zijn blootgesteld aan de ijzige wind en aan de blikken van voorbijgangers. Gelukkig zijn er voldoende douchekranen, is het water heerlijk warm en zijn we in de doucheruimte beschut door een steviger plastic wand. Je voeten wassen of een poging daartoe doen, is zinloos: we staan in een  lichte moddersoep. Met de nodige acrobatie - om mijn  broek niet te bevuilen - en met de hulp van Bert Ernest, kan ik me dan toch aankleden. Ik haast me naar de zaal. De schande van de kleedruimte wordt goedgemaakt door een royale prijs en geluk bij de tombola. Ik mag een zakje aardappelen mee naar huis nemen. Oh ja, er waren douches in het gebouw maar die wilde de ASBL Dynamique Villageoise niet ter beschikking stellen...  

Bij aankomst heb ik het risico genomen mijn wagen te parkeren op de parkeerweide in de buurt van de zaal. Vier uur later bij mijn vertrek slaak ik een zucht van opluchting als ik mijn auto door de zompige weide kan sturen, het asfalt op. De voorziene strobalen hebben hun werk gedaan. Dan gaat het over een andere route, via Seraing, terug naar huis. Alleen even onderbroken door twee noodstops... En om te eindigen: een dankjewel aan de signaalgevers die de elementen trotseerden voor ons sportief plezier.


zon 02/04/2023 15.15u * Borgloon Mariënloop (HSLC) * 10,9 km * 00:59:29* 11 * 107/152 * (65+) 5/9 * ♥♥♥

De tweede editie van de Mariënloop in Borgloon is van datum veranderd, van eind augustus naar begin april. Het waarom van die verplaatsing op de kalender is mij niet bekend. Maar daarmee komt de Helpshop-run wel in het vaarwater van mijn geliefde wielerwedstrijden op TV. Na veel wikken en wegen heb ik dan toch voor de jogging gekozen. Het schitterende parcours rond het klooster van Colen heeft de doorslag gegeven. En dat is gelukkig ongewijzigd gebleven. Op het aantal deelnemers heeft de datumwijziging nauwelijks invloed. In het fotoalbum van vorig jaar merk ik wel wat gezichten op die ik dit jaar vergeefs heb gezocht. Maar dat kan ook toeval zijn. Voor die Limburgse wedstrijd moet ik wel mijn gewone competitieroutine omgooien. Ik geef veruit de voorkeur aan een loop in de voormiddag. Toegegeven, er zijn ook (organisatorische) argumenten voor een start na de middag, zoals Stefan Meekers me na afloop in de kleedruimte duidelijk maakt.

Het kwik heeft vandaag een flinke duik gemaakt en de meeste deelnemers blijven zich lang schuil houden in een zaal van de Stroopfabriek, euh het Fruitbelevingscentrum aan het Stationsplein. Ikzelf begin al drie kwartier voor de start aan mijn opwarming. En sluit aan in het 6km-peloton dat net vertrokken is. Op de hoogte van het klooster verken ik nog even de lus die we straks in het laatste deel van de loop voor de voeten krijgen. Over eventuele modder op het onverhard hoef ik me alleszins geen zorgen te maken. Ik ben de laatste weken wel wat meer gewoon. 

FOTO

(Foto's Jens Riskin: Drie Tongerse vedetten in actie. Links : Silke Cuyx, Stijn Vanderbeuken. Rechts: Anouck Caluwaerts.)

Zoals de deelnemers die met mij in de achterste gelederen van het peloton vertrekken, krijg ik al meteen 15 seconden aan mijn broek gesmeerd. We worden allen in dezelfde tijd op pad gestuurd. Onze voeten mogen  in de eerste kilometer van diverse smaken ondergrond proeven: eerst harde kasseien, dan zacht asfalt en na 250 meter natte aarde. Daarna een streep asfalt op het fietsnetwerk waar we al aan het klimmen zijn. Na een zompige passage op het gras leidt een veldweg naast een plantage ons naar een eerste top. Maja Van Zand is net achter me gestart en blijft me volgen als mijn schaduw. We groeten en passant haar Alkense collega's Danny en Greta. Op het fietspad daarnet zijn we zelf ingehaald door Peter Salmon van Landen en Sebbie Maesen van Tongeren. Die twee zullen de hele loop in mijn gezichtsveld blijven, de ene al wat meer dan de andere. Na 1300 meter kunnen we even op adem komen in de afdaling... maar we zien de volgende top al voor ons liggen. We buigen voor het klooster rechtsaf en lopen door een valleitje naar de dorpskern van Kerniel. De organisatoren hebben de goede ingeving gehad boomschors te strooien op het smalle pad omlaag tussen de prikkeldraad. Beneden wacht fotograaf Oswald Paret ons op. Wie wil, kan nog even naar het vogeltje lachen voor hij/zij het korte maar stekelige klimmetje aanvat naar "de boom". Dat zegt de lezer waarschijnlijk niets maar na mijn loop en vooral verkenning van vorig jaar ken ik het parcours op mijn duimpje en heb ik een band opgebouwd met bepaalde natuurelementen onderweg. (Neen, ik ben niet aan het ijlen...) Er volgt nog een af en op- combinatie maar nu op het asfalt. Die tweehonderd meter bergop op de Leemzaal - dat is de naam van de straat -  doen echt pijn. Ik schakel over op een kortere paslengte en probeer mijn zware ademhaling onder controle te krijgen. We lopen weer de Sint-Annabeekvallei in. Om mijn voeten te sparen zoek ik een grindstrookje op naast de kasseien op de Odiliastraat. Aan het terras van 't Terraske - leeg in dit jaargetijde - draaien we linksaf naar het fietspad. Maja die al zo'n 2,5 km in mijn spoor volgt, voelt het kriebelen en gaat me hier even voorbij. Al die tijd loopt een andere Alkenloper, Jos Polders, zo'n twintig meter voor ons uit. Ik hou me bewust aan een voorzichtig tempo. Ik vermoed dat ik In de tweede helft van de loop nog wel de kans zal krijgen om hem bij te halen. De snellere 65-plussers hebben intussen al lang het hazenpad gekozen en zullen minuten voor me eindigen. Kris Govaerts is daar niet bij. De meneer van Maja volgt de wedstrijd - althans de start en de finish - noodgedwongen langs de kant en vanonder zijn pet. 

FOTO

(Foto Jens Riskin: Sebbie Maesen. Achter mij is Maja Van Zand in aantocht.)

We zijn nu op de snelste 2 kilometer van het parcours, tenminste in oostelijke richting, dus licht dalend. (We doen het fietspad straks opnieuw in tegenovergestelde richting.)  "Ik heb je haast niet horen ademen" zal Maja straks na de finish zeggen. Dat klopt misschien maar in elk geval doet mijn rechterbeen op deze snelle strook meer pijn dan me lief is. Die uitstralende herniapijnen begeleiden me nu al tien jaar. Er niet meer aan denken, dat helpt misschien. We halen een mooi tempo en genieten van de doortocht en de stilte in het bosje voor we de Weg Gors-Opleeuw opdraaien. We zijn nu 4 km onderweg. De langste stijgende strook van in totaal 2 kilometer wacht op ons. Gelukkig voelen alleen de eerste  700 meter op het asfalt echt als een klim aan. Ik probeer met kleine pasjes de pijn in mijn been te verlichten. Het is overigens ook tijd om Jos Polders bij de lurven te pakken. Dat lukt. Overigens gaat Maja als eerste voorbij haar clubgenoot. We hebben nog net voldoende adem over om elkaar te groeten en (met mate) aan te moedigen. Op deze koude aprildag zien we nog eens een zeldzaam levend wezen langs de weg. Of beter drie: twee dames en een viervoeter. Maja zucht eens diep als we het tweede, lichtere deel van de beklimming aanvatten, nu in een plantage. We lopen even tussen enkele huizen voor we na een scherpe rechterbocht een afdaling inzetten op een ruilverkavelingsweg. Het loopt lekker op de volgende 500 meter. Maja neemt even de leiding om mij uit de (matige) wind te zetten. Attent, maar niet echt nodig. Aan km 5,8 wijst mede-organisator Peter Vossius ons de weg naar een pad op een beboste wal. Ik weet van vorig jaar dat deze strook vanwege de vereiste concentratie lang aanvoelt. 1 kilometer, geeft de Garmin aan. Het smalle pad met hier en daar boomwortels drukt het tempo sowieso al. Bovendien staan er in dit seizoen wel wat plassen die ons tot allerlei min of meer gracieuze slalombewegingen dwingen. Er zijn geen andere deelnemers in de buurt en zo bereiken we zonder te veel stress weer het fietspad van daarnet. 

Ik sla de bevoorrading over. (Na de wedstrijd is er overigens jenever... die ik ook onaangeroerd laat.) Ik moedig Maja aan om weer aan te sluiten, ze heeft even een gat van zo'n 10 meter moeten laten. "Ga maar door" aldus mijn gezellin. Dan kan ik misschien een poging doen om de loper voor me in te halen. Dat is een bekende, Sebbie Maesen van de Tongerse Bolt-Lopers. Ik vermoed dat de ex-voetballer wat kilootjes heeft verloren en snelheid heeft gewonnen. Maar na zijn felle start in het begin heeft hij in de zevende kilometer heel wat van zijn voorsprong moeten prijsgeven.  Ik drijf het tempo op in de richting van 't Terraske, u bekend van 5 km geleden. Na een moeizame passage op de nu klimmende kasseistrook van de Odiliastraat, haal ik Sebbie in op de afdaling van de Leemzaal. En ga hem voorbij. Dat had ik beter niet gedaan. Want hij versnelt meteen en op het onverhard in de noordelijke lus maakt hij zich voorgoed uit de voeten. Het plankenpad in de vallei speelt ook niet echt in mijn voordeel. Ik blijf goed doorgaan in de negende kilometer, vermijd het mestvocht op de veldweg en maak me klaar voor de laatste en moeilijkste helling van het parcours. Ik verteer de bult op de ruilverkavelingsweg beter dan vorig jaar maar Maja is nog sterker. Zij was al opnieuw op enkele meters genaderd en haalt me helemaal in op het steilste stuk. Wat een karakter! Onderweg moedigt ze dan nog een collega aan om niet op te geven. Prompt gaat de jongeman ons weer voorbij. Nog even opletten bij de trapjes aan km 10 en dan in dalende lijn en met de hoogste snelheid van de hele loop naar de streep. Voorbij fotograaf Marc Nelissen die zich zo goed achter zijn lens verscholen heeft dat ik hem niet herken (waarna hij zelf zijn identiteit onthult) en voorbij de opgestoken duim van Sonja Vernikov, winnares bij de dames, die in tegengestelde richting aan het uitlopen is. We lopen zo goed als gelijktijdig over de streep. Vandaag was het: samen uit, samen thuis. 

Ik kan terugkijken op een aangename loop. Jammer dat ik niet als eerste Riemstenaar finish. Die eer is weggelegd voor Robert Theunissen. Ik kon hem net niet volgen. Robert eindigt... als eerste. Cindy is opgetogen over haar ventje Sebbie die onder het uur is gebleven. Door blessures moet zijzelf voorlopig toekijken aan de zijlijn. Ik haal mijn goodiebag op bij Nadine, aka mevrouw Jos Biets. Voor de douches pik ik de laatste kilometers van de Ronde van Vlaanderen nog mee. Geen sinecure zonder bril...  Na een sober drankje, afwisselend in het gezelschap van twee Alkense en drie Tongerse lopers, haast ik me naar huis. Om de innerlijke mens te versterken en nog wat na te mijmeren over de loop...

We blijven in de fruitstreek voor onze wekelijkse sportieve uitdaging. Vorige zondag Borgloon, vandaag Zepperen, volgende week Velm. Overigens zal ik de afspraak in Velm moeten afzeggen vanwege sociale verplichtingen. Jammer genoeg laat de zon verstek gaan voor de tweede editie van deze Kiwanis-loop en komen de bloesems niet echt tot hun recht. 

Ik ben ruim op tijd ter plekke en kan nog aansluiten bij de korte run om in te lopen en (misschien?) een deel van ons parcours te verkennen. Ik hobbel mee in de staart van het peloton en maak de hele afstand vol, ook al om niet verloren te lopen. Onderweg kan ik nog even keuvelen met Elke Hubrechts en Roland Vandenborne. Het parcours is trouwens gewijzigd ten opzichte van vorig jaar. Van de eerste editie blijven eigenlijk alleen de eerste en de laatste hectometers over, stel ik na afloop vast.  Is het nieuwe rondje sneller of leuker, of beide? Lees het antwoord in het verslag...

242 vertrekkers stormen de Kasteelstraat af om na 250 meter een onverhard pad te worden ingestuurd. We zijn meteen verlost van het beton. Want, als ik me niet vergis, krijgen we in de volgende kilometers nog nauwelijks beton onder de voeten. Hier liggen loopvriendelijke asfaltpaden tussen de plantages. Meer nog, er zijn hier zelfs nog onverharde wegen in het veld. Zoals het Begaardenpad in deze eerste kilometer. Begaarden zijn mannelijke begijnen, als je je zou afvragen wat die term betekent... We lopen twee houten bruggetjes over. Het pad, dat wat verder overgaat in verhakkeld asfalt maar goed beloopbaar blijft, slingert zich tussen de laagstamaanplantingen. We komen even in de omgeving van wat huizen voor we weer de velden opzoeken. Aan km 3,6 hebben we dan een eerste noordelijke lus achter de hielen. De eerste indrukken van het nieuwe parcours zijn alleszins positief. Ook het weer, hoewel fris en grijs, speelt ons in de kaart. Nog fijner, voor mij alleszins, is dat mijn benen heel wat beter aanvoelen dan vorige week in Borgloon. Ik zit vanaf de eerste kilometer in een goed ritme zonder evenwel te snel van stapel te lopen. De snelle starters heb ik meteen (moeten) laten gaan. Zoals Mark Geyskens en Bruno Broos, de Hesbignon-kompanen.  Ook Albert Vandensavel, nog een kennis van de Waalse lopen en zelf trouwens van het Luikse afkomstig, verdwijnt meteen in de dichte drommen lopers voor mij. Dat is merkwaardig omdat hij de laatste maanden met hartproblemen kampt. Beta-blokkers moeten hem behoeden voor overdreven inspanningen. Na een tweetal kilometer heb ik mijn plaatsje vast in het peloton. De collega's die me nu nog voorbijgaan kunnen verder ook niet echt afstand nemen. Sommigen onder hen zullen mij in de tweede helft van de loop weer van dichterbij zien. Of ze dat nu willen of niet... 

FOTO

(Foto Marie-Paule: De bloesems zijn me niet opgevallen tijdens de loop. De oudste deelnemer Pierre Hulsmans is op weg naar de finish.)

Ik voel dat de weg heel lichtjes begint op te lopen. Hoewel het een bredere weg is, draagt hij de naam Kattesteeg. Ik vermoed dat we het Melsterbeek-valleitje verlaten. Na twee bochten is de stijging wat meer uitgesproken. Hier, in het groen, tussen de plantages waar de bloesem zo discreet is dat ik er zelfs geen aandacht voor heb, moet ik de benen de sporen geven om mijn tempo te behouden. Een jongedame, Kim Koopmans neem ik aan afgaande op de uitslag, haalt mij in en gaat me vriendelijk glimlachend voorbij. Die glimlach kunnen ze mij al niet meer afnemen. Mijn plaats wel, maar dat is voor over een dikke kilometer. De vijfde kilometer en vooral de pittige stijging in de laatste meters van de klim leveren me de traagste tussentijd op. Hoewel die met 5'23" nog best mag gezien worden. Op een scherpe bocht naar rechts waar mijn Garmim-tempografiek een scherpe neerwaartse piek vertoont, moet ik de benen pijnigen om het tempo weer op te schroeven. We bevinden ons nu op een plateautje, tussen de boomgaarden uiteraard, van waaruit we een mooi uitzicht hebben over deze stille omgeving. De anderhalve kilometer op de Honsbergweg is letterlijk en figuurlijk een hoogtepunt van het nieuwe parcours. Ik zet mijn inspanning voort, ook op de drie korte knikjes die we moeten overwinnen. Ik nader op het groepje dat nu al enkele kilometer voor me uit loopt. Sebbie Maesen, die vorige week nog van me wegliep in de slotfase, betaalt het gelag van mijn forse inspanning. Hetzelfde lot is Katleen Moors van Hoeselt Run beschoren. Kim Koopmans die mij al een kleine kilometer gezelschap houdt, kan nog een tikje sneller. Ze haalt het groepje in en laat mij achter. Aan km 6,6 beginnen we aan de afdaling, terug het dal in. Mijn snelste kilometertijd van de loop is in de maak. Een tweede Hoeselt Run-loopster Valerie Vandecaetsbeek voor me sputtert nog wat tegen maar zal na de doortocht aan de kerk (zie foto) ook haar plaatsje moeten afstaan. 

FOTO

(Foto Marie-Paule: Doortocht aan de kerk. Voor mij (niet zichtbaar) en achter mij een loopster van Hoeselt Run. )

In Zepperen hebben ze de kerk in de vallei gebouwd. Daar lopen we naartoe. Via een smal paadje, en na het ontwijken van enkele bloembakken, doorkruisen we het centrum van het dorp tussen "Taverne Haspengouw" links en "Het Elfde Gebod" rechts. Hier had ik wat (of veel) meer ambiance verwacht. Het weer zal er wel voor iets tussen zitten maar vooral het feit dat het epicentrum van de loop zich helemaal buiten het centrum bevindt. Hoe dan ook, de passage binnen het domein van de Sint-Genoveva-kerk is ook aangenaam zonder rijen supporters. Dit plekje heeft Marie-Paule uitgekozen voor haar traditionele fotoreportage. Na enkele weken afwezigheid is ze weer present. Na de doortocht op het fraaie klinkerpad aan de kerk en een korte passage langs een laagstamaanplanting komen we uit op de Kerkveldstraat, een woonstraat. Op deze zondagmiddag heerst hier perfecte rust. Ik heb de indruk dat de straten in de omgeving afgesloten zijn voor het verkeer. Hoe dan ook, de organisatie is af. Ik zoek het midden van de weg op om enkele millimeters af te snijden in de bochten. De Hoeselt Run-loopster moet een tiental meter laten maar zal uiteindelijk toch nog in mijn spoor eindigen.  Na twee bochten komen we op een rijweg uit, de Driesstraat. Ik herken het parcours van de 5km. Ik vond het al een vervelende strook tijdens de verkenning. En nu hoop ik er ook zo snel mogelijk van af te zijn. Dat gebeurt in de op een na slechtste tussentijd van de loop. De lichte tegenwind en de overgang naar de boomgaarden rechts op hobbelige kasseitjes, maakt het er niet beter op. Ik pep mezelf op in de wetenschap dat er weer een mooi asfaltweggetje volgt en dat de streep niet ver af is. Er duikt toch nog een snellere finisher achter mijn rug op. Ik kan hem niets verwijten, hij is zelfs zo vriendelijk mij aan te moedigen. De laatste loodjes wegen nog even door. Daar is de megafoonstem van Rik Donckers en de laatste rechte lijn. Ik pers er nog een spurtje uit. De jongeman die een halve kilometer geleden nog uitgeteld leek, gaat mij in een ultieme krachtsinspanning toch nog voorbij. Andere achtervolgers blijven waar ik ze het liefst zie, in de achtergrond. De beloning voor het uurtje  afmatten is zoet: een mooi en onverhoopt gemiddelde. Voor een keer geen achteruitgang tegenover vorig jaar. Hoewel vergelijken moeilijk is door de wijziging van het parcours. Het rondje lijkt in elk geval een fractie sneller dan vorig jaar.

Ik breng nog een uurtje door in de "feestzaal" van de Haspo-school. In het gezelschap van een kanunnik van Wilderen en enkele vrienden, ook uit de omgeving. Bruno Broos beleeft zijn "moment de gloire" op het podium van de 65+ Naast hem staat Albert Vandensavel. Een medisch enigma?! Mark Geyskens van zijn kant blijkt onvindbaar in de uitslag... 

Ik informeer even bij de (ex-?)Luikenaars Fabienne Leroy en Angel Fernandez hoe zij in het Limburgse circuit zijn gerold. Als afwisseling voor de platgetreden paden van de Waalse challenges, vertellen ze mij, en omdat ze intussen streekgenoten geworden zijn. Ze hebben een stekje gevonden in Vechmaal en zijn verliefd geworden op de omgeving. Een gevoel dat ik deel na deze loop...


don 04/05/2023 18u30 * Diepenbeek Campusrun * 10km * 00:53:37* 11,1 *195/366 * ??/?? * ♥♥

Lang voor valavond heerst er al een festivalsfeer op de campus van de UHasselt, nog aangezwengeld door het zomerweertje dat ons vandaag te beurt valt. Ik heb deze week dus gekozen voor de Campusrun, meteen mijn eerste deelname aan de loop in het universitair domein van de Universiteit Hasselt. De voorziene competitiepauze van een tiental dagen kwam me net goed uit na een dipje door een verkoudheid. Bij de trainingen van de laatste dagen kwam het er vooral op aan het lichaam in beweging te houden en terzelfdertijd te laten herstellen. Dat lijkt voor de start min of meer gelukt te zijn. Een sterke prestatie mag ik vandaag nochtans niet verwachten.

FOTO

(Foto: Met Ronny Maes, een kennis van de... Luikse lopen.)

Jammer want bij hoge uitzondering is dit parcours nu eens biljartvlak en zou het de ideale gelegenheid bieden om nog eens een gemiddelde in de onmiddellijke buurt van de 5min/km te halen. Dat zal er helemaal niet uitkomen, voel ik al in de eerste kilometers. Het duurt zo'n 700 meter voor we wat beenruimte krijgen in het compacte peloton van bijna 500 vertrekkers (voor de twee wedstrijden). Ik probeer de traagste vertrekkers (die zich natuurlijk weer vooraan bevinden in het startvak) wel voorbij te gaan maar schuw te plotse versnellingen. Ik groet in het voorbijgaan even Ronny Maes (foto 1) en word op mijn beurt gegroet - en ingehaald - door het Diepenbeekse duo Patrick Vanaken en Erik Thoonen. De meeste deelnemers zijn studenten, vermoed ik, en mij volslagen onbekend. En uiteraard enkele decennia jonger. Het aantal deelnemers aan het Vandersanden Limburg Runs-criterium is beperkt. De ongewone wedstrijddag en het ongebruikelijke startuur is gekozen op maat van de studenten en zal de werkende gezinsmens minder goed uitkomen. Het parcours is uitgetekend in het groene beemdengebied van de Demer, in het eerste deel op fietspaden in beton. Nadat we de rivier voor het eerst hebben overschreden loopt de weg rechtdoor, afgezien van enkele lichte bochten. Na 2,5 km worden we scherp linksaf gestuurd. Ik kan de "snellere" (maar nog altijd matige) tijden van de eerste 2 km niet aanhouden. De benen willen niet echt mee en die 2,5 km voelen aan als de dubbele afstand. Na een tweehonderd meter op het asfalt gaan we over op het onverhard in een bosje. Ook de volgende 400 meter blijven onverhard. Het is wat zoeken naar een vlakke strook tussen de putjes en dat hindert me uiteindelijk meer dan de zon die we nu recht op de schedel krijgen. De volgende 500 meter op het voetpad van de Ginderoverstraat leiden naar twee bochten en terug de universiteitscampus in. De juffrouw van Hoeselt Run die daarstraks van me is weggelopen duikt na de bevoorrading plots weer vanachter mijn rug op. Er zitten nog twee stroken hobbelig gras tussen de drankpost en de streep. En een doortocht in een gebouw (dat van Fitlink, waar we straks onze Leffe zullen nuttigen?) Ik ben toch niet van het parcours geraakt en  in de "campustrail" (door de gebouwen van de unief) terecht gekomen? Maar mijn gezellen stellen me gerust. Hoe dan ook, die laatste kilometer is bezaaid met hindernissen en zal mijn gemiddelde nog een bijkomend neerwaarts knikje geven.  

FOTO

(Foto: Jean-Pierre aan de finish van de 5 km.)

Nog een ronde... De loop van Jean-Pierre Immerix zal er dadelijk wel opzitten. Ik ben voor het eerst sinds maanden weer op pad met mijn maat uit Veldwezelt. Dat hij er überhaupt nog bij is, mag door zijn knieperikelen als een half mirakel beschouwd worden. (De verplaatsing naar Diepenbeek met Jean-Pierre achter het stuur en Ria als copiloot achterin, is op zichzelf al een verslag waard. De privacyregels verhinderen echter een kleurrijke beschrijving van de geanimeerde dialoog tussen de echtelieden...)  Waar ik wel eens beter in mijn ritme kom in het tweede deel van een loop, worden mijn benen vandaag almaar zwaarder. Maar terwijl de plotse hitte de boosdoener bleek te zijn geweest voor de meest collega's heb ik zelf niet te veel last gehad van de uitbundige zon. In de zevende kilometer langs de Demer kan ik op karakter dan toch nog mijn tempo handhaven. Ik ben Wendy Stouten van Hoeselt Run weer voorbijgegaan maar zij blijft volgen op enkele meters. Zij blijft ook in het bosje aan km 8 in mijn spoor. Maar dan is het voor mij ongeveer op. Ze laat me achter op de hobbelige veldweg en zal geleidelijk meer voorsprong nemen in de kronkelige laatste kilometer. Merkwaardig genoeg blijkt die negende kilometer (gedeeltelijk op het onverhard) dan nog de tweede beste van de tweede ronde geweest te zijn. In die moeilijke tweede ronde raap ik wel nog een aantal studenten-deelnemers op. Er lopen vanavond nog al wat Chinese vrijwilligers mee: studenten Lichamelijke Opvoeding  die de 10 km als "studie"-opdracht moeten afwerken. Dank zij hen oogt mijn totaaluitslag nog aannemelijk. Ik giet het drankbekertje uit over mijn hoofd en beëindig met moeite en met de slechtste kilometertijd mijn eerste (en laatste?) Campusrun. De dame die de nummers inzamelt na de finish wil me staande houden. Maar ik maak haar duidelijk dat ik eerst even wil bekomen. Enkele minuten later krijgt ze dan toch haar gegeerd kleinood. 

FOTO

(Foto: Doorkomst na de eerste ronde. Wendy Stouten van Hoeselt Run verdwijnt net uit beeld.)

De klankboxen bonzen intussen op volle sterkte. Donderdag is blijkbaar fuifavond voor de studenten. Dat hebben we vanavond weer bijgeleerd. En nu ga ik rusten...

(Foto's: Marie-Paule)


vri 02/06/2023 20u30 * Huy Night Run* 10,6 km * 01:02:35* 10,2 * 393/541 * 4/8 * ♥♥

In de maand mei legt elke vogel zijn ei, luidt de spreuk. Wel, ik heb mijn ei niet kunnen leggen. Uitgerekend in de periode met wedstrijden te kies en te keur heb ik vanaf de zijkant moeten toekijken. Mijn laatste wedstrijd, de Campusrun in Diepenbeek, had veel of beter gezegd te veel gevraagd van mijn stroeve spieren. Felle pijn in de rug en achteraf in de aanhechtingsspieren van de bovenbenen maakten lopen zo goed als onmogelijk in de volgende dagen. Die dagen werden uiteindelijk twee weken zonder looptrainingen. Enkele stevige wandelingen hielden me wel in beweging maar toen ik het lopen dan toch kon hervatten, protesteerden de benen meteen. Ik moest zelfs herstel inbouwen na een rustige training. Uiteindelijk had ik pas tijdens het Pinksterweekend de indruk dat ik stilaan weer mijn oude, zij het matige, niveau bereikt had. Om dan na mijn laatste test woensdag weer depri thuis te komen. Datzelfde gevoel was me ook al de week daarvoor overkomen.  Hoe dan ook, ik wilde mijn heroptreden niet langer uitstellen na mijn ongelukkig wedervaren in Vottem. Want daar had ik vorige zondag mijn eerste wedstrijd gepland. Bleek dat de oude CJPL-wedstrijd die na jaren weer eens zou georganiseerd worden, uitgesteld was. Het piepkleine venstertje "Reporté" op de site was me ontgaan... 

"De wedstrijd gaat toch door? " vraagt Marie-Paule als we op weg zijn naar de Maasstad. Ja dus, en dat weten ook de meer dan tweeduizend andere loopliefhebbers. De 5km-lopers hebben de parkeerplaatsen in de buurt van de start dan al ingenomen. We moeten uitwijken naar de hoger gelegen uitvalswegen op een kilometer van de Avenue Delchambre. Een gezellig terrasje op de Grand-Place meepikken na de loop, zit er dus niet in. Veel volk in Hoei, zoals de traditie het wil, maar voor de 10 km-loop duizend man minder dan bij mijn vorige deelname in... 2016. Veel bekenden ook, bij de toppers en het voetvolk. Eén man kan je alleszins niet missen want je hoort hem onophoudelijk aan de microfoon, Armand Pirotte. Hij begroet Noël Heptia en uw dienaar met de woorden: "Daar zijn mijn twee tegenstanders van volgend jaar." Dan maakt de speaker ook deel uit van het selecte clubje v4's. "Hij is wel optimistisch voor de toekomst, onze Armand, althans voor mij, 

FOTO

(Foto: Louis Maréchal: Start van de 10 kilometer.  Enzo Noël maakt onmiddellijk duidelijk wie de snelste is. )

De start nadert. Ik schuif nog enkele rijen  op in het wachtende peloton en kom zo toevallig terecht in de onmiddellijke buurt van twee categoriegenoten... die dadelijk aan bod zullen komen in mijn verslag. "Soyez prudents" drukt Armand ons nog eens op het hart als we worden losgelaten. Die voorzichtigheid is al geboden op de startlaan. De Avenue Delchambre is dan wel een mooie met bomen omzoomde laan, het asfalt vertoont echter nogal wat spleten en oneffenheden. Ik houd het wegdek  nauwlettend in de gaten en blijf ook op mijn hoede voor uitwijkmanoeuvres van jonge, hevige en minder ervaren deelnemers bij het nemen van de bochten en het passeren van de "eerste" Maasbrug. Na een kilometer bereiken we de "tweede" Maasbrug en staat mijn snelste kilometertijd op de tabellen. Deze 5'11" is een opluchting na het gesukkel op training waar ik me soms moest tevreden stellen met 6'30". Ik kan een min of meer gelijkaardig tempo nog ongeveer twee kilometer volhouden met de steun van het vlakke profiel in het eerste deel van de loop.  Maar dan zijn mijn twee categoriegenoten van daarnet aan de start me al voorbij. Eerst Luc Hilderson, al in de eerste kilometer, daarna Michel Mancini, in kilometer 3. Michel zal Luc ook nog inhalen, ver achter Noël Heptia, die vandaag geen concurrentie heeft. Na een maand zonder wedstrijds- en zelfs zonder snelheidsprikkels houd ik me angstvallig aan mijn eigen tempo en blijf ik alert voor plotse pijnscheuten in de spieren.  We lopen intussen op mooie asfaltwegen in de buitenwijken van Hoei, nog altijd in de vallei. De plaatselijke bewoners zijn uit hun huizen gekomen. Hier en daar staan groepjes supporters. Hun luidruchtige aanmoedigingen snijden door merg en been. Ik ben nog niet echt in competitiestemming, zoveel is duidelijk. 

Na ruim 3 km is de "mise en jambes" voorbij.  Dat is het inlopen, zoals het in de parcoursvoorstelling van een krant genoemd wordt. We draaien rechtsaf. de weg begint nu langzaam op te lopen. De kilometertijd loopt ook meteen op maar blijft nog ruim onder de 6 minuten. We zijn nu begonnen aan wat dezelfde krant het middenstuk noemt. Ze hadden het ook de "pièce de résistance" kunnen noemen. Waar ik me enkele keren in  zal verslikken, overigens. De herinnering aan dat deel van het parcours is volledig vervaagd, moet ik vaststellen als de klimmetjes elkaar blijven opvolgen in de volgende 4 kilometer. De eerste klim is meteen de steilste en dwingt me tot wandeltempo. De 7'11" in kilometer 5 zal ik niet meer kunnen rechtzetten, als ik dat al zou willen. Ik draai de knop meteen om en probeer dan maar te genieten van de sfeer, het mooie parcours en de ambiance.  Ik heb nog even de illusie dat we nu een tijdje op een min of meer vlak plateau zouden blijven maar daar duikt het tweede klimmetje al op. Op de koop toe krijg ik nog last van een hoestbui. "Neen, ik rook niet" antwoord ik op een opmerking van een grijnzende medeloper. Een of ander beestje of pluisje is in mijn opengesperde mond gevlogen.  Ik zal nog een dikke kilometer op de bevoorrading moeten wachten om mijn geïrriteerde keel te kunnen spoelen. Intussen geraak ik niet meer onder de zes minuten per kilometer. Een tweede steilere helling na 7 km haalt de snelheid er weer volledig uit. Maar de mooie omgeving, de paadjes in het groen met hier en daar enkele huizen, de aanmoedigingen van de groepjes fans in de bochten, maken veel goed. Het gebrul van de fans klinkt nu aangenaam in de oren. In een van de villawijken in Tihange lopen we tussen twee hagen joelende supporters door.  En laat Michel en Luc dan maar voorsprong nemen. Die bedraagt overigens zo'n 4 minuten aan de finish. "Du jamais vu" om het met enige overdrijving te zeggen. 

De overvloedig opgelapte asfaltpaden in de groene gordel op het plateau maken vanaf km 7,5 plaats voor gladde asfaltwegen. De afdaling maakt het al wat makkelijker om de last van de kilometers te dragen. Want die is er. Door mijn tegensputterend rechterbeen kan ik niet echt veel voordeel halen uit de rush terug naar de Maasvallei. De dalingspercentages zijn op bepaalde stroken zo hevig dat ook volledig fitte lopers moeten afremmen. Na heel wat draaien en keren zijn we weer op het vlakke in of tenminste nabij het centrum van Hoei. In de laatste kilometers hebben de parcourstekenaars een rondje sightseeing in Le Vieux Huy voorzien. Inclusief een doortocht op een middeleeuwse "ruelle". De losliggende kasseitjes en de stilaan invallende duisternis eisen alle concentratie op. Nu, ik zal wel meer vaart maken dan de minderbroeders die hier destijds voortschuifelden. Nog een bocht, rijen toeschouwers langs de kant. "Allez Willy": Marie-Paule neem ik aan, die ik zal moeten zien terug te vinden in de massa. Wanneer zijn we er eindelijk, op de Grand-Place voor het stadhuis? Daar hoor ik de stem van de onvermoeibare Armand Pirotte. De aankomstboog... en de jonge Rachel die me nog voorbijschiet.

Voorbij de streep. Marie-Jeanne helpt manlief Michel Mancini in zijn trainingsvest. "Pas opnieuw bezig?" vraagt Michel. Hij schrijft mijn tegenvallende tijd toe aan mijn trainingsachterstand. Ik hoop voor mij dat hij gelijk heeft... Nog even Noël gegroet en dan maar meteen richting lage landen...

Overuren voor uw verslaggever. Nauwelijks twee dagen na mijn vorige post kruip ik alweer in de pen (achter het klavier) om verslag te doen over een nieuwe loop. Ja, dat komt ervan als je voor de tweede keer in drie dagen aan de start van een wedstrijd staat. De competitiehonger is natuurlijk groot na een maand pauze maar   ook door "familiaal-organisatorische" omstandigheden spreekt een nieuwe wedstrijduitdaging me meer aan dan een saaie training op platgetreden paden. 

Grâce-Hollogne, op de Haspengouwse vlakte aan de westelijke zijde van de Luikse agglomeratie, een dik halfuur van mijn thuisbasis, lijkt een gepaste keuze. Het parcours loopt op verharde wegen en is vergelijkbaar met wat ik hier in de velden onder de voeten krijg. Ik zal er ook niet te lang hoeven te zoeken naar een parkeerplaats. Meer nog, ik vind een plekje op nauwelijks enkele meter van de kantine/douches. Veel toeloop verwacht ik overigens niet in dit weekend met een overvolle wedstrijdagenda. Een kleine 130 man zullen de weg vinden naar het voetbalveld van FC Horion aan de rand van het dorp dat meestal in één adem genoemd wordt met buurdorp Hozémont. De politie is ook al vroeg op post, evenals een grote groep signaalgevers. In dit kleine gezelschap lopers vallen ze nog meer. Overigens niets mis met het blauw en het geel, integendeel.  Een mij onbekende man groet me vriendelijk. Later blijkt het schepen van sport Geoffrey Cimino te zijn. Nog iemand die blij is dat ik er ben. De andere is... zie verder. 

Ik heb ruim de tijd om in te lopen en bij te praten met enkele bekenden. Met Philippe Fourny die het ook niet kan laten, het afschuimen van wedstrijden. Daar is eindelijk nog eens Eddy Hoylaerts. Dus toch nog eens in een wedstrijd? Voor het eerst dit jaar, aldus mijn verse categoriegenoot van het naburige Saint-Georges. Wel nog vijf trainingen per week maar vanwege persoonlijke redenen nauwelijks nog aan de start van een wedstrijd. Voor het eerst dit jaar ontmoet ik ook Lucien Collard, opgewekt en dartel als altijd. Hij is me in elk geval nog niet vergeten. "Ik heb daarstraks nog aan je gedacht" lacht hij. Tja, in zijn favoriete challenge, de Condrusien, zal hij me niet vaak zien. Zelfs op het stratenparcours van vandaag moet ik niet minder dan 8 minuten toegeven op de laatstejaars veteraan 3. 

Ik vertrek in het midden van de groep en baan me onmiddellijk een weg naar voren, voorbij de deelnemers en deelneemsters die ik zo op het eerste gezicht als minder snel (of nog trager) inschat dan mezelf. Het verdere verloop van de wedstrijd wijst uit dat met mijn spontane beoordeling correct is. Ik wil niet te traag starten om de loomheid na de Night Run uit de benen schudden. Dat is althans de bedoeling. Bij het inlopen had ik alvast een beter gevoel dan gevreesd. Dat belet niet dat ik na anderhalve kilometer al zware benen heb. We zijn dan bezig aan een klimmetje op een mooie betonweg tussen het hoge, want niet gemaaide bermgras. En al voorbij een slingerende passage tussen enkele huizen. Ik ben intussen ingehaald door een jongere loper die snel afstand zal nemen. Niet moeilijk te onthouden want hij zal de enige zijn in heel de wedstrijd die daarin zal slagen, tenminste na de aanvangskilometer. Linksaf nu... op een veldweg in een bosje. Kurkdroog maar hobbelig. Hopelijk zijn we er snel vanaf. Na tweehonderd meter behoort de enige onverharde passage tot het verleden. In de open vlakte heb ik een goed uitzicht op mijn "voorlopers" die nu al bijna allemaal alleen onderweg zijn. Een korte afdaling naar een woonstraat in wat Hozémont blijkt te zijn. De vierhonderd meter afdaling hebben niet echt voor soepelheid in mijn benen gezorgd. De daaropvolgende knikjes in het dorp nog minder. Even verder, opnieuw bergaf, haalt een tweede loper me in.  Voorlopig tenminste. Aanmoedigingen van toeschouwers hoef ik niet te verwachten. Die zijn er nauwelijks. Wel zorgen de signaalgevers en - geefsters voor morele steun. We laten de "Rue ruelle basse" rechts liggen. Is die Rue in de naam niet overbodig? Met dat soort overpeinzingen hou ik mij onledig om een andere belangrijkere vraag uit de weg te gaan.: "Zal ik het wel volhouden?" We zijn nog maar een goede 3 km ver, er wacht mij nog een moeilijk halfuur. Na een linkse bocht draaien we de Rue du Huit Mai in, rechtdoor, 3% stijgend. Aan de bevoorradingstafel links haal ik de man in het zwart weer in. Maar nadat hij zijn dorst gelest heeft, gaat hij mij even verder weer voorbij en neemt op het vlakke gedeelte een grotere voorsprong. Intussen hebben we twee dames ingehaald, van de 5km-wedstrijd blijkt later. In de verte zie ik de rotonde beschreven door Eddy. We zullen hier een lus maken en de klim van daarnet straks nog eens moeten nemen. Enkele dames begeleiden ons figuurlijk met aanmoedigend applaus. Rechts wordt mijn aandacht getrokken door een kasteel (dat we straks ook aan de achterkant zullen passeren). Negentiende-eeuws en te koop... 

Verder op de Rue des Blancs Bastons. Waar is de tijd dat ik met veel appetijt de kilometers vrat op dit soort  rechte wegen? Ik voer mijn eenzame strijd verder op de Rue des Quatre Fossés. Kijk, dat is de passage waarvan de herinnering nog ergens onder mijn schedelpan vasthing. Van in 2015, toen wel in februari op een langer parcours met meer deelnemers. Meer dan een kilometer duurt het eer ik boven ben, aan het huis rechts (foto 2). Ik heb wel de indruk dat de man in het zwart niet verder van me wegloopt. Ik hoor voor het eerst de geluiden van het nabijgelegen vliegveld van Bierset terwijl een dalend vliegtuig voor enige afleiding zorgt gedurende de inspanning. 

Een scherpe bocht naar rechts. Ik gluur even naar mijn horloge. Nog maar zes kilometer voorbij! Heb ik me daarnet verkeken op mijn Garmin of is het een vorm van zelfbedrog? We lopen nu met de wind in de rug. Voor het eerst voel ik de hitte die er in de open velden hangt. Weer een rechte streep van 600 meter met enkele huizen op het einde. Een bewoner volgt zowaar de loop voor zijn deur. "Courage" klinkt het als ik voorbijloop. Merci monsieur, het zal nodig zijn. 

Hoor ik daar een auto afkomen? Het was mij al opgevallen in de westelijke lus van het parcours (eerste deel van dit verslag). Wat een rust heerst hier! Geen enkele auto te bespeuren, zelfs nauwelijks een geparkeerde auto langs de weg. Het hele parcours van zo'n 8 km (een deel doen we tweemaal) is afgesloten voor het autoverkeer. Hoe spelen ze het maar klaar? Met de hulp van de politie en het gemeentebestuur, uiteraard. En met de hulp van vrijwilligers-signaleurs op elke straathoek. En dat waren er nogal wat in het eerste deel. Het is overigens ook een politiewagen die ik daarnet gehoord en gezien heb. 

Km 6,6: de Rue des Rochers. Die ik hierbij uitroep tot het mooiste stukje parcours: kronkelend, in het groen, op mooi asfalt. Na 500 meter (matig) genieten is het weer tijd voor het moeilijkste deel van het parcours, de tweede beklimming van de Rue du Huit Mai. Tenminste in theorie, want de klim ligt mij redelijk, matig tempo of niet. Ik ben daarnet op de Rue des Rochers al flink genaderd op de man in het zwart. Het scenario op de klim kan ik al voorspellen. Ik zal mijn collega weer inhalen als hij zijn bekertje gaat ophalen aan de bevoorradingspost. We nemen samen de laatste meters van de klim. Ik vermoed dat we nu aan de rotonde van Lexhy naar links zullen afbuigen, naar de finish. Toch maar even gevraagd aan mijn gezel. Die luistert naar de naam Pierre Persoon, lees ik later in de uitslag. Tot mijn opluchting bevestigt hij mijn vermoeden. Ik heb echt geen zin meer in nog een lusje. Benieuwd of Pierre nu op het vlakke weer zal versnellen, zoals bij de eerste doortocht. Ik heb de indruk dat hij op zijn hartslagmeter loopt: rustig bergop en versnellen op het vlakke en in de afdaling. Maar dat gebeurt nu niet meer. 

We draaien linksaf. De weg loopt kaarsrecht naar de finish. In de verte ontwaar ik de zwarte MJ-boog. Dit moet de langste laatste rechte lijn van het Luikse circuit zijn, zo'n 800 meter. Ik probeer mijn tempo te bewaren, rond de 5'30". Beter lukt niet, de rechterhamstring roept me ter orde als ik probeer te versnellen. Mijn gezel vindt het ook goed zo, of kan ook niet beter. Er heerst stilte langs de weg. Er weerklinkt alleen een "Allez Willy" van Lucien Collard. Door mij zelf uitgelokt, maar zeg dat niet verder. We naderen de finish, zonder woorden. Ik ga toch geen spurtje trekken, denk ik. Ook niet nodig, de veteraan 1 lijkt in de laatste meters even in te houden. En zo kom ik op plaats 41 over de finish. Eén seconde sneller dan mijn jongere collega. Het is maar dat u het weet. Even een handshake met Pierre. Na het inleveren van mijn nummer en enkele slokken water zie ik Eddy Hoylaerts binnenlopen. Vier plaatsen en een minuut achter me: tweede veteraan 4, na de net genoemde Willy. Nog even op de foto met Eddy. De publicatie op de site van de gemeente zal nog wel even op zich laten wachten. Na de douche in het gezelschap van vooral podiumlaureaten - die willen dadelijk fris voor de dag komen - beloon ik mezelf met een blonde Leffe in het gezelschap van Philippe Fourny. Eddy en Lucien zijn al naar huis. Ik pik ook nog de prijsuitreiking mee... als toeschouwer. De schepen van sport bedankt terecht de sportdienst van de gemeente en de talrijke vrijwilligers. Op de terugweg naar huis worstel ik met de vraag of de 5'30" per kilometer nu mijn maximumgemiddelde zal blijven. Of dat ik nog hoop mag koesteren op een hoger tempo als ik mijn trainingen weer wat kan opdrijven. Zo niet zal ik mijn quoteringschaal naar beneden moeten bijstellen om nog eens drie hartjes binnen te halen...


zon 11/06/2023 11u * Montzen (Challenge La Meuse) * 8,3 km * 00:51:47 * 9,6 * 108/152 * 4/5 * ?

Het dorpspleintje van Montzen, op enkele kilometers van de Duitse grens, mag dan een van de mooiste locaties van mijn loopwedstrijden zijn, de ongenadig brandende zon verjaagt de wachtende deelnemers naar een zijpad waar er wel nog wat schaduw is. Marie-Paule heeft een nog koeler oord opgezocht, de Sint-Stefanuskerk... Ik mag hopen dat zij een schietgebedje zal prevelen voor een degelijke wedstrijd. Ik heb goede herinneringen aan het korte rondje: uitdagend met twee hellingen in een aangenaam groen decor. Voorheen werd de loop wel vroeger op het seizoen georganiseerd. Of de datumwijziging te maken heeft met de nieuwe organisator/organisatrice is me niet bekend. Dat is de schoondochter van tijdsopnemer Pierre Olivier. 

De aankomstboog heeft het een halfuurtje voor de start begeven door een stroomonderbreking.  Dan maar zonder. De streep is verlegd naar het zijpad waarvan sprake in de inleiding. Bij de voorstelling van het parcours door Pierre Olivier wordt me duidelijk dat niet alleen de datum is gewijzigd maar ook het rondje. De afstand is wel dezelfde gebleven. Vandaar dat het niet in mijn hoofd is opgekomen om het trac  nog eens te bekijken. Het was overigens netjes opgenomen in de wedstrijdinformatie van de O'Top-site. Mijn fout...  Uiteindelijk blijkt ongeveer een derde van het oude rondje behouden gebleven... maar dan in tegengestelde richting. 

We beginnen met een afdaling door wat het centrum van Montzen moet zijn. Na 300 meter begint het al te klimmen. Luc Hilderson is dan al op kousenvoeten van me weggeslopen. Ik zie het gebeuren maar heb noch de benen, noch de zin om hem te volgen. We slaan voor de spoorwegbrug rechtsaf voor 700 meter klimmen op de Klinkenweg die we in vorige edities dalend namen. Ik hoor vooral gehijg van collega's die voorbijschuiven. We draaien linksaf, even dalend, om dan weer naar rechts af te buigen op een smal stoffig pad langs de spoorweg.  1200 meter kaarsrecht, op de kaart aangeduid als Ravel L 39.  Dat is dus een onverharde Ravel naast een spoorlijn naar Welkenraedt die nu nog sporadisch zou gebruikt worden. Ik heb nu een matig ritme gevonden dat ik kan volhouden tot we rechtsaf worden gestuurd, weer de spoorlijn over. Ik probeer wat afleiding te zoeken door de weiden rechts te overschouwen. Dat de weg al een tijdje vals plat omhoog loopt, voel ik nauwelijks. De hitte des te meer. 

Na de tweede passage over de spoorweg gaat het stijgingspercentage de hoogte in, voorlopig nog redelijk en vooral in de schaduw van een bos. Twee knikjes omhoog worden weer gevolgd door een korte afdaling. Ik ben dan al even even op stappen overgegaan en moet vanaf km 3,3 voor langere tijd stapvoets omhoog. Een kilometertijd van meer dan 9' is het verdict van wat Pierre Olivier een "c te castar" noemde bij de parcoursbeschrijving. Overigens ben ik hier niet alleen in wandeltempo onderweg. Eenzaam hoef ik me niet te voelen... De weg naar de top is overigens geasfalteerd en best aangenaam... voor wie zonder haast op stap is. Als we dan eindelijk boven gesukkeld zijn, gaat het de volgende kilometer verder op smalle en slingerende paden. Ik kan een soepele cadans onderhouden tot de afdaling zich aandient. Op nog smallere en steil in de diepte duikende geitenpaadjes. Na 400 meter zijn we af van de trailellende maar heb ik natuurlijk weer heel wat tijd ingeleverd en de jongens en meisjes achter me opgehouden. Ik heb dan zelf maar plaats geruimd. Overigens zal ik er straks in de afdaling weer enkele bijbenen. De lus in het bos is nu achter de rug en kan ik een slokje nemen aan de dubbele bevoorradingspost, voor km 3,4 en 5,4. Even verder is er nog water in de aanbieding. Ze hebben wel goed voor ons gezorgd tijdens de loop. Jammer genoeg draait de drankvoorziening na de finish in een knoop. En is men ook door de voorraad bekertjes heen. 

Vanaf nu is er er alleen nog afdaling of zo goed als. Vanaf km 6 herken ik de Rue du Ch teau de Graaf die we vroeger als beklimming op het bord kregen. De asfaltweg loopt langs enkele milde bochten terug naar het dorpscentrum. Voorbij de eenzame boerderij en de vijver aan het vervallen ch teau (neem ik aan). De zon laat zich weer ongegeneerd gelden. Ik kan het hoofd nog net koel houden onder mijn pet. Niets houdt me tegen om me in vliegende vaart naar beneden te reppen... behalve mijn versleten benen, mijn rechterhiel die de laatste weken weer begint op te spelen en mijn tegenpruttelende rechter hamstring. Met een handbeweging bedank ik enkele plaatselijke bewoners voor hun aanmoedigingen.. en tel de hectometers af. De laatste kilometer op beton. Hoe deugddoend het applaus ook is in de laatste meters, op geen enkel ogenblik heb ik me in wedstrijdstemming gevoeld. 

De douchetent blijkt overvol en ik beslis impulsief om dan maar meteen terug naar huis te rijden. Maar eerst nog een pintje drinken. Waar kan dat beter dan in het lokale caf  "La Chope"? (De pint). Carlos de Almeida en Patrick Renard, daarnet nog actief als drankbevoorraders na 6 km, hebben de weg naar de dorpskroeg al gevonden. Hun wederhelften waren trouwens ingeschakeld aan de inschrijvingsdesk. Marie-Paule overtuigt me om nog een tweede douchepoging te wagen. Om dan op weg naar huis, fris gewassen, een tussenhalte in te lassen. Nu heb ik de deugddoende waterstraal voor mij alleen. Uiteindelijk blijven we dan nog een tijdje hangen bij Luc Hilderson en zijn echtgenote Augustine. 

(Foto's: Marie-Paule)


zon 25/06/2023 14u45 * Hoeselt Run * 10 km * 00:59:51 * 10 * 119/173 * (50+) 11/?? * ??

De afspraak voor de populaire loop in Hoeselt had ik vorig jaar al met mezelf gemaakt. Het 10 km-rondje leek me leuker dan de 10 mijl-loop (met een bijhorende lus) die ik net achter de rug had. Intussen is er al heel water door de Winterbeek gevloeid, is mijn fysieke paraatheid verder afgetakeld... en heeft mijn bereidheid om spierpijnen en andere lopersongemakken te verdragen een fikse knauw gekregen. De voorinschrijving biedt net dat tikkeltje meer stimulans om toch maar te starten. Ook omdat het weerbericht van de laatste dagen de twijfels om toch maar thuis te blijven nog heeft aangewakkerd. 

Ik haal mijn nummer op bij mijn lieve (ex)-collega Ingrid en slenter dan wat rond in de buurt van de startlocatie, op zoek naar wat schaduw en naar kennissen die ik er nauwelijks zie. De meeste bekenden hebben gekozen voor de 10 miles, heb ik daarstraks langs het parcours kunnen vaststellen. Ik heb mijn kortste "opwarming" sinds jaren achter de rug, als de bombastische en wat mij betreft irritante starttune wordt ingezet. Ik vertrek uiterst voorzichtig en niet alleen (en zelfs niet in de eerste plaats) vanwege de loden hitte. Ik probeer vooral wat soepelheid op te wekken in mijn spieren. Ik ben wel aangenaam verrast dat ik in de licht stijgende eerste 2 kilometer onder de 6'/km blijf. Daar ben ik in de afgelopen veertien dagen op "training" niet meer in geslaagd. Maar de stramheid blijft in mijn benen hangen.  De twee korte passages op kasseien (die we straks opnieuw onder de voeten krijgen) zijn een pijniging. Het parcours van de tien mijlen is ingrijpend gewijzigd. Dat van de 10 km blijkbaar ook. We nemen nu de Hardelingenstraat in tegengestelde, lees dalende, richting. Snelheid kan ik er nauwelijks maken. Aan km 3 begint ook de hitte te wegen.  De doortocht in het bos (in het Jachtdomein Hardelingen?) loopt nu licht bergop en duwt me boven de 6-minuten grens per km. Enkele collega's in mijn buurt hebben het nog moeilijker dan ik en zijn gedwongen tot wandelen.  Als ik de lopers voor me naar links zie opdraaien (km 4,3) krijg ik het antwoord op de vraag die me al een tijdje bezig houdt: langs waar verlaten we nu weer het Winterbeekvalleitje? We lopen de lus van vorig jaar dus gewoon in omgekeerde richting. De reden daarvan is me onbekend. Hoe dan ook, de klim op de ruilverkavelingsweg zonder naam, terug richting Hoeselt, in open veld en volle zon, gaat me beter af dan verwacht ,alle verhoudingen in acht genomen. Het tweede deel van km 5 en km 6 voelen aan als de sterkste (of de minst ellendige) van de loop. Dat heb ik voor een deel te danken aan een bekende, Fabien B. van Tongeren, die hier plots opduikt met een bidon koel water. Dat ik overvloedig over mijn hoofd giet en (te?) gulzig drink. 

We draaien linksaf voor een afdaling (even onderbroken door een glooiing) naar de brede Goosstraat. Zoals in de vorige afdaling heb ik het gevoel dat ik niet echt vaart kan maken. Het lijf sputtert tegen en de hitte draait zijn klauw almaar feller rond mijn hals. Voor het eerst in vele jaren en na talrijke lopen in de zon heb ik nu echt last van de warmte. Ik grijp even terug naar mijn verslag van vorig jaar. "Fantastisch loopweer" lees ik in de eerste regels. Toen liep ik misschien de beste prestatie van het jaar. In de uitslag zie ik dat Nikki S. die ik hier vorig jaar net voorbleef, dit jaar niet minder dan 11 minuten voor me eindigt. En dat heeft niet alleen met het weer te maken. Ik kan mijn tempo volhouden op het fietspad langs de Goosstraat tot aan de bevoorradingspost. Water over het hoofd, maar niet in de mond. Lauw en ondrinkbaar. Mijn enige kritiek op de  organisatie: de temperatuuropstoot was duidelijk aangekondigd en men had wat koeling kunnen voorzien. Ik had er vanmorgen, bij de 10 mijlloop, al geen goed oog in. De bekertjes werden al een halfuur voor de start gevuld... Ik sukkel naar de rotonde boven waar een groepje fans (zoals ook in de andere bochten) ons moed  toeklapt.  Ze hadden ons beter wat water toegegooid... maar nu ben ik ondankbaar. Terwijl het orkestje opzwepende noten blaast bereid ik me voor op de volgende uitdaging (of leg ik me neer bij het onvermijdelijke) op de steile klim van de Zandkuilstraat. Hier is geen lopen meer bij, ook niet bij de collega's in de buurt. Ik ben wel verbaasd plots de enige echte bekende in het peloton in te halen, Norbert Collas. Hij is compleet van de kaart. Ik kan het tempo nog even verhogen in de laatste kilometer. Fabien is daar weer met zijn bidon. Voor mij de man van de wedstrijd. Ik roep hem toe ook Norbert van zijn koele geneugten te laten genieten. Zoals ook daarnet op de klim zoek ik uitdrukkelijk de frisse straal van een tuinslang op voor het terras van de Hoesel r. Dan is het alleen nog aankomen en zien dat Danny (de kloek gebouwde man achter me op de foto) niet meer voorbijgeraakt. 

De finish gehaald, net onder het uur, meer moet dat vandaag beslist niet zijn. 

(Foto: Jens Riskin)


vri 04/08/2023 19u30 * Thimister Jogging du Cidre * 8,6km * 00:53:07* 9,5 *160/176 * 6/8 * ♥

De Jogging du Cidre, dat is de loop die Servais Halders heeft uitgekozen om opnieuw met de competitie aan te knopen, meer dan een jaar na zijn akelige val met de mountainbike. En dat is meteen ook de reden dat ik aan de start sta van de dertigste (!) manche van de Challenge de la Meuse. Het is inmiddels al zes weken geleden dat ik nog een wedstrijd heb betwist. Geen toeval, want gedwongen door de almaar feller wordende pijn in mijn benen (spierpijn en krachtverlies in het rechterbeen) en nog enkele kleinere ongemakken, loop ik de laatste weken in "ralenti". Ik heb intussen, na jaren aarzelen, de competitieknop omgedraaid. Ik ben er zelf wel verbaasd over hoe plots zich die verandering in mijn hoofd heeft afgespeeld, nauwelijks enkele maanden na een actief voorjaar. Hoe dan ook, ik hoop toch nog een aantal jaren te kunnen genieten van het recreatief lopen.  

Ik vertrek naast Servais die bewust het startgedrang vermijdt en de achterste gelederen van het peloton  heeft opgezocht. We worden meteen door een weide met hoog gras gestuurd. Of het niet maaien van het gras een zet is van de organisatie, is mij niet duidelijk. In elk geval, aangenaam is anders... De moeilijke ondergrond verhindert Servais niet om meteen een aantal trage lopers voorbij te gaan en snel uit mijn gezichtsveld te verdwijnen. Na 200 meter komen we op het goed lopende verhard, Ravel en woonstraten. Ik kies een trainingstempo dat mij alvast voorbij Julien Bertrang brengt. Laatste veteraan 4 ben ik dus al niet. Het parcours loopt in de eerste 4 km, dus de eerste helft, bergaf. Er zitten wel enkele bultjes in, waar ik overigens al twee maal op stappen overga. Ik kan wel genieten van het rondje, de doortocht in het centrum  tussen de hekken die klaarstaan voor een wielerklassieker voor juniores morgen en voorbij een trosje fans in een bocht. Even voorbij de eerste bevoorrading, na een dikke twee kilometer, duiken we een smal, donker pad in tussen de bomen. Ik heb snel mijn bril op mijn neus gezet en neem de raad van Raymond Jungbluth ter harte om de afdaling voorzichtig aan te pakken. Na 3 km lopen we het gehucht Bèfve in: het parcours golft hier op en neer. Ik ben bijna weer in het spoor van mijn voorganger in het wit geraakt als ik op het voetpad wat te nonchalant onder een laaghangende tak doorloop.  Verdorie, hier zitten doornen aan. Die schuren langs mijn wang links en mijn oor rechts. Als ik over mijn aangezicht wrijf, zit mijn linkerhand vol bloed. Pijn doet het niet echt, het is alleen wat vervelend. De bevoorrading met water komt goed van pas. Na een wrijfbeurt met twee bekertjes water kan ik weer verder. 

Hier begint de klim die ik ook al ken van vorige lopen in de buurt. De vijfde kilometer, de zwaarste, zowel qua ondergrond - wortels, stenen - als qua hellingsgraad, zal ik voornamelijk stapvoets afleggen. Ik ben hier moederziel alleen in het bos - niemand te zien, voor of achter me. Gelukkig zijn er voldoende pijltjes aangebracht, hier en daar staat een eenzame seingever. Tussen haakjes, ik zie op de Garmin-kaart dat het beekje hier rechts beneden "La Bèfve" heet. Zoals het gehucht.  We krijgen ook nog een strook weide te verwerken. De doortocht van de 162 lopers voor me heeft voor een platgetreden maar wel wat glibberige loopstrook gezorgd. Ik maak me de bedenking dat dit parcours weer niet de beste keuze is voor het heroptreden van Servais - zoals de intensieve estafette in Kortessem. Maar hij zal het er uitstekend vanaf brengen en de derde podiumplaats in de wacht slepen. 

Km 5,3: het onverhard heb ik achter de rug. De seingever wenst me nog "courage" voor het vervolg. Eerst 200 meter op heerlijk asfalt tussen de weiden. Ik word er zowaar even weemoedig van. Dit waren mijn geliefkoosde loopwegen in mijn goede tijd... Maar terug naar de harde realiteit. Linksaf aan een rijweg en rechts houden op het voetpad, maant de seingever me aan. Gelukkig heeft hij wat gezelschap om de achterblijvers - mij inbegrepen - de juiste weg te wijzen. Na een klimmetje vlakt de weg af. De 500 meter lijken veel langer. Ik ben hier nog steeds alleen en vraag me op een gegeven ogenblik zelfs af of ik nergens een pijltje gemist heb. Met enige opluchting zie ik dan ook een groepje fans staan bij de eerste huizen van Thimister. Ik schakel even over op wandeltempo voor de volgende bocht. Om de spieren te ontspannen na de ongemakkelijke halve kilometer op de smalle, hobbelige  gravelstrook die een voetpad moet voorstellen. Het levert me een salvo aan aanmoedigingen op van de supporters in de bocht. Niet opzettelijk gedaan maar het doet wel altijd deugd. 

Km 6,2. Ik sla rechtsaf naar de Ligne 38, de Ravel dus. Nog eens herhalen: dat is de Franstalige tegenhanger van het fietsnetwerk in Vlaanderen. Het letterwoord betekent: Réseau Autonome des Voies Lentes. Zo, weer iets bijgeleerd... Het wordt tijd om een tandje hoger te schakelen. Het mag ook weer niet te saai worden. De betonnen streep van 1,9 km biedt daartoe de gelegenheid. Ik heb overigens de man in het wit opgemerkt die na mijn onzachte aanraking met de doornentakken van me is weggelopen en daarvoor lopen de twee dames die me in het begin van de wedstrijd, bij mijn eerste wandelpauze, zijn voorbijgegaan. Het competitievirus steekt dan toch zijn kop op en ik ga in achtervolging op de  man en de twee vrouwen voor me. Echt soepel loopt het niet - de naar rechts afhellende weg en het licht oplopende profiel helpen ook niet mee - maar het gaat wel vooruit. Ik slaag in mijn opzet. De man in het wit blijkt bovendien een v4 te zijn, de mij onbekende Jean-Pierre Dufrasne, en zo schuif ik onverwachts nog een plaatsje op in de staart van de rangschikking. Julien Bertrang is overigens niet meer uit de achtergrond teruggekeerd. De twee dames zien we met verbazing voorbijknallen - in vergelijking met hun tempo uiteraard - vertelt één van hen, Mariette, me achteraf in de kantine, waar we toevallig aan dezelfde tafel zitten. Nog eens door het hoge gras van de aanvangsmeters en zo haal ik toch de finish... waar Servais intussen staat te rillen van de kou, zo lang heeft hij op me moeten wachten... Ook onder meer Luc Hilderson en Raymond Jungbluth  zijn dan al lang over de streep. 

Wat volgt is een uurtje gezelligheid in de kantine en een goede reden om ook in de toekomst de ambiance van de wedstrijden te blijven opzoeken.

(Foto: Marie-Paule)


zon 20/08/2023 15u * Ulbeek Loopt * 10km * 00:57:33 * 10,3 *37/41 * 5/5 * ♥♥

Een nieuwe naam op de wedstrijdkalender: Ulbeek Loopt. Georganiseerd door het Helpshop Loopcriterium maar geen deel uitmakend van deze reeks Limburgse loopwedstrijden. De bedoeling is door te groeien tot een volwaardige manche. Noem het een testevent voor organisatoren en lopers. Geen punten te verdienen dus en een broeierige temperatuur, genoeg om heel wat mogelijke belangstellenden af te schrikken. De twee wedstrijden samen moeten het met 88 lopers stellen. Ik ben er dus wel bij en de nieuweling heeft daarmee meteen recht op een verslag.  

De communicatie vooraf is vrij summier: niet iedereen kent het centrum van Ulbeek, een kleine deelgemeente van Wellen en zo moeten we even zoeken naar de startlocatie. Een beschrijving van het parcours is evenmin op het net te vinden. Ik gok op een vlakke en lichtlopende ronde. Maar dat pakt even anders uit, hoewel de tropische omstandigheden er uiteraard nog een flinke schep bovenop doen.  

In de kleine groep vertrekkers vallen meteen twee Luikse toppers op: Patrick Philippe en Irène Tosi. Zij zijn op zoek naar verharde wegen ter afwisseling van de bos-en trailpaden bij hun in de buurt. Jammer genoeg loopt twee derde van het parcours over hobbelige paden die ze nu net wilden vermijden...

We vertrekken onder de hoge bescherming van de Ulbeekse Patton Drivers. De brandende zon maakt de eerste kilometer, nochtans voor een groot deel op zacht asfalt, al tot een karwei. Ik loop meteen in de laatste gelederen van de groep, hoewel ik voorlopig nog het gezelschap heb van enkele bekenden. Na de eerste scherpe bocht komen we op een grindpad tussen de laagstamaanplantingen waar ik mijn gezellen al meteen moet laten gaan. Kris Govaerts, weliswaar ook heel langzaam vertrokken, is dan al wat verder weg en even later nemen ook Maja Van Zand en Jos Polders afstand. De eerste bevoorrading op de schaduwrijke en dalende Raamstraat biedt een tijdelijke verpozing voor mijn verhit lijf en zere benen. We draaien nu rechtsaf, de weg begint hier op te lopen. Gelukkig op asfalt en na tweehonderd meter met beschutting door bomenrijen links en rechts. Veel heuveltjes zullen hier wel niet zijn in dit deel van Limburg maar de organisatoren van Ulbeek laten de kans niet liggen om  de Oeterslovenstraat in het parcours op te nemen. Gelukkig heb ik de ervaringen van de 5km-lopers van daarnet meegekregen en weet ik dat een flinke knik op de ronde ligt. Hoe lang die is, zal ik zelf moeten ondervinden. Na iedere bocht leef ik met de hoop dat het de laatste van de klim is. Maar ik zal uiteindelijk een dikke kilometer moeten wachten tot ik helemaal boven ben.  Aan de scherpe bocht naar rechts staan er enkele toeschouwers achter een dranghekken, evenals een groepje vrijetijdsfietsers die naar beneden willen. Op een e-bike ongetwijfeld. Wat doen wij, lopers, ons eigenlijk aan?

FOTO

(Foto: Van links naar rechts: Gilbert Simal, Patrick Philippe en Irène Tosi.)

Opnieuw op een grindweg met voren en putten, hier en daar met een klad asfalt of beton, dwars door de plantages uit. De volgende anderhalve kilometer zijn overwegend dalend of vlak. In de korte open stukken blijft de zon ongenadig op het hoofd gloeien. Aan het Cultuurcafé de Bottelarij, in het fraai aangelegde centrum van het dorp, wachten de supporters ons op en wordt ons water aangereikt... dat ik overvloedig over mijn hoofd uitgiet. "Niet te gek doen" geeft 5km-loper en podiumlaureaat Jean-Pierre Immerix me nog mee. Zelfs als ik het zou willen, zou ik het niet meer kunnen... 

Ik ben ongetwijfeld als een van de laatsten doorgekomen aan de bevoorrading.  De rode lantaarn zal ik wel niet zijn. Ik vermoed dat er nog enkele lopers (hoeveel?) achter me zijn. In elk geval nader ik op een loper voor me die ik op het makkelijkste strook van het parcours (de eerste en zesde kilometer) inhaal en meteen ook achterlaat. De eerste ronde was al een beproeving, de tweede zal een overlevingstocht worden. De eerste doortocht door de plantages op km 6-7 gaat nog moeizamer dan in de eerste ronde. Voor het eerst stijgt mijn kilometertijd boven de 6 minuten. Ook voor David Coenen wordt het (te) moeilijk. Ik schuif weer een plaatsje op naar voren. De tweede beklimming van de helling in de achtste kilometer kost me nog meer tijd. Maar ik kan de verleiding weerstaan om te gaan stappen. Temeer omdat ik in de verte ook Jos Polders zie afzien. Hij moet enkele wandelpauzes inlassen en zo kom ik snel dichterbij. In de bocht boven ben ik haast in zijn spoor maar dan vindt hij toch weer even een beter ritme en duurt het toch nog anderhalve kilometer eer ik echt naast hem kom. De laatste honderden meters leggen we broederlijk naast elkaar af. 

De tweede ronde levert me een tweede hartje op. In het eerste deel van de loop was ik, ondanks een belabberd gevoel, verbaasd door mijn kilometertijden ruim onder de 6 minuten. Dat is op training stilaan een onbereikbare droom geworden. Het tweede deel heb ik de zware klus op karakter geklaard. Hoewel ik eigenlijk gekomen was om te genieten van de groepssfeer... De omstandigheden hebben er anders over beslist.

De prijzenkast van Ulbeek Loopt is flink gevuld voor de vele leeftijdsklassen en dus gaan door het kleine deelnemersveld heel wat deelnemers met een prijs naar huis. Voor de anderen (of voor dezelfden...) zijn er ook  nog tombolaprijzen. Jammer dat mijn Cristal-pak de 0,0% versie is... Later op de avond is het heerlijk toeven aan een terrastafeltje...


vri 25/08/2023 19u * José Jogging de la Fête  * 9,1 km * 00:55:30 * 9,8 * 95/117 * 4/5 * ♥♥

In de klassieke challenges zit er hier en daar nog een loopje dat ik niet betwist heb. Le Jogging de la Fête in José is er zo eentje. José is de wat gekke naam van een gehucht van Herve, de hoofdplaats van het gelijknamige Land waar ik al jaren, wat zeg ik decennia, de loopwedstrijden aan elkaar rijg. En misschien wel mijn beste herinneringen aan bewaar. In de eerste plaats aan de 4 cîmes van Battice, deelgemeente van Herve. De site van de CJPL quoteert de loop met 2 sterretjes, relatief gemakkelijk dus, en Nicolas Bynens weet dat het parcours vooral op asfalt is uitgetekend. Dat moet ik nog aankunnen...


FOTO

Foto: Start van de 2 en de 4 km. Op de voorgrond Robin Vrancken (499). Op de  achtergrond torent de grote Bert Ernest boven de groep uit. )

Een tiental Zuid-Limburgers melden zich aan de inschrijvingstafel onder de feesttent, hoog boven het groene weidelandschap dat zich voor ons uitstrekt. Daar zijn drie toekomstige podiumlaureaten bij: Jo Vrancken en Beny Stulens, respectievelijk winnaars bij de veteranen 1 en 2. En Robin Vrancken, zoon van, die volgens ooggetuige Marie-Paule een zekere overwinning ziet ontglippen door de ongewone ligging van de tijdmatten achter een hoek na de aankomstboog. 

We vertrekken met ruim honderd man. Niet de massa - die kan de Challenge van de Provincie Luik niet meer bij elkaar krijgen - maar toch met voldoende deelnemers om niet meteen te starten met het vooruitzicht bij de allerlaatsten over de streep te komen. Na nauwelijks honderd meter, achter een van de kermiskraampjes, draaien we scherp linksaf en komen we op een aarden pad terecht. Geen verrassing evenwel. De speaker heeft ons verwittigd, ook voor de modder. De zware regenval van vanmorgen heeft hier ook huisgehouden en heeft vooral voor grote waterplassen gezorgd. Natte voeten (bij mij één voet) zijn niet te vermijden. En ze zorgen uiteraard voor wat oponthoud. Wat verder is het nog even een aantal putten ontwijken op een pad evenwijdig met de A42-autoweg maar na een kilometer zijn we dan op goed lopend asfalt dat we de eerstvolgende 7 kilometer niet meer zullen verlaten. Kilometertijden zijn niet meer aan mij besteed maar het is wel jammer dat externe omstandigheden, in dit geval de wateroverlast, een snellere eerste kilometer hebben verhinderd. Die verloren seconden hebben mij misschien net boven de 6' grens geduwd. Hoe dan ook, we kunnen nu echt aan de loop beginnen en het tempo realiseren dat we in de benen hebben. Dat is, wat mij betreft, bedroevend, ook al ligt het in de lijn der verwachtingen. Eerst pijn in de rechterkuit, daarna "herniapijn" in het rechterbeen. We zijn net door een bedrijvenzone gelopen en krijgen in de derde kilometer, in een woonstraat, een knikje te verwerken. Ik speel met de gedachte een wandelpauze in te lassen maar blijf dan toch maar verder sukkelen om de twee dames voor me niet te ver te laten weglopen. Die zijn gemakkelijk te herkennen want in hetzelfde tenue, vandaar mijn strategie... Vanaf km 3 gaat het flink naar beneden op de Rue du Peuple, waar inderdaad mensen wonen en we eigenlijk niets zien van het mooie Herfse landschap. 5'32" op een sterk dalende kilometer, ziedaar mijn huidige mogelijkheden. Een haakse bocht naar links, nog altijd dalend. Ik wacht op de eerste klim. Daar is hij, na een nieuwe links bocht, aan de tennisvelden van TC Ladrie. De eerste 600 meter zijn best pittig. De steilste stroken, in het groen, halen net niet de 10%. Ik heb hier enkele deelnemers ingehaald die nog langzamer dan ik naar boven trippelen. Een juffrouw in het geel schiet me hier wel voorbij. En de twee dames van daarnet klimmen ook beter. De steiltegraad neemt wat af nu we weer tussen de huizen zijn... en ik begin wat beter in mijn ritme te komen. Maar goed ook, want die helling wil maar niet ophouden. Op de Garmin-kaart zie ik de afstand: 1,2 km alstublieft. Bestaat er een langere helling in het joggingcircuit, buiten de klim van Tilff? Enfin, ik ben boven en voel me beter dan in de vorige kilometers. Bij sommige collega's in mijn buurt is het blijkbaar omgekeerd. En dus kan ik nog een plaatsje of twee winnen. Hoe verder van die laatste plaats af, hoe beter. Na de passage op de Rue des Aunais die ik herken van daarstraks, maar nu in tegengestelde richting, durf ik het tempo wat opschroeven in de volgende afdaling. In de achtste kilometer geraak ik zowaar onder de 5'30". Hoera! De bevoorrading heb ik overgeslagen, geen dorst. De temperatuur vanavond bevalt me overigens uitstekend. Ik weet niet of dat ook voor de andere lopers geldt. Waarschijnlijk wel voor de Bolt-lopers die vorige zondag ook de hitte van Ulbeek hebben getrotseerd. Die hebben overigens na afloop de "Canaille" geproefd. Dat is een bier van een brouwerij in de buurt. Voor een oordeel, vraag aan Sebbie of James. 

FOTO

(Foto: Het zit er weer op.)

Aan km 7,8 verlaten we de bebouwing en lopen we verder op een grindpad tussen de weiden. Eerst vlak, dan begint het te klimmen. Ik heb even achterom gekeken en zie ver achter me het gele shirt van Céline, de jongedame die zo sterk de eerste helling opklauterde maar haar inspanning nadien heeft moeten bekopen.  Overigens zie ik pas achteraf dat de twee dames Gaelle en Françoise achter me in de uitslag staan. Ik moet ze dus ergens zijn voorbijgegaan in mijn  "sterkere" tweede deel. Maar dat wedstrijdfeit is uit mijn herinnering verdwenen. Ik ben dus zo goed als alleen. Als ik niet volledig stilval moet ik mijn positie kunnen vasthouden. Rond km 8 krijgen we nog een tussentijds bultje te verwerken. Een paar honderd meter verder is het dan echt menens. De tweede klim begint tussen de weiden en wordt nog steiler, verder tussen de huizen. En tussen de mensen. Die zich verzameld hebben aan een groen tentje en hun eigen Fête aan het vieren zijn. Overigens zonder interesse voor de sukkelende lopers, althans niet voor mij. Ik zoek mijn weg tussen de feestvierders. En begin met het hoofd naar beneden aan de laatste hectometers die flirten met de 10%. Hoe dichter bij de kermis en de finish, hoe meer supporters langs de weg, hoe meer aanmoedigingen. Nog even langs de hotdogkraam, dan het bochtje naar links om de matten van Philippe Codiroli te overschrijden. Het verschil van 27 seconden tussen de Codiroli-tijd en mijn Garmintijd, in mijn nadeel, is mij onduidelijk.  

Ik houd toch nog 21 lopers achter me, onder wie ook nog enkele mannen, op wat nog eens een stratenloop mag genoemd worden. Ik slof met een redelijk tevreden gevoel naar de kleedkamers, voorbij de bouwvallige Eglise Saint Antoine Ermite. Het is even aanschuiven aan de enige koude douche in het oude schoolgebouw (?) voor ik mijn tanden kan zetten in een uitstekende hotdog van de daarnet genoemde kraam. Ik krijg nog de prijsuitreiking mee van de 10 km... die plots stopt na de veteranen 1. We vertrekken op een christelijk uur, het muziekbandje heeft dan al de eerste nummers gebracht. 

(Foto's Marie-Paule)


zat 30/09/2023 16u * Tongeren Ambiorix Run  * 10,1 km * 00:57:43 * 10,5 * 130/151 * ??/?? (55+)* ♥♥

Het komt net goed uit. Zoals ook vijf jaren geleden kan ik mijn verjaardag vieren met en tijdens een loopwedstrijd.  Op mijn zeventigste was dat de Halve Marathon van Remich in Luxemburg. Vandaag een nieuw mijlpaal(tje) op mijn vijfenzeventigste: de Ambiorix Run met doortocht in het geboortedorp van Marie-Paule. 

FOTO

(Foto: Met Francis Loyens, ook jarig op 30 september. De tijd is die van Francis.)

De Ambiorix Run is een jaarlijkse afspraak geworden, zij het vaker als toeschouwer/fotograaf/filmer dan als deelnemer. Ze hebben hier een leuk rondje, eigenlijk verschillende rondjes, uitgetekend in het Pliniuspark en in de velden ten westen van Tongeren. Aangenaam, maar zeker niet makkelijk met enkele lange klimmen. De organisatie heeft de doortocht in het Pliniuspark nu in het begin van de loop gelegd. Om logistieke redenen, lees om sneller met  het opruimen van de dranghekken te kunnen beginnen. Overigens is deze loop piekfijn georganiseerd. Enig minpuntje: de hoogste leeftijdscategorie begint bij 55 jaar. Komaan jongens...

Nog enkele seconden. Ik wens mijn collega-Mergelloper Francis Loyens en mijn maatje van de Waalse lopen, Servais Halders, succes. De eerste is achteraf tevreden, de tweede is nog meer tevreden met zijn snelste gemiddelde sinds zijn ongeval. Ik vertrek heel voorzichtig, een tandje boven mijn trainingstempo. Dat betekent in een Limburgse wedstrijd meteen in de laatste rijen. Tot daar aan toe, maar na 1,4 km, bij het verlaten van het park en het opdraaien naar Mulken, loop ik al moederziel alleen. Elk nadeel "heb" zijn voordeel, zoals we weten, en dus krijg ik heel wat aanmoedigingen van de trosjes fans hier en daar langs het parcours. Bovendien geniet ik in mijn eentje wat intenser van de najaarszon. Het korrelige beton heeft intussen plaats gemaakt voor klinkers aan het kerkje van Mulken. Km 2,2, eerste doortocht aan de "naaf" van Mulken, waar we drie keer voorbijkomen. Ik geniet van een licht dalend strookje asfalt voor we links opdraaien aan de Rooierweg. De snelste deelnemers gaan me hier al voorbij. Ze hebben bijna 2 km voorsprong. Ik heb intussen het gezelschap gekregen van het duo Geert en Mare Simons. Geert, de vader neem ik aan, begeleidt zijn dochter naar een tijd onder het uur. Missie geslaagd. Eens voorbij de huizen beginnen we aan de eerste klim van de dag: 900 meter rond de 3%. Mare kan het tempo van het vlakke vasthouden. Ik schakel een tandje lichter, verlies een twintigtal meter maar kom in de afdaling naar Mulken weer terug. Weer voorbij aan de "naaf" waar me, tot mijn aangename verrassing, heel wat aanmoedigingen te beurt vallen. 

FOTO

(Foto: De jongste deelnemer, Sebastiaan Vanderhaeghe, een dertigtal meter voor de oudste, in het blauw, strompelend in de achtergrond. De jonge dame op de voorgrond - en haas - is Anouck Caluwaerts van Piringen. )

We beginnen aan de tweede lus in het veld. Dat betekent dadelijk opnieuw het eerste deel van klim 1. Er voltrekt zich hetzelfde scenario als twee kilometer geleden. We slaan nu rechtsaf, op weg naar Piringen. Op deel 2 van klim 2 ( kan u nog volgen?) haal ik, voor het eerst vandaag, een deelnemer (in dit geval een deelneemster) in. Even verder duikt er plots een nieuw heuveltje op. Dat moet er vorige keer - toch al enkele jaren geleden - ook al geweest zijn maar die herinnering is blijkbaar uit mijn geheugen gewist. Ik kan mijn tempo wel min of meer vasthouden. Mijn zelfvertrouwen krijgt een lichte boost en ik probeer in te lopen op het vader-dochter-duo dat mij in de heuveltjes daarnet weer heeft achtergelaten. Signaalgever Piet Neven stuurt ons linksaf, de beemd in. "145"  hoor ik Piet roepen. Ik zal eindigen op plaats 130. Een degelijk tweede gedeelte dus.  Op het onverhard kom ik weer bij mijn gezellen en loop in hun gezelschap over Piringerbroek naar de bocht aan de "kabine". De kenners weten wat ik bedoel. Jammer genoeg zie ik hier geen bekenden. Een van mijn fans is te laat op de afspraak, blijkt achteraf. Hier wacht de Smisberg, de laatste uitdaging van de dag. Vroeger "in mijn tijd" op kasseien, nu geasfalteerd. Maar nog altijd tot 8% stijging. Ik kruip naar boven. De jongste deelnemer, Sebastiaan, gaat me voorbij, aangemoedigd door de plaatselijke vedette Anouck. Hij krijgt straks nog een prijs voor zijn jeugdige leeftijd. Voor mij is er ook een aandenken. Ik sta aan het andere uiterste van de leeftijdsgrafiek...

Terug op weg naar Tongeren. Nog een golving voor we het plateau boven Mulken opdraaien. Ik heb nog wat reserves, de benen willen ook nog net mee. Op het mooiste deel van het parcours - inbegrepen de tweede afdaling naar de "naaf" - kan ik nog enkele collega's inhalen. "Nu niet meer stilvallen" is de opdracht die ik mezelf geef op de vlakke laatste kilometer. Dat lukt aardig en ik kan genieten van de laatste meters op de rode loper ...en daarna.

(Foto 2: Marc Roosen)


zon 08/10/2023 12u * Bommershoven Boomgaardrun * 10,2km * 00:57:50 * 10,5 *52/67 * 3/5 (65+)* ♥♥

Toegegeven, ik had ook Borgloon als titel kunnen schrijven. Maar, geef toe, Bommershoven heeft toch iets als naam en bovendien geeft de alliteratie nog wat meer kracht aan de titel. U heeft het al begrepen, we zijn in een deelgemeente van Borgloon, het land van de graven en de boomgaarden. 


FOTO

(Foto: Zomer in oktober. Het peloton tussen de boomgaarden. In het rood, vooraan, Daniel Drion. )

Ik heb al veel meegemaakt in loopwedstrijden maar een start pal op de middag is toch ongezien. Ze zullen er wel een reden voor gehad hebben, de organisatoren, de Vrije Basisschool van Bommershoven... Hoe dan ook, het voornaamste feit van de dag is dan al geschied: in de 5km-wedstrijd is Jean-Pierre Immerix namelijk ten val gekomen, gestruikeld over een waterslang. Met gehavende neus, bebloed voorhoofd en gekneusde knieën kruipt hij uit de auto die hem terugbrengt naar de finish. Een check-up in de spoedafdeling van het AZ Vesalius in Tongeren levert alvast geruststellend nieuws op: geen neusbreuk, geen hersenschudding, wel flinke schaafwonden. De foto's op zijn facebook-pagina geven een goed beeld van de averij. (Let wel: niet voor gevoelige kijkers.) In de 1400ste (?) wedstrijd van zijn carrière is het dus even misgegaan. Enfin, ik verwacht dat hij over veertien dagen weer in actie zal komen. 

Twaalf uur dus. Terwijl de Bommershovenaren hun aperitief nuttigen, wordt een klein peloton van 67 lopers op pad gestuurd voor een bijzonder fraaie lus in het land van Loon. Ik weet het al van voor de start want ik heb de ronde vorige woensdag verkend. Dus, Isabelle Sluijsmans, je hoeft niet snel te zijn om de wedstrijd toch minutieus voor te bereiden... Het prachtige, droge weer van de laatste dagen heeft er overigens voor gezorgd dat ook de onverharde stroken perfect beloopbaar zijn. Na een korte aanloop op de Oude Kassei, nog in het dorp, beginnen we aan een strook ruilverkavelingsbeton. Daar is al meteen een eerste milde helling die zich, zoals ook in het vervolg van de loop, lang zal uitrekken, tot aan km 2,2. Ik loop in het gezelschap van een oude bekende, Jos Polders, en een nieuwe bekende, Rudi Strauven. Voorbij de kerk en dan een asfaltweg in, tussen twee hoge bermen. De weg verandert van naam en van reliëf. Rudi neemt afstand in een afdaling in het bos en zal die kleine voorsprong kilometerslang behouden. We zijn bijna 3km ver als we rechts een vervelende, met stenen bezaaide veldweg, worden ingestuurd. Ik houd intussen een gemiddelde net onder de 5'30" aan. Daar ben ik opgetogen mee, temeer omdat ik nog reserves kan houden. Een plotse zwenking naar rechts, een smal graspad op, dat we gedurende 1,5 km zullen volgen. We scheren (dribbelen eigenlijk) rakelings langs het Magneebos. Het mag een aangenaam wandelpad zijn, ik heb deze strook na mijn verkenning als het moeilijkste deel van het hele parcours in mijn fictieve notities opgeslagen. En ga hier zeker geen gekke dingen doen. De lopers achter mij, op de eerste plaats Jos Polders, denken waarschijnlijk hetzelfde en blijven mooi in mijn spoor. De moeilijke ondergrond en de niet aflatende stijging geven mijn gemiddelde een mokerslag. Op km 5 duik ik weer onder de 6 minuten, ook al blijft de volgende betonstrook in het veld voornamelijk bergop lopen. Ik word ingehaald door twee 55-plussers maar verlies mijn goed humeur niet door de steunbetuigingen van de zondagswandelaars. Die moedigen mij persoonlijk aan met "Goed bezig, Willy". Met dank aan het gepersonaliseerde borstnummer waar ze mijn naam kunnen aflezen. Verrassend is het in het begin wel... Jos Polders krijgt het moeilijk en moet achterblijven, ook al probeer ik hem op te peppen om in mijn spoor te blijven. Ik heb, een beetje tot mijn eigen verbazing, een drankbekertje meegepikt op het kruispuntje met de Romeinse Kassei.  (Zie ook verder in dit verlag.) Precies op km 5 maken we een scherpe achterwaartse bocht naar links voor nog 200 meter klimmen naar het hoogste punt van de ronde. We lopen op een grindweg langs het doorkijkkerkje - een toeristische parel van Limburg - waar enkelen van de talrijke dagjesmensen ook aandacht voor de lopers en voor een zekere "Willy. Denk aan het borstnummer. Het uitzicht is hier adembenemend. Gelukkig heb ik nog adem genoeg om er een flink tempo op na te houden. 

FOTO

(Foto: De voorzichtige start levert me een sterke finale op. )

Het gaat nu 1200 meter stevig naar beneden, eerst op beton, daarna op onverhard. Een waarschuwingsbord aan de chicane op grind aan km 6,5 zou geen luxe geweest zijn. Mijn bezoek van afgelopen woensdag - en het droge weer - behoeden me voor een uitschuiver. We zijn daarmee aan het laagste punt van het parcours en meteen klaar (hopen we) voor de volgende lange klim van 1100 meter. Het pad kronkelt tussen de struiken en de hagen en biedt hier en daar mooie uitzichten. Ik ben net een jong koppel voorbijgelopen en haal nu ook snel Rudi Strauven in. De Boltloper, met wie ik toevallig vorige zaterdag in de Ambiorix Run heb kennis gemaakt, moet even stapvoets verder. Bij het voorbijgaan por ik hem aan om aan te haken. Dat lukt even maar de daaropvolgende klim, naar mijn gevoel de steilste - ook bevestigd door mijn Garmingegevens - is er te veel aan. Overigens zal hij net achter me aankomen bij De Ware Vrienden in Bommershoven. Dat is het intussen gesloten café aan de finish. De eerste 300 meter van de Romeinse Kassei zijn nog flink golvend voor we, even voor het kruispuntje, de duik naar de finish inzetten. Merkwaardig is wel dat de drankbevoorrader er nog staat maar zijn tafel en drankjes zijn verdwenen. Nog een werkpuntje voor de organisatie, zeker op een vrij warme dag als vandaag.  De twee laatste kilometers haal ik nog mijn beste tijden. Met dank aan de afdaling natuurlijk en aan mijn behouden aanpak in het begin. Onderweg zie ik wel de waterslang die hier over de weg ligt. Die dient voor de waterbevoorrading van een van de talrijke plantages. Het moet wel een andere zijn dan de onverlaat die Jean-Pierre ten val bracht. De eerste huizen van Bommershoven duiken op. En daarmee ben ik bijna aan het einde van deze "premiumloop", een originele naam voor de hoofdloop. Opvallend is ook dat de twee aanwezige fotografen - Nadine Claessens en Jo Defrère, vaste waarden in het Waalse circuit - er een verre verplaatsing naar het Loonse voor over hebben om ons van beeldmateriaal te voorzien. Waarvoor dank. Ik geniet van de dalende laatste rechte lijn op de Moerenstraat en word "gescand" na een dikke 57 minuten.

Mijn eerste deelname aan de Boomgaardrun, zelf pas aan de tweede editie toe, levert me een (papieren) podiumplaats op. Geen douches - een slechte gewoonte in dit criterium -, geen begeleider(s), geen tooggezel (want op spoed), dan maar braafjes naar huis. 

(Foto's: Nadine Claessens)


zat 28/10/2023 14u * Semi-Marathon de Herve Mémorial Stéphane Dmyterko * 21,1 km * 02:09:56* 9,7 * 184/197 * 4/6 * ♥♥

En plots loop ik een halve marathon out of the blue. Hoe ben ik op dat idee gekomen, ik die mijn halve marathon-verhaal twee jaar geleden leek te hebben afgesloten met dezelfde Semi de Herve? Soms voel ik een onbedwingbare drang om een wedstrijd te lopen, te snuiven van de competitiesfeer, tegen anderen of tegen mezelf. Zo ook, dit weekend. Alleen is er geen 10 km-loop voorhanden en lonkt de Demi van Herve naar me op de kalender. Een mooie wedstrijd bovendien, in mijn favoriete speeltuin, het Land van Herve. Probleempje: het is een lange afstandsloop van het zwaardere type. Ik kom zelden meer aan 12 km per training, laat staan 21km, meestal dan nog onderbroken met wandelpauzes. Uiteindelijk beslis ik vorige week om een testloopje te doen op het parcours zelf om na te gaan of ik de wedstrijd überhaupt kan uitlopen met een gemiddelde van ...7' per km. Om zoveel mogelijk recuperatietijd te hebben tussen de testloop en de wedstrijd, trek ik op maandag naar Bruyères, deelgemeente van Herve, om van daaruit zo'n twee derde van de ronde af te leggen. Het weekend zelf is uitgesloten omdat ik op zaterdag al de estafette van Alken op het programma heb staan. Uiteindelijk valt de test qua gemiddelde redelijk mee. En moet ik zaterdag, vandaag dus, alleen hopen op een goede dag. Tussen haakjes, de navigatie met Komoot, leidt me feilloos op de talloze kronkelende paden van het platteland ten zuiden van Herve. De beslissing is dus genomen. Met de bedenking erbij dat het leuk zou zijn op mijn vijfenzeventigste nog een halve marathon op mijn palmares te kunnen bijschrijven. Ik denk ook terug aan de halve marathon van Remich op mijn zeventigste verjaardag.  

Op weg naar Herve dus, in het gezelschap van Mergelloper Ludo Ramakers die de 21 km als opstapje gebruikt voor zijn eerste deelname aan de 4 Cimes van Battice. In het bijna tweehonderdkoppige peloton zijn er zes 70-plussers die de uitdaging aangaan. Waarvan vier bekenden, die straks nog bij naam zullen worden vermeld. Om u een idee te geven van het parcoursprofiel en om mezelf voor te bereiden op wat me wachten staat deze gegevens: 8,5 km klimmen en 7,5 km afdaling. Ertussen door zitten nog enkele min of meer vlakke kilometers, voornamelijk op het plateau in het begin van het tweede deel.  De langste klim van vier kilometer volgt niet zo lang na de start, weliswaar onderbroken door enkele dalende stroken. De steilste hellingen zitten in het laatste derde van de loop: een korte, nijdige piek van 500 meter en de 2km lange klim terug naar Herve. De loop is uitsluitend uitgetekend op verharde, wegen, zij het soms in verhakkelde staat. 


FOTO

(Foto van onbekende fotograaf: Op de Trou du Chat, na 2 km, met Raymond, Jean-Marie en Jean-Michel, in die volgorde.)

We beginnen bergafwaarts, van de heuvel waarop Herve is gebouwd naar de vallei van de Hac, een bescheiden riviertje tussen steile heuvelruggen. Ik begin heel voorzichtig, haal hier mijn hoogste gemiddeldes, maar loop al meteen in de achterste geledingen. Bij een bocht na 1,6 km, in het dal, kijk ik even achterom en zie de bezemwegen zo'n 150 meter achter me. Ik loop in het spoor van een goede bekende, veteraan 4, Raymond Jungbluth en begin samen met hem aan de Trou du Chat, de eerste helling van de middag. In zijn gezelschap loopt veteraan 3, Jean-Marie Capier.  Onmiddellijk achter ons volgt een man die ik meen te herkennen van de Condrusien, Jean-Michel Gérimont. Hij is niet van de streek want hij vraagt waar we ons bevinden. Ik geef hem de juiste locatie als was ik hier een local. Nu, na mijn verkenning en mijn vorige deelname, onder meer in 2021 (ook met Ludo) ken ik het parcours wel op mijn duimpje en weet ik tot in detail wat er nog volgt. Na de doortocht in Bruyères, beginnen we samen aan de klim op de Vinâve, richting Manaihant. De benen voelen al wat zwaarder aan. We wisselen enkele woorden. Raymond die zowel Jean-Marie als mij kent, verzorgt de communicatie. Behalve in het centrum van Bruyères lopen we op kleine paden tussen het groen. De hond aan de boerderij rond km 4,5 die ik herken van mijn verkenning, slentert hier nog altijd rond. Zijn buik en poten zijn nog altijd even vuil van de smurrie op de weg. Vanaf km 4,6 volgt er een ongezellige passage langs de rijweg naar de kerk van Manaihant. We halen een dame in die de eerste  kilometers moeilijk verteerd heeft. De klim naar Manaihant loopt verder na een scherpe bocht naar links maar nu tussen de hagen in de fraaie Herfse natuur.  Van het Bois Chaffoux gaat het naar het Bois de Rechain, tenminste zo heten de wegen. In elk geval, we genieten nu van een lange afdaling tussen de weiden. We hebben elkaar intussen geïnformeerd over onze leeftijd. Raymond houdt het gesprek gaande. Ik placeer ook enkele zinnetjes en kijk intussen uit naar een geschikte plaats voor een sanitaire stop. Die vind ik voor we de Avenue des Platanes opdraaien. Overigens zal het bij dat ene plasje blijven. Ik had vooraf erger gevreesd. We lopen nu tussen de huizen naar het centrum van Grand-Rechain. Het is hier uitkijken naar het snelste loopspoor op het voetpad, naast en tussen de geparkeerde auto's. Door mijn plaspauze heb ik een honderdtal meter achterstand en moet ik het tempo opdrijven om me weer bij het gezelschap van Raymond en Co te voegen. Ik heb geprobeerd dat met zo weinig mogelijk bijkomend energieverlies te doen. Ik heb wel de pech dat meteen een nieuwe langere klim begint. Ik moet toch weer enkele meters prijsgeven op mijn gezellen. Waar de klim van de Agolina (dat is de naam) wat afvlakt, kan ik toch weer aansluiten, intussen genietend van het uitzicht op de omringende heuvels. Boven krijgen we zowaar enkele honderden meters vlak voor de voeten. We worden aangemoedigd door twee fans. Ik herken veteraan 4 Jean Dessouroux, die met een verstuiking langs de kant staat. Wat zie ik nu? Jean Dessouroux die lacht. Nooit meegemaakt. Overigens is er niet te veel animo van supporterszijde. Het weer is ook niet uitnodigend. Goed loopweer met nu en daar wat wind en geregeld een buitje. Alles bij elkaar heb ik de juiste kledij aangetrokken met de gebruikelijke drie lagen en muts.  

Aan Boulangerie Lejeune in Xhendelesse zijn we precies in het midden van de loop. Deze locatie zal de lezer niet veel zeggen maar voor mij is het een herkenningspunt geworden... We hebben dan een lange afdaling achter de rug. Het tempo wordt bepaald door Jean-Marie  Capier, mijn "régulateur de vitesse" zegt Raymond Jungbluth. De snelheid gaat mede door de afdaling lichtjes de hoogte in. Ik durf niet te volgen en laat mijn drie gezellen weglopen. Jean-Michel heeft het ook wat moeilijker maar klampt aan. Ook op de lange klim van Falhez en la Péri naar het meest westelijke punt van het parcours. De jeugdbewegingen zijn actief vanmiddag. Ik loop een groepje scouts voorbij. Ook in de andere dorpen zijn ze op pad. We draaien rechtsaf op een lange grotendeelse vlakke weg, langs een rare watertoren (genaamd "La Bouteille") en door een woonstraat die op het einde opgebroken is voor wegeniswerken. Die hinder overleef ik ook, hoewel de vermoeidheid zich langzaam van mijn lichaam meester begint te maken. Kon ik hier maar een dutje doen... Intussen moet Jean-Michel het duo Raymond- Jean-Marie laten gaan. Ik zal hem inhalen op de oplopende Rue du Bief waar ik op de drankentafel kies voor een roze vloeistof die me gelukkig goed bevalt. Overigens zal ik nauwelijks gedronken hebben als ik de aankomst bereik. Maar daar ben ik nog lang niet. Nog een lange streep op de Rue des Marroniers. We zijn 16 km ver als we links het Bois de Herve indraaien. In de verte heb ik gezien dat Raymond nog de meeste reserves heeft en zelfs even op Jean-Marie moet wachten. We beginnen aan wat ik het derde deel van de loop durf noemen. Het mooiste... en het zwaarste. 

FOTO

(Foto: En Wez, km 18, het begin van de beklimming.)

Ik blijf constant mijn eigen ritme aanhouden en haal merkwaardig genoeg Raymond en Jean-Marie weer in op de smalle paden tussen de hagen in wat ooit een bos moet geweest zijn. Na een eerste afdaling golven de paden op en neer tot we aan km 17 een steile pukkel te verwerken krijgen. Met zijn drieën naast elkaar, hijsen we ons zwijgzaam naar boven.  Aan het Maison du Bois de Herve draaien we links op. De bizons met de speciale vacht - zwart, lichtbruin-roze, zwart in een vertikaal patroon die ik hier maandag heb gezien, zijn blijkbaar terug naar de stal. Neen, ook al ben ik zwaar vermoeid, ik lijd niet aan hallucinaties... De rijweg naar Manaihant over en verder dalend door En Wez, naar het valleitje van de Hac. De omgeving is bucolisch. Maar wat ons te wachten staat is hels: de klim naar de hoogte van Herve met pieken tot 10%.  Een blik op mijn  Garmin heeft me echter gerustgesteld. Mijn richttijd rond de 2u15' is binnen bereik. Ik kan me enkele minuten tijdsverlies veroorloven op de steilste strook. Stapvoets dan maar, ook al kost dat zelfs veel moeite. Hier en daar probeer ik over enkele tientallen meters weer op looppas over te gaan. Ik zal 4 minuten nodig hebben op de moeilijkste 400 meter. Jean-Marie moet ook enkele keren wandelen. Raymond dribbelt wel tot boven. Hij zal in de laatste kilometers nog 2 minuten voorsprong bij elkaar lopen. Eens voorbij  de boerderij rechts (met muziek in de stallen, zoals bij vorige beklimmingen in andere lopen) trek ik me weer op gang op het vlakke. Over de autoweg en dan nog licht stijgend verder in de richting stadion. De omweg achter de tribune en langs de piste is irritant maar mag me niet meer tegenhouden. Met een bescheiden versnelling in de laatste bocht kan ik nog net onder de 2u10' blijven. Doel bereikt, zeker. maar de achterstand van 9 minuten op nummer 2 in mijn categorie, Luc Hilderson, plaatst deze tijd in een breder perspectief.  Twee hartjes lijkt me een correcte beoordeling.  

Ik heb de klus dan toch geklaard... op karakter en ervaring. Altijd net buiten de rode zone gebleven, ook al is mijn lijf door en door vermoeid. Ludo heeft voor me gezorgd en mijn tas meegebracht naar de kleedkamer. Daar hoef ik me al geen zorgen over te maken. Na een verkwikkende douche vul ik het vochttekort aan met een biertje of twee. In het gezelschap van winnaar v4 Nicolas Bynens ("in het rood van de eerste tot de laatste kilometer"), veteraan 3 Paolo Bruccoleri en mijn clubgenoot Ludo Ramakers. De Kannenaar doet even goed als twee jaar geleden met een gemiddelde van bijna 12km per uur en een plaats in het midden van het grote peloton en van zijn leeftijdsklasse. (Een dag na deze prestatie loopt hij echter een spierscheurtje (?) op in zijn kuit, tijdens een wandeling met zijn hond nota bene. De voorbereiding op zijn eerste 4 Cimes komt plots op de helling te staan. Hopelijk krijg ik beter nieuws in de volgende dagen.) En om te eindigen: dank aan de vele, meestal jonge, signaalgevers op de lange route tussen Herve en Herve.


zo, 05/11/2023 10u15 * Braives Les Vallons de la Méhaigne * 10,1 km * 00:56:36 * 10,7 * ???/237 * ??/?? * ♥♥

Zuur voor de traditierijke Challenge hesbignon. Er is veel volk opgedaagd voor de laatste loop van het seizoen en van het bestaan van het Waals-Haspengouwse circuit tout court ...en dan valt de tijdsopneming uit. (Voorlopig) geen uitslag, geen prijsuitreiking ... en veel werk voor de boeg voor de organisatoren om alsnog een uitslag te distilleren uit de camerabeelden aan de finish. En vooral om een definitieve rangschikking van het jaar op te maken. Claudy Dechanet en zijn ploeg trekken er na vandaag dus de stekker uit. In elk geval bedankt voor de dertig jaren vrijwilligerswerk voor ons loopplezier. Of het criterium volgend jaar nog bestaat en in welke vorm, zou in de volgende weken beslist worden. 

Op deze vijfde november staat er in het Luikse slechts één wedstrijd op de kalender en dus hebben er ook heel wat lopers van de Challenge van Luik en van de CLAP voor de Hesbignon gekozen. Met hoeveel we precies op pad gaan, is mij onbekend. De reden kent u. Hoe dan ook, ik vertrek in de achterste gelederen en hoop in de eerstvolgende, grotendeels vlakke kilometers, een bescheiden wedstrijdtempo te vinden. In de eerste 4,5 km, zeg maar de eerste helft, maken we twee lussen, een kleine en een grotere in oostelijke richting.  Het profiel is in het eerste deel licht stijgend, in het tweede licht dalend. Een beschrijving van het parcours kan ik achterwege laten. Die is al uitgebreid aan bod gekomen in mijn vorige verslagen van deze loop. Nog steeds terug te vinden op dit onovertroffen blog. Bij het eerste klimmetje over de brug boven de Ravel, waar we gestart zijn, staat Eric Joway te wachten op... mij. Hij ziet in mij blijkbaar een ideale partner voor een rustige duurloop in voorbereiding op de 2 Cimes volgende zondag. Aan km 2 verlaten we het beton van de Rue du Tumulus en beginnen we aan een dikke kilometer veldweg. Jammer genoeg is dat niet het geval voor Stephen Radelet, een van de toppers in het peloton. Hij is zwaar ten val gekomen bij het opdraaien van de aardeweg en ligt kermend op de grond. Aan km 4, op de Chemin du Via, komt de ambulance ons tegemoet... Knie zwaar gehavend, maar geen breuken, hoor ik na afloop van zijn schoonvader Albert Vandensavel. Maar de show, de run in dit geval, gaat verder. Op een veldweg dus. De gemeente heeft hier keien laten aanvoeren, heeft Etienne Vanderschelden al gewaarschuwd in zijn parcoursuitleg voor de start. Een pretje voor fakirs maar niet voor mij. Ik laveer van links naar rechts in een vruchteloze poging om de puntige stenen te ontwijken en slaak een kreet van opluchting als we weer op het asfalt komen. Een leuke bocht in het groen, dan een kilometer op de Ravel tussen de bomen. Het pad is bezaaid met takjes hier uitgestrooid door Ciaràn. Ook weer opletten dus en vooral het tempo proberen te volgen van Maja Van Zand die ik net heb ingehaald. 

FOTO

(Foto Marie-Paule: Het lijkt alsof ik met Maja vecht om het bekertje. Let maar niet op mijn rare snuit. )

We lopen voor de tweede keer over de Ravelbrug en beginnen aan de tweede, westelijke lus van de wedstrijd. Halverwege ongeveer. Na een vlakke doortocht in het dal van de Méhaigne, nu in de richting en door het dorpje Avennes. Onderweg krijgen we nog twee venijnige hellingen te verwerken. Op de steilste stukken moet ik even op wandelpas overgaan, maar ik kom snel terug in het spoor van mijn twee gezellen. Waarbij moet aangestipt worden dat Eric vooral bezorgd is om mij niet te lossen. Ik probeer hem tot twee keer toe te overtuigen om door te lopen zonder mij maar hij wil niet van mijn zijde wijken... Maja begint fel aan de hellingen maar valt verderop meestal wat terug. Ze voelt zich duidelijk meer in haar sas In de afdalingen waar ik flink aan de bak moet - meer dan ik me heb voorgenomen - om in haar spoor te blijven. Het fraaie parcours, een van de mooiste van het seizoen, zorgt wel voor afleiding tijdens de inspanning. Na de doortocht in Avesnes vatten we de vlakke - eigenlijk lichtjes dalende  - laatste 2 kilometer aan op de Ravel richting Brivioulle.  Daar ligt de finish aan het voetbalveld van REH Braives. Eric pept me op om Christian Vandevenne, zo'n dertig meter voor me, nog in te halen. Maar ik laat me niet (meer) gek maken en stel me tevreden met enkele plaatsjes achter mijn categoriegenoot. Over de streep. Niet te snel, zegt Jos Biets, en hij noteert mijn nummer. Het waarom van de manuele notering wordt me straks duidelijk in de kantine... Mijn gemiddelde ligt in de lijn van mijn niveau de laatste maanden. 

Ik vermoed dat ik ongeveer zesde veteraan 4 word van de zes (?) deelnemers. Ik ben dus niet echt teleurgesteld dat de podiumceremonie noodgedwongen geannuleerd wordt. Twee podiumkandidaten, Servais Halders en Kris Govaerts, hebben dan nog door blessures moeten afzeggen. Ik informeer links en rechts naar de tijden van mijn bekenden maar zonder uitslag is dat een onoverzichtelijk kluwen. De tombola is ook voorbij na enkele minuten - is er wel een geweest? - en dus is het weer tijd om huiswaarts te trekken.  Ik heb wel snel een partner gevonden voor de estafette van volgende week in Waremme. Maar dat is voor het volgend verslag... Blijf op de hoogte!


zon 12/11/2023 10u30 * Waremme Estafette * 5,8 km * 00:31:36* 11 * 42/68 * 2/3 (H+120)* ♥♥

"Je hebt de smaak te pakken" lacht Roland Vandenborne als hij me opmerkt in de sporthal van Waremme waar straks de voorlaatste manche van de Estafettechallenge zijn beslag gaat krijgen. Hij bedoelt de smaak van de aflossingswedstrijden: een kilometer "volle petrol", onderbroken door enkele minuten rust als je ploegmaat in actie is. En dat in zoveel mogelijk beurten gedurende een uur.  "Niet echt" moet ik het enthousiasme van de geestelijke vader van het Vlaams-Waalse criterium afremmen. "Voor de ambiance en om mijn sportweekend in te vullen." vul ik aan. Hoe dan ook, ik ben hier nu en ga dan maar proberen er het beste van te maken rond  het sportcomplex van Waremme. Nu onze beide reguliere ploegmaats met blessures sukkelen, vorm ik in Waremme een onuitgegeven team met Bruno Broos van Tienen, veteraan 3. We blijven dus in de categorie Heren +120. Bruno meldt me meteen het goede nieuws: een podiumplaats kan ons al niet meer ontsnappen. We zullen straks zelfs het tweede trapje bezetten, ook al heb ik daar maar een heel bescheiden verdienste in.  

FOTO

(Foto: Het parcours met het bochtenrijke gedeelte rechts bovenaan. )

Een grondige verkenning van het kilometerrondje is hier aangewezen als je zonder kleer- en andere scheuren de streep wil halen. Mijn vorige deelname dateert ook al van enkele jaren geleden, in 2018, toen met Carlos de Almeida. Vooral het eerste deel, zo'n 350 meter, tot we weer op de rechte Rue des Prés uitkomen, bevat niet minder dan acht bochten, de ene al wat scherper dan de andere. Het is ook zaak geconcentreerd te blijven op de hobbelige ondergrond, van beton, asfalt of... zand. En op de gladde stroken, onder meer door de gevallen bladeren. Ik plant mijn sportbril op mijn neus en hoop nu tenminste alle gevaren tijdig op te merken. Nog een geluk, het regent niet... Het deelnemersveld (volgens de tot nu toe beschikbare gegevens) telt 67 ploegen en voor mij althans nogal wat onbekende gezichten. Er zijn de habitués, Patrick Nijs en Nora Houben bijvoorbeeld, de snelheidsduivels die kicken op het explosieve werk, Christophe Stevens en zijn maat Dimitri, de sporadische deelnemers, zoals ik, en plaatselijke vedetten, hier WACO-lopers. Lees WACO niet op zijn Amerikaans... Het staat voor Waremme Athletic Club Oreye. 

Tussendoor nog dit. Een uitslag is er wel (in Braives zijn ze nog altijd aan het puzzelen voor de correcte uitslag) maar op het ogenblik van het schrijven van dit verslag is het klassement nog niet online beschikbaar. Jammer. (Aanvulling 14 november: eindelijk zijn daar de uitslagen.)

Ik geef het stokje al voor de start door aan Bruno. Dan moet hij al niet meteen in zijn eerste ronde de tragere lopers ontwijken. Nog een bijkomende moeilijkheid voor de snelle jongens en meisjes, trouwens. Wegens nog geen uitslag (en geen tijdsopname per ronde door Bruno zelf) is het gissen naar de precieze tijden van mijn maat. Ik ga uit van een 4'30" per km. (Aanvulling : De kilometertijden van Bruno liggen enkele seconden hoger.) In elk geval, hoeveel onze afstand na een uur ook bedraagt, (Aanvulling: 12,153 km) de gezamenlijke prestatie moet vooral op naam van mijn teammaat worden geschreven. Ik begin dus aan mijn eerste ronde (van de zes, uiteindelijk) en aan de tweede ronde van onze gezamenlijke dertien rondes. In de eerste 300 meter, de spaghettilus, ben ik vooral bezig met recht blijven en een enkelverstuiking vermijden. De snelsten en hevigsten lopen al een eind voor mij. Ik loop hen al niet meer in de weg en zij zullen mij al niet meer van de soms smalle paden blazen. Ik ga welgeteld één deelneemster voorbij. De tweede collega, ook een (heel jonge) dame zal ik pas inhalen in mijn laatste ronde. 

FOTO

(Foto Marie-Paule: Stokwissel met mijn ploegmaat.)

De ronden volgen elkaar op. Na de eerste felle inspanning in de eerste ronde, vind ik mijn kruissnelheid in de volgende ronden. Ik start meestal snel. Maar door de eerste scherpe bocht stokt het tempo bruusk na nog geen 100 meter. Daarna neem ik vooral niet te veel risico's in het kronkelwerk. De trosjes supporters zorgen voor animo in het gedeelte dicht bij de sporthal. De doortocht in de zandbak en de daaropvolgende scherpe en smalle bocht boven het speeltuintje, en nog eens een gladde bocht naar de Rue des Prés (tweede deel) duwen mijn tempo tot boven 6'30". Die verloren seconden moet ik dan proberen in te halen op de rechte stukken. Maar ik voel me pas na enkele ronden in mijn sas op het hellende voetpad langs de Rue des Prés. Uiteindelijk liggen de 150 meter na de bocht aan 600 meter me nog het best. De passage over de parking, voorbij het eerste brugje, is dan wel perfect beloopbaar maar net hier dwingen mijn oude spieren me tot een voorzichtig tempo. Dan weer opletten in de gladde bocht naar het tweede bruggetje over de Jeker.  Die twintig meter (van dat bruggetje) vind ik de leukste van de loop. Wel kort natuurlijk, daarna is het weer zwoegen op het laatste klimmetje naar de streep en de aflossing. Net daar, alsof ik nog niet genoeg aan het afzien ben, plaagt Maja Van Zand me in de voorlaatste ronde met de opmerking: "Knieën opheffen bergop". Benieuwd als ik onze kilometertijden kan vergelijken...  Onze fans, Nadine (van Bruno) en Marie-Paule, volgen de esbattementen nauwgezet aan de wisselzone.

De minuten verstrijken. Op het einde ben ik zelfs de tel kwijt. Ik hoor dat we nog vijf minuten voor de boeg hebben. Voor mij dus de laatste ronde. Er gaat me nog een hele klad lopers voorbij, uitgerekend op mijn lievelingspad tussen de bomen. De eerste loper is me overigens al in mijn tweede ronde met een verschroeiende snelheid voorbijgesneld. Niettemin, de estafette, hier in Waremme, gaat me beter af dan op het nochtans veel snellere parcours van Alken. Ditmaal wel goed voor een tweede hartje. 

Het uur is zo goed als voorbij als ik voor de zesde keer onder de Trakks-boog door loop. Bruno mag nog een honderdtal meter volmaken. Ik haast me naar de douches in de ruime en aangename kleedruimte van het Centre Sportif Edmond Leburton. Voor wie jonger is, dat is een oud eerste minister, afkomstig van deze gemeente. De Val Dieu in het gezelschap van de loopvrienden, is ook à point. Opvallend bij de prijsuitreiking: in onze leeftijds- en genderklasse bestaat het podium volledig uit Vlaamse deelnemers, 5 Limburgers en 1 Brabander. Volgende geplande aflossingsloop, de Lago Estafette in Sint-Truiden. Zou ik dan toch de smaak te pakken hebben?


zon 19/11/2023 10u30 * Thier à Liège * 6,7 km * 00:42:54 * 9,4 * 52/102 * ??/?? * ♥♥

Het kan dus toch, een trail die mij bevalt. Die ontdek ik in Thier à Liège, aan de noordelijke rand van de Luikse agglomeratie. Voorwaarden: de loop mag niet te lang zijn en ik moet er starten zonder prestatiedwang. Ik heb vooraf de 10 miles uit mijn hoofd gezet en gekozen voor de korte loop van 7 km. De "petite course" vermijdt de twee terrils die hier de omgeving beheersen maar biedt nog genoeg reliëf en variatie om er een leuk maar uitdagend sportuurtje van te maken. 

Ik ben ruim op tijd aan de Ecole Primaire, een troosteloos schoolgebouw in een grauwe volkswijk. Hier zal (uiterst ) links wel wat stemmen rapen bij de verkiezingen, denk ik zo... en kijk wie daar aan de start staat, PTB-voorman Raoul Hedebouw. Voor een selfie met de volkstribuun bent u overigens aan het verkeerde adres in dit bloedserieus blog... Ik zie verder nog veel andere bekende gezichten aan de start, de meesten overigens voor de lange loop. Ik heb me deze keer vooraf ingeschreven maar dat levert me alleen een verfrommeld nummer op dat de eerste wereldoorlog lijkt te hebben meegemaakt... 

FOTO

(Foto Marie-Paule: Vertrek samen met de 10 Miles. De eersten schieten als een pijl uit een boog naar voren, de laatsten waarbij uw dienaar, staan nog stil. )

Een kort rondje, overigens nog korter dan de officiële afstand van 7 km, dat lijkt een makkie voor de beschrijving. Maar het parcours kronkelt zo fel dat ik hier en daar de kluts zal kwijt geraken. Ik heb wel een idee van mijn vorige en enige deelname in 2011, nog in de helaas te korte bloeiperiode van mijn "Luikse" carrière. En het toeval wil dat ik nauwelijks enkele weken geleden hier een tiental trainingskilometers gelopen heb met Nicolas Bynens, op diens thuisparcours, en met Servais Halders. Die verkenning van wat ik op Strava "Liège verte" heb genoemd, levert me enkele aanknopingspunten op.

We wachten met zijn allen, ook met het grotere peloton voor de 10 Miles, op het startschot. Noodgedwongen in een lange rij op het smalle voetpad. In de achterste gelederen zal ik dat startschot niet horen. Plots komen de wachtenden voor me in beweging. Ik volg ze dan maar. Gedurende een kleine kilometer bergafwaarts, langs de Boulevard Ernest Solvay. Na een kort klimmetje tussen de huizen gaat het nog steiler bergaf op een smal wandelpad. Ik houd hier licht in, beducht als ik ben voor de gladde kasseitjes. Na 1200 meter is de speeltijd voorbij en krijgen we een eerste zware klim voor de voeten: 300 meter volgens mijn Garmin, maar door de +10 - percentages, lijken die veel langer te duren. Ik wissel enkel woorden met Richard Mathot (10 mijl) en Bert Ernest (7km) en zwoeg naar boven. Ik kan nog net in looppas blijven en probeer boven een gepast tempo te vinden. We maken nu een lus rond het Château Bernalmont (mij sinds enkele weken bekend, na de sightseeing met Nicolas) op goed lopende asfaltwegen. Deze 1,5 km zullen achteraf de makkelijkste blijken van de hele ronde. Ik loop in mijn eentje en houd mijn eigen ritme aan. Dat ligt alleszins niet hoog genoeg om plaatsen te winnen. Het gaat overigens ook weer wat omhoog tussen het groen links en enkele huizen rechts. We komen op het einde van de lus - daar is ook de bevoorrading en Pascal Julin die ik daarnet ook heb gezien. We draaien nu een smal pad in, waar ik ook met Nicolas gelopen heb. Dat is achter het golfterrein van Bernalmont. We zijn intussen bezig aan de derde kilometer. De modder op de single track noopt tot enige voorzichtigheid, te meer omdat ik mijn nieuwe schoenen in de mate van het mogelijke wil sparen. Intussen is er weer een lichte "dénivelé positif" in het parcours geslopen. Ik hou me zelf gaande maar hoge gemiddeldes zal ik hier niet scoren. De cijfers op Garmin bevestigen achteraf dat ik zelfs de 6'30" per km niet haal. Niet dat ik me daar zorgen over maak. Dit moet het gevoel zijn van "courir pour le plaisir". Plots hoor ik een fietser achter mij. Dat blijkt de voorrijder van de 10 mijl te zijn. De grote loop deelt even het parcours met de 7km. Daar is Dorian (Fintolini), de koploper en de latere winnaar van de 10 mijl. De tweede en de derde loper zullen me ook nog inhalen. Via een klein steegje komen we weer in de bebouwing, langs de kerk van de Saints Victor et Léonard, ook op de route van Nicolas. Ik heb dan toch de dame met het oranje geverfde haar ingehaald die al enkele decameters tekenen van verzwakking toonde. Dan gaat het over het beveiligde voetpad van de Rue du Haut Pavé naar de Rue de L'Ermitage. Maar we kunnen niet genieten van het asfalt maar moeten ons een weg banen op een hobbelig voetpad op grind en even verder door de graszoden. Met andere woorden snelheid kunnen we hier niet halen. Die haal ik merkwaardig genoeg evenmin op de dalende wegen in de bebouwde kom van Thier, ook niet in de haarspeldbocht van de Rue Thier à Liège. Ik zal me dan maar tevreden stellen met het genot van de leuke passage in de dorpskern. 

FOTO

(Foto: Op het einde van een kort maar heftig rondje.)

Precies aan km 5 zijn we op het laagste punt en worden we een trap opgestuurd. Die trap heeft zelfs een straatnaam, de Rue de Herstal, en is vooral steil. Na de eerste reeks trappen die ik nog lopend kan nemen, moet ik toch stapvoets naar boven. Kilometer 6 kost me bijna 8 minuten. Ook na de trappen blijft het klimmen. Het duurt tot we weer aan de Boulevard Ernest Solvay zijn, dus dicht bij de finish, dat we weer enkele vlakke meters voor de voeten krijgen. We maken nu nog een lusje in het groen (waar daarstraks de jeugd zich uitleefde op de 1,7 km). Eerst dalend over de herfstbladeren. Ik heb de twee mannen die me op de trappen zijn voorbijgegaan weer ingehaald. Ik word wel even opgehouden op het smalle pad maar kan ze net voor het laatste knikje omhoog terug naar de Boulevard toch achterlaten. Ik kijk nog enkele keren achterom op het brede grindpad maar word niet meer verontrust van achter uit. Grootvader en kleinzoon Guido en Robin Vrancken zien me voorbij komen langs de bank waar ze op Jo wachten die bezig is aan de laatste mijlen van zijn wedstrijd. Ze zullen nog eerst Beny Stulens kunnen toejuichen. 

Ik eindig zo'n twee minuten na Christian Vandevenne en heb dezelfde voorsprong ten opzichte van Jean-Pierre Jans, Dat zijn de enige veteranen 4 die ik ken in het pak. De oudsten zijn wij niet, bijlange niet. Er is ook nog de onverwoestbare Calogero Mauro. Voor de korte loop zijn er geen categorieën, tenzij jeugd en "débutants" (waar ik vandaag bij hoor) en dus ook geen prijzen. Calogero torst wel fier een geschenkmandje, zie ik achteraf. Mogelijk geniet hij van een voorkeursbehandeling... die hij verdient, zeker na een nachtje feestvieren op de soirée van de Challenge condrusien. Mijn gemiddelde valt me in eerste instantie wat tegen. Maar mijn plaats, bijna in de helft van het deelnemersveld, plaatst het tempo in een ruimer kader en geeft me al wat meer voldoening. Ik vermoed overigens dat mijn trainingsvolume wel wat hoger zal liggen dan dat van de gemiddelde loper in het tweede deel van de uitslag. Hoe dan ook, ik keer tevreden terug naar huis...


zon 26/11/2023 10u * Crisnée Jogging des Amis de la Protection Civile  * 9,6 km * 00:55:15 * 10,4 * ??/?? * ??/?? * ♥♥

Voor het vertrek naar Crisnée heb ik er al geen goed oog in. De communicatie van de nieuwe loop is summier en maar enkele dagen voor de start beschikbaar. En de parcourskaart is zo goed als onbruikbaar. We zullen dus ter plekke en in real time moete ondervinden wat de "Vrienden van de Civiele Bescherming" voor ons in petto hebben. Maar Crisnée is dicht bij huis en ik heb wel zin in een wedstrijdje. Dus, waarom niet? Bovendien ga ik ervan uit dat de Protection Civile over de geschikte accommodatie beschikt om ons in de beste omstandigheden te ontvangen. Valt dat ook even tegen, als we daar aankomen. De inschrijvingen en de après-course vinden plaats in twee "nood"tenten. Geen pretje met dit ellendige weer. Als klap op de vuurpijl zijn er ook geen douches. Bang dat de kleedruimte, die er ongetwijfeld is in de moderne hallen, straks wordt vuil  gemaakt door de modderduivels na hun ronde in de Haspengouwse leem? Maar waarom dan organiseren? De initiatiefnemers hebben overigens al in 2020 een eerste poging gedaan die toen evenwel door corona werd gefnuikt. Oh, nog dit: wie vragen heeft bij de vraagtekens in de gegevensbalk bovenaan... zal antwoord krijgen op het einde van dit verslag.

FOTO

(Foto: Toch voor een flinke opkomst voor de nieuwe loop in Crisnée)

Hoewel er nauwelijks publiciteit is gemaakt voor de eerste jogging van Crisnée, staat er toch een flinke groep looplustigen aan de start. Ik heb een opwarmingsrondje gemaakt in de koude miezerregen. Nu is het wel droog en dat zal het ook blijven tijdens de loop. Alles bij elkaar goed weer voor een herfstloop. Ik sta nog met enkele Limburgers te ouwehoeren als de groep plots in beweging komt en de start dus blijkbaar al gegeven is. Fotograaf Louis Maréchal die kiekjes staat te maken tussen de lopers moet zich ook uit de voeten maken. De eerste kilometer door het dorp Kemexhe - waar de kazerne van de Civiele Bescherming zich bevindt - is dalend en zorgt meteen voor een leuk tempo rond de 5'30". Dat is zowat het snelste wat ik nog mag verwachten. We steken de brede Chaussée Verte over... en dat roept bij mij al meteen vragen op. De hele meute kruist de steenweg zonder bescherming van signaalgevers. Ik zie wel een oranje hesje 200 meter verder. Daar zal de officiële oversteekplaats geweest zijn maar de ongeduldige lopers zijn dan al aan de overkant. Gelukkig is er weinig verkeer...  We zijn dus veilig(?!) en wel aan de westzijde van de Chaussée Verte en beginnen aan een lus van zo'n 5 km voor we weer diezelfde steenweg bereiken. Maar daar is de oversteek beter geregeld...

Mario Smolders, die samen met mij is vertrokken en die  je ongetwijfeld hebt opgemerkt op de eerste foto, neemt nu afstand van me en zal gedurende kilometers zo'n 30 meter voor me uitdraven. Op smalle kronkelende paden in het groen, meestal op asfalt, met een enkele strook over gras. Ofwel over rechte betonwegen, zeg maar ruiverkavelingswegen. De wind heeft hier vrij spel maar houdt zich wel nog wat in. Maar goed ook, want ik loop al snel afgezonderd. Kort achter me is er zo goed als geen beweging.  Het rondje bevalt me voorlopig wel. Na de passage aan de speel- en sportterreinen komen we voorbij de Ecole La Buissonnière. Ik ben voor het eerst in deze contreien en probeer ook de omgeving in mij op te nemen. Ik moet mezelf oppeppen om mijn tempo vast te houden. Dat is voorlopig alleszins niet hoog genoeg genoeg om mijn achterstand goed te maken op Mario. Het reliëf is licht golvend. Zo moeten we weer klimmen in de richting van een imposante watertoren in donkere baksteen. Die dreigend afsteekt tegen de grijze lucht. Een ideetje: een verbroedering met Heukelom, ook een watertorendorp. We lopen echter niet tot aan de Château d'Eau (in het Frans hebben ze een chiquere naam voor watertoren) maar worden linksaf gestuurd, weer door de velden, tot we opnieuw de bebouwing bereiken. We zijn in Fize-le-Marsal. Rechtdoor aan het kruispunt? Het zal wel. Gelukkig heb ik nog spoorzoekers voor me. Want een signaalgever is hier niet te bespeuren. ( Zoals daarstraks op de Chaussée Verte, ook niet echt volgens de regels.) We lopen langs een indrukwekkende Haspengouwse vierkantshoeve. Het gaat verder bergafwaarts over beton, weer in het veld. Aan een rechterbocht wacht  de bevoorrading op ons. Die heb ik niet nodig; Wat ik me wel afvraag: waar is hier de splitsing tussen de 5 en de 10 km? Ik heb die alleszins niet opgemerkt.  

FOTO

(Foto Marie-Paule: De grote hal van de Protection Civile... die ik niet zal zien)

Net op km 5 draaien we links een smal pad in. Zal ik dan toch voordeel kunnen halen uit de trailschoenen die ik heb aangetrokken op aanraden van de organisator? Dat was overigens een van de weinige concrete aanwijzingen die ik heb kunnen vinden. Afgezien van de beschikbaarheid van "bonne bière et pains saucisses". Die ik niet zal nuttigen om redenen die straks duidelijk zullen worden. Een kilometer onverhard dus, op hobbelig gras bezaaid met takjes en twijgjes. Stijgend bovendien, ideaal dus om Mario eindelijk in te halen. Ik maak alleszins al wat achterstand goed, terwijl ik de drang weersta om, zoals twee andere lopers, even mijn blaas te ledigen. Even een korte glibberige afdaling - die ik, ondanks mijn aangepast schoeisel, uiterst voorzichtig neem. Dan weer klimmend op het beton naar een lange dalende rechte weg, weer in het veld, waar ik het hoogste tempo haal van de hele loop. Mario volgt niet als ik hem dan uiteindelijk bijbeen. Tweede doortocht op de Chaussée Verte, nu in tegenovergestelde richting van daarstraks. Ik heb het moeilijk op een kort klimmetje. Mario komt weer dichter, ik hoor de takjes kraken onder zijn voeten. Ik kan weer wat meer afstand nemen op een nieuwe lange passage in het gras en daarna door een bosje. Het blijft uitkijken naar de linten die de route aangeven. Voor me is niemand meer te bekennen.  Km 9,1: en nu? Geen pijl op de grond of op een boomstam. Rechtdoor kan niet. Links door een hekken, rechts naar een weg? Ik sta stil, Mario kiest dan maar voor de weg. Verkeerd... stel ik vast aan de aankomst als ik andere lopers plots vanaf de parking naar beneden zie draaien en als Christian Vandevenne na me eindigt. Hij had aan km 5 nochtans een comfortabele voorsprong. Mario is weer achtergebleven op de (vermeende) laatste kilometer naar de finish. Ik zoek naar de streep .. en houd dan maar halt achter de tent en voorbij de worstenkraam. Een streep? Euh, er is geen streep. Geen tijdsregistratiematten, ook dat nog. Ik keer dan maar terug naar de Trakks-boog om te checken of mijn nummer wel genoteerd is. En uit mijn ongenoegen over de verwarrende want niet meer bestaande parcoursaanduiding ("weggespoeld door de regen"). Daar heb ik een kwartier later alweer spijt van. Uiteindelijk zou je als loper elk wedstrijdinitiatief moeten toejuichen. Een betere voorbereiding en begeleiding door ervaren organisatoren is wel op zijn plaats. Volgend jaar beter? 

Ik heb tot nu toe nog geen uitslag gevonden. Benieuwd of die er zal komen. Ik ben (gelukkig (?!) niet de enige die verkeerd is gelopen. Mijn tijd klopt sowieso niet want ik heb tussen de 500 en 1000 meter "gestolen". In elk geval eindigt de nochtans aangename loop op een lullige manier. Ik haast me terug naar huis, voor een warme douche. Bert Ernest is ook spoorslags teruggekeerd. Zoals ook Carlos de Almeida die zelfs niet gestart is en zijn looptenue in de auto heeft gelaten. Marie-Paule die mij tevergeefs opwacht in de hal van de Civiele Bescherming is danig onder de indruk.  Niet van mijn prestatie maar van het materiaal van het interventieteam. De twee ongebruikte drankbonnetjes zijn voor Nicolas Bynens die dan toch een prijs


zon 03/12/2023 10u15 * Landgraaf Kapellerbosloop  * 7,2 km * 00:45:08 * 9,5 * 60/72 *  (60+) 4/6 * ♥♥

Om ook dit weekend op te vullen met een competitieve uitdaging, kom ik terecht bij een bosloop in Schaesberg, gemeente Landgraaf, op de Nederlands-Duitse grens. Limburgrunning, de site van Huub Rokx met de loopevents van de Euregio en nog even daarbuiten, is een onuitputtelijke vindplaats voor de loophongerige sportman. Een bron uit Veldwezelt stelt mij gerust dat het rondje goed beloopbaar is en Servais Halders is blij dat hij na een onderbreking door een blessure weer de benen kan strekken in een wedstrijd. Wij met zijn tweeën dus naar het oosten. De GPS leidt ons feilloos naar... schildersbedrijf Sjef van Ooyen, de sponsor die zijn bedrijfshal ter beschikking stelt van organisator, Sport- en Trimclub Brunssummerheide Landgraaf. 

Na het ophalen van ons nummer beginnen we meteen aan de opwarming en de verkenning. Die gaan vandaag perfect samen. De temperatuur flirt met het vriespunt en het rondje in het bos pak je best ook niet zonder voorbereiding aan. We doen de lus zelfs twee keer en daarmee dwing ik Servais tot een langere opwarming dan gewoonlijk. Het zal hem geen kwaad doen, zoals later zal blijken. 

FOTO

(Foto: Muurschildering in de bedrijfshal van de sponsor Schildersbedrijf Sjef van Ooyen)

We staan met een klein pelotonnetje aan de start in het Kapellerbos: atleten van AV Caesar, Lopers Company Heerlen, Achilles-Top, plaatselijke loopliefhebbers... Ik zal moeten wachten tot na de loop eer ik het enige bekende gezicht zie, Harry Hamers, uit het naburige Baneheide (Simpelveld) en vaste klant van de Luikse wedstrijden. Mijn sportbril heb ik niet nodig, besluit ik na de verkenning. Ik zal het ook zonder windvestje moeten doen, thuis vergeten... Mijn trainingsjasje trek ik, na enig twijfelen, dan toch maar uit, kort voor de start. De juiste keuze mag ik achteraf zeggen, geen wind en volledig in het bos. Servais klaagt achteraf over te warme kledij. 

Na de start trekken de snelle lopers de groep meteen uiteen in de eerste 300 meter op een breed bospad.  Goed gezien van de organisatoren om de start in het begin van de breedste strook te leggen. Op het einde, waar we de single tracks van het bos induiken, ligt de finish. Die is voor over 4 ronden, van zo'n 1800 meter elk. Iedereen die zich sneller acht dan mij is al voorbij na de eerste helft van de eerste ronde en ik kan voorlopig min of meer ongestoord het juiste spoor vinden op de smalle bospaden. De boomwortels worden aangeduid met een likje witte verf en op twee gevaarlijke punten staat zelfs een signaleur met een vlaggetje. Geen half werk in Nederland. Dat tweede punt is niet echt gevaarlijk en dan zeker niet voor mij want dat is het begin van een steile klim die ik stapvoets neem. Dat is de enige mogelijkheid om überhaupt boven te geraken, zoveel is me al duidelijk geworden tijdens de verkenning. Het eerste deel van de passage in het bos is dalend. Daar kan je wat snelheid halen voor het pad begint te stijgen, eerst op mul zand, daarna op een hobbelige maar hardere ondergrond. Dan weer een stukje licht dalend op herfstbladeren voor we links op naar het Leenderkapelletje worden gestuurd.  Bergop dus met een stijgingsgraad tussen de 10 en 20 %, tussen boomwortels, geulen en stenen. Honderd meter... die heel wat deelnemers en niet alleen de snelsten, stel ik later vast, lopend overwinnen. Servais houdt het ook op stappen. De conditie kan je op peil houden op hoge leeftijd, de kracht verdwijnt onherroepelijk. Boven volgt een betonweggetje waar ik de gespaarde energie op de klim in een bescheiden snelheid kan omzetten. Weer draaien en keren op een bospad voor we de laatste rechte lijn op verhard inzetten naar de finish of voorlopig althans de doortocht. Ik loop vrij constante tijden op de 4 rondes. In de eerste en de laatste ronde gaat het een tikkeltje sneller. Deze en andere ontwikkelingen worden op beeld vastgelegd door een tiental fotografen en nog meer fototoestellen. Het zal weer dagen wachten worden op de plaatjes. Te laat voor dit verslag. (Aanvulling: Frank Jeurissen is er wel snel bij.) Voor de reportages is mijn snelheid wel nog intact. 

Voor ik halfweg de tweede ronde ben, word ik al gedubbeld door de snelste jongens. Daarna volgen nog een twintigtal (?) lopers die me een ronde aan de broek lappen. Dat verloopt zonder veel hinder voor mij en hopelijk voor de collega's die me voorbijsnellen. De fans die ons opwachten aan het kapelletje op de hoogte blijven me oppeppen om het toch lopend te proberen. Maar beste mensen, daar heb ik na al die jaren afjakkeren echt geen zin meer in. Ik passeer afgezonderd aan de radiowagen. De speaker heeft ruim de tijd om mijn nummer te bekijken en de bijhorende naam om te roepen. Zijn stem gaat even crescendo als blijkt dat Willy Cortleven uit België komt. En hij zorgt al meteen voor een opwaardering van de "Kapellerbosloop" naar "de "Internationale Kapellerbosloop". Ik bedank met opgeheven arm. Intussen ben ik in de derde ronde voorbij een jongere deelnemer gegaan. Tenminste op het eerste dalende deel in het bos. Hij lost me echter weer op de klim die hij wel lopend kan nemen. 

FOTO

(Foto: Servais Halders, de zeventiger die de jongeren, 60-plussers, het nakijken geeft...)

Daar is de laatste ronde al. Ik controleer nog even de afstand op mijn Garmin om niet een ronde te vroeg te juichen. Voor de laatste keer voorbij de kapel. Gewijd aan de Heilige Maagd Maria van de berg Karmel, voor wie op bedevaart wil gaan. De supporters zijn nu verdwenen, met hun favoriet naar de aankomst ongetwijfeld. Ik heb Bas, de jonge collega uit de derde ronde, opnieuw ingehaald. Nu zal ik hem voor blijven. Een man in het groen, Marco, is in de vorige ronde ook nog uit de achtergrond gekomen. Hij blijft zowaar lopen op de helling maar bekoopt zijn inspanning op het volgende deel op het vlakke. Met de morele steun van Servais, die me in de laatste ronde, komt "ophalen", kan ik de zestigste plaats in de wacht slepen. Voor wat het waard is. In elk geval is de balans van het kleine uurtje bosvermaak in Landgraaf positief.

We nemen een slokje water met een licht roze kleurtje, enkele grammetjes sportpoeder kunnen wel af van het budget van de organisatie. Ook hier geen douches. Bij Sjef vinden we gelukkig een warm en discreet plekje om droge kleding aan te trekken. Ik kies voor een tomatensoep op de uitgebreide gerechtentafel. Lekker maar  erg karig. De uitslag is er snel, evenals de prijsuitreiking. Hier houden ze niet van vertragingsmanoeuvres om de drankconsumptie aan te zwengelen. De podiumceremonie verloopt erg vlot. Maar waarom de beste atleten  een dubbele beloning geven, in de totaaluitslag en in hun leeftijdsklasse? Dan maakte het prijzenreglement van de Vredesloop in Vroenhoven (2021) een grotere groep lopers gelukkig. Maar hier ben ik misschien partijdig... Hoe dan ook, mijn loopmaat Servais verrast zichzelf en de organisatoren met een overwinning in de categorie 60 plus. De Voerenaar kan niet nalaten dat ook even in het oor van de speaker te fluisteren... Daar drinken we nog eentje op, een koffie wel te verstaan. En plots staan we hier nog maar alleen. In een oogwenk is de hal leeggelopen. Alleen de mensen van de organisatie zijn er nog. Ze zullen zich niet rijk maken, hier in Landgraaf.


zon 09/12/2023 15u * Sint-Truiden Estafette * 5,8 km * 00:31:11* 11,2 * 36/48 * 4/5 (H+120)* ♥♥

De afspraak was al een maand geleden gemaakt in Waremme: als Marc, de ploegmaat van Bruno Broos, begin december niet hersteld is van zijn blessure, vormen we opnieuw een team in de laatste aflossingswedstrijd van het seizoen in Sint-Truiden. En zo zijn we op deze miezerige decembermiddag aan het moderne Lago-sportcomplex om onze rondjes af te werken. In de hoop enkele meters meer te puren uit onze gedeelde inspanning van een uur (dat lukt) en ons derde podiumstekje te behouden (daar steekt het duo van Langeveld -  Humblet een stokje voor). Haha, nu schud ik plots, zonder het te weten, een woordspeling uit de mouw...

FOTO

(Foto: Nora Houben met het stokje, maar zonder ploegmaat...)

Het parcours is me bekend van vorig jaar. maar tijdens de opwarming merken we plots dat we dit jaar in tegengestelde richting moeten lopen. Niet dat het veel zal uitmaken. Alleen de aankomst en de aflossing is wat overzichtelijker en dat is precies de reden van de wijziging. We zijn vandaag met 48 ploegen. 96 deelnemers dus, hoor ik jullie denken. Toch niet, 95 starters. Nora Houben van Tongeren moet het zonder ploegmaat stellen (de reden is me onbekend) en werkt haar rondjes stoïcijns alleen af. Over de prijs voor de strijdlust bestaat dus geen discussie. Alleen wordt die niet toegekend. Een vermelding in dit verslag mag hopelijk als een grote eer worden beschouwd.

De 48 startlopers worden op pad gestuurd door de Truiense schepen van sport. Onder hen mijn teamgenoot Bruno die een plaatsje zal moeten afdwingen en liefst behouden in de sliert lopers op het smalle pad na de eerste bocht. Dat gewring bespaar ik me. Ik wacht Bruno op aan de aankomst, tijdens de loop als wisselzone/zone relais aangeduid. Door de omgekeerde parcoursrichting zien we de lopers nu vanaf een kleine honderd meter aankomen en kunnen zo een geschikte positie innemen voor een vlotte stokwissel. Daar zie ik in de verte een blauwe trui aankomen onder een grijze haardos. Ik sta met uitgestrekte hand klaar om Bruno af te lossen ...tot ik vlak bij de streep moet vaststellen dat ik de verkeerde loper in het vizier had. Even later komt de echte Bruno Broos dan toch aan. Ik begin vol goede moed aan mijn eerste ronde ...en ben na 150 meter al op zoek naar mijn tweede adem. Zo'n aanvangsronde, in wedstrijdtempo, is toch nog altijd even anders dan een opwarmingsronde. Al was het maar om op hogere snelheid de vele plassen te ontwijken. 

De regen die tijdens mijn autotocht hierheen met bakken uit de lucht viel, zal zich tijdens de loop inhouden. Maar het blijft winderig en ongezellig. Nadine, mevrouw Broos, zoekt beschutting onder de afkapping naar de ingang van het zwembad. Ik tel de rondes af. Ik mag uitgaan van een totaal van zes. Het eerste deel van de lus ligt me totaal niet. Op het eerste en enige bultje van het parcours, op het grindpad rond 250 meter, val ik zo goed als stil - die indruk heb ik althans - en ik mis de soepelheid om de bochtjes in het park gezwind te nemen. Bovendien pak ik het voorzichtig aan: de paden en steentjes zijn glad en bezaaid met bladeren. Ik zoek ook snel de buitenkant van de paden op om de snellere lopers niet te hinderen. En bewonder hun snelheid en stijl als ze voorbijvliegen. Eens rond het prieeltje in het park kan je je snelheid uitspelen. Dat betekent voor mij een tempo rond de 5'/km... Buiten de wisselzone zijn er nauwelijks supporters langs het parcours. Of toch éen. Moedigt die mij aan? Maar wie is die gemutste jongeman dan? Na afloop maak ik kennis met de mystery-fan. Het is Nicolas, een loopmaat van Bruno en vandaag dus ook fan van mij. 

FOTO

(Foto's: Jens Riskin)

De laatste ronde is bezig. Dat wil zeggen mijn laatste ronde. Bruno wacht me op aan het speelpleintje en jaagt me op naar de finish om zelf nog een deeltje van de dertiende ronde (samengeteld) te kunnen meepikken. We snellen samen voorbij Gilbert en Albert die nu al ronden lang aan de kant staan te palaveren. Aan de streep heeft Bruno nog twee minuten tijd om ons totaal met enkele honderden meters aan te dikken. We komen uit op 12.326 meter, een lichte verbetering ten opzichte van Waremme. De gegevens hierboven zijn mijn eigen tijdsopnames tijdens de loop en zijn noodgedwongen niet echt precies. Het stokje aannemen en de stopwatch indrukken in een fractie van een seconde, er hapert wel eens iets. Mijn ronde en/of kilometertijden zijn wat beter dan wat ik op mijn Garmin aflees: tussen 5'09" en 5'16". Daar ben ik best tevreden mee. Nog meer opgetogen ben ik over de tijden van Bruno: tussen de 4'24" en 4'38". En daarmee blijven we netjes uit de rode lantaarnzone.  

Ik haast me naar binnen om mijn Albert Heijn-goodiebag in ontvangst te nemen en de douches op te zoeken.    Dan wacht ik mijn beurt af voor de braadworst die ons door de organisatie wordt aangeboden. Als ik het stevige exemplaar verorberd heb, is het al tijd voor de prijsuitreiking. Niet voor ons dus, maar Bruno neemt revanche door de grote tombolaprijs mee naar huis te nemen. Na een aangename babbel en een enthousiaste voorstelling van zijn olijfgaard en zijn groentendomein door Domenico, neem ik afscheid van mijn loopvrienden. Tot (heel) binnenkort...


zon 10/12/2023 15u * Zoutleeuw Corrida  * 11,5 km * 01:07:34 * 10,2 * 105/132 *  (Heren) 78/85 * ♥♥

"Hij geeft niet af" lacht Roland Vandenborne als hij me ziet opwarmen in Zoutleeuw, een dag na de estafette van Sint-Truiden. Waar hij trouwens ook actief was, zoals zijn maatje Mario Smolders. Ja, dit wordt een dubbel weekend, zoals de veldrijders dat wel plegen te doen. Lichtzinnig, roekeloos? Misschien. Maar ik wil de Brabantse loop die al een hele traditie heeft opgebouwd (hoeveel jaren?) toch wel eens aan mijn palmares toevoegen... nu ik nog bij de levenden hoor. 

FOTO

(Foto: Het prachtige laatgotische stadhuis van Zoutleeuw... zoals we het vandaag niet te zien krijgen want gedeeltelijk verborgen door de kerstmarkt , Foto I&C)

De door de GPS uitgestippelde route naar Zoutleeuw leidt door een aantal dorpen waar alleen de toren van de Basiliek van Kortenbos boven de banaliteit en de vlakheid uitsteekt. Na (hopelijk) de trajectcontroles te hebben overleefd komen we tijdig aan in de Oost-Brabantse parel. Ik zie er heel wat bekenden van de Limburgse criteria, naast vele nieuwe gezichten. Misschien deelnemers aan het Loopcriterium Hageland? Ik ga meteen een kijkje nemen in de kleedruimte die voorbehouden is voor de lopers. Drie hoog, onder het dak van het stadhuis. Ik zie me hier straks niet met mijn sporttas naar boven klauteren. Dan maar wat inlopen in het stadje. 

De lange wachtrijen aan de inschrijvingstafels zijn verdwenen. We kunnen eraan beginnen. We staan met meer dan 300 klaar voor de SQM-boog, even buiten de kerstmarkt. We murwen ons met zijn allen door de smalle straatjes van het stadscentrum. De eerste kilometer wordt meteen de langzaamste van de loop. Ik onderga het tempo, opgelegd door de omstandigheden. En moet sowieso bang afwachten hoe de benen zullen reageren na de  explosieve inspanningen van gisteren. De opwarming heeft mij alleszins het gevoel gegeven dat het goed kan komen. Ik zie Jean-Marie Haekens en de twee bovengenoemde kornuiten langzaam van me wegschuiven. Goed, ze hebben maar 6 km te doen, maar ze vertrekken ook niet echt als een speer. Na een kleine kilometer verlaten we de bebouwing langs een smal pad met hier en daar wat keien en stenen. Dat is overigens de enige strook die niet lekker beloopbaar is. Dan komen we uit in een natuurgebied, dicht bij (of deel uitmakend van?) het provinciedomein "Het Vinne". Stefan Meekers is me intussen ook voorbijgegaan. We lopen nu een 2 km min of meer rechtdoor op aarden wegen en beton.  Ik draai op een tempo van zo'n 5'35" per km. Dat kan ik volhouden maar versnellen zit er echt niet in . Ik heb mijn "mindset" moeten bijwerken voor de start. Ik had gerekend op een aantal rondjes in het stadscentrum. Nu blijkt de ronde 6 km lang. Achteraf gezien, niets verkeerds mee. Maar waarom de loop dan aankondigen/aanprijzen als een corrida? Het parcours blijkt een combinatie van een natuurloop met een stadsloop. In elk geval biljartvlak, voor de jongens en meisjes met snelle spiervezels.  Na 2 kilometer is Jan en klein Pierke me al voorbijgegaan. Bij een bocht (die zijn er nauwelijks tussen km 1,2 en km 3,2) kijk ik eens achterom en zie dat er nog een sliert van honderden meters lang achter me volgt. Dat stelt me voorlopig gerust. Afwachten wie daarvan in de tweede ronde overblijft. We volgen een tijdje de Vloedgracht en draaien na een goede 3 km rechtsaf naar de Kleine Gete. Een voetpad langs een rijweg, de Budingenweg, brengt ons terug naar de stad. Ja, de stad. Het moderne Zoutleeuw telt dan nu maar een 7000 inwoners maar het verdient het predicaat "stad" op grond van zijn historische betekenis. We lopen nu in tegengestelde richting van daarstraks en krijgen, vooral op een gelukkig korte strook tussen de huizen, wat tegenwind te verwerken. We lopen langs de Kleine Gete, in fraaie straten, tussen kleine huisjes en in de schaduw van het imposante voormalig Gasthuis van de Grauwzusters, richting markt. Die honderd meter in de richting van en langs het stadhuis alleen al maken deze loop de moeite waard. De blauw-paarse lichtvlekken op het wegdek en de lichtkransen op het historische raadhuis brengen een feeërieke toets. De dichte drommen marktgangers en gelegenheidstoeschouwers zorgen voor de ambiance. Voor we de streep bereiken krijgen we zowaar een heuveltje voorgeschoteld naar het speelplein toe. De lichte afdaling naar de finish is goed voor het snelste tempo van de loop. 

FOTO

Foto Marie-Paule: Start met de snelle mannen op de voorgrond en aankomst van een trage man ) 

Ik begin aan de tweede ronde. Het is ook de omroeper niet ontgaan. Mijn naam weerklinkt in de Leeuwse straten. Is er buiten Marie-Paule nog iemand die aandacht heeft voor nummer 275? Daar zijn weer de bonkende beats in de Begijnhofstraat (?). Een achtervolger gaat me voorbij. Het zal een van de uiterst zeldzame positiewisselingen worden in dit tweede deel. Langs het café of een ander soort ontmoetingsplaats op de Koepoortstraat. De uitbundige jongelui stuwen ons vocaal vooruit. Dan weer op het onverhard waar een duo signaalgevers (vermoed ik) wel vastgeklonken lijkt op een zitbank. Verder op  het beton. Opletten voor de ongelijk liggende betonplaten. Ik loop alleen, de meeste gezellen van daarstraks zijn op de kerstmarkt gebleven. De natuur is grijs, de lucht donker. Ik vecht tegen de vermoeidheid, de eenzaamheid, de verveling. Dat ik het op karakter volhoud, redt mijn tweede hartje. Het is wel ironisch dat ik de laatste tijd vaak een wedstrijd kies als tegengif voor eenzame trainingen. Ik moet denken aan de wijze woorden van Roland Vdb voor de start: "Dat doe ik niet meer, twee ronden." Zes kilometer vond ik wat mager voor zo'n verre verplaatsing, vandaar mijn keuze. Maar veel loopplezier haal ik niet uit het bisnummer. Bij het terugdraaien aan km 9 peil ik nog eens de achtergrond: niets dan een gapende leegte. Maar even verder zie ik plots een witte gestalte achter me. Waar komt die plots vandaan? Ik haal intussen een in het zwart uitgeruste en een koptelefoondragende jonge dame in. Het duurt niet meer lang of de witte gestalte verschijnt naast me. Is dat toch niet Greta Philippaerts! "Waar kom jij vandaan?" vraag ik verbaasd. "Toilet moeten opzoeken" is de verklaring. Ze rondt haar achtervolging met succes af want ze laat me meteen achter in de straten van Zoutleeuw. Ik verlies nog enkele seconden op de kasseien en in de kronkelende straten van de stad. Het gemiddelde onder de 6' per km kan ik wel vasthouden. De tweede doortocht op de markt heeft lang niet meer de glans van de eerste. De marktgangers hebben geen aandacht meer voor de late finishers. Ik beëindig de loop ook in de grootste onverschilligheid aan de finish. Gelukkig heeft tijdsopnemer SQM mijn passage wel geregistreerd en blijft mij het Crisnée-scenario bespaard. 

Om kwart over vier begint de avond al te vallen. "Het is hier overal stampvol" meldt Marie-Paule. "Zouden we niet beter vertrekken?" is haar suggestie. Die ik deze keer aanvaard... Droge kleren aangetrokken in de auto en meteen op weg naar Sint-Truiden en verder oostwaarts. Vijf uur en drie tussenstops later zijn we weer thuis...


zon 17/12/2023 14u * As Kerstrun * 9,5 km * 00:55:52 * 10,1 * 46/93 *  (70+) 1/1 * ♥♥

De kalendermakers hebben het dit weekend bruin gebakken. Niet minder dan zes lopen komen in aanmerking voor mijn volgende wedstrijd. En dan schrap ik er nog enkele wegens niet geschikt voor mijn oud gestel. Servais, Nicolas en Martin K. kiezen voor Slins, een leuk loopje aan de overzijde van de Jekervallei. Maar in As hebben ze de Kerstrun weer tot leven gewekt en een Kempense loop lijkt me een mooie afwisseling voor de Luikse organisaties. Ik moet ver in mijn archieven graven om mijn vorige deelname terug te vinden. Tot in 2014. Een schok... gaan de jaren dan zo snel voorbij? Toen draaiden we rondjes in het midden van het dorp. Nu is de start- en aankomst verplaatst naar een site buiten het centrum met sporthal,  jeugdhuis en vrijetijdscampus. Alle voorzieningen zijn hier aanwezig voor een sportwedstrijd en een kerstmarkt. Meteen al deze beoordeling: alles is tiptop georganiseerd, zegt Marie-Paule... en die heeft altijd gelijk. 


Limburgse organisatoren wijken niet af van hun traditioneel startuur in de namiddag en dus verzamelen we even na de noen onder de startboog van "sporters beleven meer". Die sporters beleven iets wat zelfs politici missen blijkbaar. Want wie zie ik daar voor me? Vlaams minister Zuhal Demir. Voor wie mijn verslag van Thier à Liège niet gelezen heeft (foei!), daar stond de communistische voorman Raoul Hedebouw aan de start. We zijn net niet met honderd. Een kwartier na ons vertrekken ongeveer evenveel 5km-lopers. Ik neem aan dat de initiatiefnemers tevreden zijn met de opkomst. Maar eigenlijk verwacht ik meer belangstelling in een regio waar de competitielopen sowieso erg schaars zijn. In het peloton zie ik welgeteld drie bekenden. Voornamelijk gelegenheidslopers, plaatselijke liefhebbers in As? Mijn geflatteerde positie in de uitslag - net in de eerste helft - schijnt daarop te wijzen. 

De parcoursbeschrijving op de site heeft me niet veel wijzer gemaakt. Bij mijn (gedeeltelijke) verkenning krijg ik wel een goed beeld van wat de routeplanners voor ons hebben uitgedacht. En dat blijkt vooral een bosloop te zijn, merk ik, als ik, zowat als enige, vooraf de bospaden opzoek. We beginnen met een vlakke aanloop van een kleine 400 meter. Dan draaien we rechts een rijweg op en krijgen we een klim van 200 meter met zo'n 3% stijging te verwerken. Na een kilometer keren en draaien in het bos gaat de klim verder, weer op asfalt, naar de buitenwijken van de deelgemeente Niel. De helling is niet meer dan een stevig vals plat maar ik ben wat fel van start gegaan en moet gas terugnemen in de derde kilometer, weer vooral in het bos. De bospaden zijn overigens heel goed beloopbaar. Ze zijn stevig aangestampt en nauwelijks glad. In een enkele bocht ligt er wel wat modder. De schaarse stenen en de ook niet overdreven talrijke boomwortels zijn goed aangeduid met een likje oranje verf.  Eens we de eerste keer door Niel zijn gepasseerd, is de laatste loper uit de achtergrond me voorbijgegaan en behoud ik mijn positie tot een goede kilometer voor de aankomst. In de tweede lus door het bos worden de kuiten even op de proef gesteld door een strook mulle bosgrond. We lopen de Hoogstraat weer af, nu op het voetpad, voor de eerste doortocht aan de finish. Op de Schuttenbergstraat kruisen we de lopers die al onderweg zijn op de tweede ronde. Zoals het koppel Marleen Reijnkens - Benny Cox. Ik zoek Marie-Paule tussen de fans langs de kant. Tevergeefs, nog niet terug van haar wandeling naar As City, blijkt achteraf.  

Ik begin aan mijn tweede ronde. Zuhal, omringd door een zwerm mannelijke begeleiders (vrienden/ bodyguards: schrappen wat niet past), is flink aan het afzien. De tweede klim op de Hoogstraat gaat wat moeizamer dan een halfuurtje geleden. In de andere richting zijn de eersten bezig aan hun eindspurt. Wij, de tragere wezens, zijn weer in het bos. Die 2600 meter in het Speelbos lijken gevoelsmatig veel langer dan de 2200 meter op het asfalt. De looprichting in de talrijke bochten wordt goed aangeduid door linten. Bovendien houdt een legertje signaalgevers, veelal jongeren van de Vrolijke Runners As, ook een oogje in het zeil. Ik verlies een tikkeltje snelheid in het bos maar kan me weer herpakken op de dalende strook asfalt naar Niel. Dat gaat vlotter op de rug van het bolle wegdek. Voor de tweede keer omhoog op de Verbindingsstraat. Die heeft meer hobbels en bobbels dan de boswegeltjes.  Oranje strepen, cirkels en stippellijnen geven de contouren van de bultjes aan. Nog nooit gezien maar heel nuttig. Uitstekend werk van de organisatie. Ik schakel over op een kleinere paslengte op het tweede deel van de klim. En nader nu snel op een loper, een Vrolijke Loper van de plaatselijke loopgroep. Die haal ik in bij de percussiegroep aan de dubbele doortocht aan km 7,2. De jongeman speelt wel nog eens haasje-over maar moet toch loslaten in de laatste kilometer. Daarna hoor ik wel nog wat geritsel achter mij maar mijn eindspurt (lees: iets hoger tempo) in de vlakke laatste 500 meter, geeft de achtervolgers geen kans meer. Ik krijg nog applaus in de laatste meters, onder meer van Marie-Paule die net op tijd weer aan de finish is opgedoken. De official aan de streep maant mij aan vaart te minderen. Dat maakt voor hem het scannen wat makkelijker. Maar ik stoom door tot op de streep. "Ik ben hier om zo snel mogelijk te lopen" hijg ik. De scanner, ik bedoel de man met de scanner, kan mijn grapje wel op prijs stellen. Met mijn gemiddelde, een fractie onder de 6'/km, ben ik best tevreden. Het had voor mij wat minder bosloop en wat meer stratenloop mogen zijn. Maar dat is een persoonlijke mening. In de kleedkamer hoor ik vooral lovende commentaren over het parcours. 

FOTO

(Foto's Freddy Scheepers)

Het podium en de prijzen zijn voorbehouden aan de drie besten bij de mannen en de vrouwen. Leeftijdsklassen zijn er wel, ook al is daar geen "Siegerehrung" aan verbonden. Zelfs een categorie 75+. Bij gebrek aan kandidaten is er geen 70-75-categorie. Ik roep mezelf dan maar als winnaar van alle 70-plussers uit. Een overwinning zonder glans, want enige deelnemer. Bijzonder, wat zeg ik fenomenaal, is dat er in de 5km-loop een deelnemer van 80 jaar, een gemiddelde haalt van 14 per uur. Daarmee laat hij uiteraard drie vierden van het peloton achter zich. De krasse tachtiger is mij onbekend, Google heeft geen weet van een hardloper met die naam. Heeft daar iemand een fout gemaakt bij het invullen van zijn geboortedatum? Als mijn wantrouwen onterecht is, bied ik alvast mijn verontschuldigingen aan en maak ik een diepe buiging.  

Bij het verlaten van de kerstmarkt en met mijn gedachten al bij het wedstrijdverslag bots ik op een van de twee fotografen die ik daarnet druk doende zag aan de finish. Freddy Scheepers is zo vriendelijk mij meteen enkele foto's door te sturen, enkele dagen voor de officiële release van zijn beelden. Zijn foto's geven wat kleur aan mijn mogelijk dor verslag van de gebeurtenissen. Bedankt voor de voorkeursbehandeling en het reportagewerk, op vrijwillige basis nota bene. Ons bezoek aan As eindigt in het pittoreske stationnetje van Asch...


zon 31/12/2023 10u30 * Haneffe Jogging des Templiers  * 9,9 km * 00:57:55 * 10,3 * 272/377 *  4/4 * ♥♥♥

Het is ongezellig koud en winderig als we 's ochtends uit de auto stappen op de parking naast de sporthal van Haneffe. Een bekend oord voor Marie-Paule en mij, een nieuwe locatie voor onze chauffeur vandaag, Servais Halders. Ik heb het parcours van vorig jaar thuis nog even onder de loep genomen maar zie bij aankomst meteen dat de pijlen een andere richting uitwijzen. Eens vertrokken blijkt dat we de zomerronde volgen, althans een gedeelte van de tweede loop die hier georganiseerd wordt, maar dan in tegengestelde richting. Die route is me overigens ook bekend van vorige deelnames. Of de parcourswijziging te maken heeft met een nieuw organisatiecomité (de voetbalclub?) is mij onduidelijk. Wel mis ik dit jaar Alain Woolf, de organisator van de vorige edities. De Jogging des Templiers - een verwijzing naar de geschiedenis van Haneffe - vindt traditioneel plaats op de laatste zondag van het jaar. Dat is ditmaal ook de laatste dag van het jaar. Maar (de voorbereiding van) de Réveillon houdt de joggers niet tegen. We staan met meer dan 600 (voor twee wedstrijden) te popelen aan de start. Dat popelen wordt stilaan bibberen, als de start met een kwartier wordt uitgesteld. Op bevel van de politie, meent Marie-Paule opgevangen te hebben.

FOTO

(Foto Marie-Paule : Donceel, fusiegemeente, het land van de Tempeliers)

We worden uiteindelijk toch losgelaten. Aan de eerste bocht gaat het nu rechtsaf, dan voorbij de Ferme Schalenbourg. De schaapsstal laten we rechts liggen en we beginnen aan de eerste klim op de ruilverkavelingsweg - waar ik enkele jaren geleden, toen we hier in de omgekeerde richting naar de aankomst stormden, nog gelost ben door Claude Herzet. Maar nu heb ik geen tijd meer voor zoete of anders smakende herinneringen, ik bijt me vast in het spoor van Mario Smolders. Dat bespaart me hopelijk een achtervolging in de volgende kilometers en levert me een tempo op dat ik tot het einde moet kunnen volhouden. Na een goede kilometer bereiken we een eerste plateau. Daar wachten ons 300 meter in het open veld op beton, door de weersomstandigheden bestreken met een modderlaag. In de nu volgende afdaling van een 800 meter kunnen we herstellen van de eerste inspanning en op een hoger tempo overschakelen. In de 5'45" van km 2 zit wel nog wat reserve voor de volgende kilometers. We zijn nu op het laagste deel van het parcours, in het valleitje van de Yerne. Vlak, maar smal en glad. En in de lange rij achter elkaar op de berm langs het riviertje is het beter geen inhaalpogingen te wagen. In de vierde kilometer op de betonwegen tussen de weiden is er weer meer plaats en kunnen we opnieuw op onze kruissnelheid overschakelen. We lopen nu terug naar het dorp en hebben, links van ons, uitzicht op de vallei en op de lange sliert lopers achter ons. Dat geeft al wat moed. Van de nog veel grotere groep voor ons zien we alleen de laatsten. En wat niet weet niet deert... 

Rond km 4, op weg naar de noordelijke lus van de ronde, worden we een smal onverhard pad opgestuurd. Een glibberige passage zorgt voor een file en enkele seconden oponthoud. Die moeten we dan maar in de volgende km proberen goed te maken. Alleen gaat die omhoog op een lange rechte weg op asfalt. Km 5 kost me 6'11". Na een linkerbocht volgt er nog een langere rechte weg op beton, maar nu lichtjes dalend. Ik ben overigens nog altijd in het gezelschap van Mario. We halen hier een mooi gemiddelde van 11 per uur. Het is aangenaam lopen op dit (tweede) plateau. De regen is opgehouden van bij de start en de wind is minder fel dan verwacht. We moeten enkele plaatsen inleveren aan opkomende collega's maar halen wel Dominique Bertrand in, een oude bekende, die al kilometers voor ons uit draafde. Aan km 7 veranderen we van richting. Ik heb min of meer toevallig enkele meter voorsprong genomen maar door de wind die hier vol in het gezicht blaast, waai ik weer terug in het groepje met Mario. Km 7,5: hier was vorig jaar nog een knooppunt van de lus die we toen maakten rond Donceel. Het gaat weer even wat feller omhoog tussen de hagen. We lopen Jean-Luc Letellier in, ook een oude krijger van vele oorlogen. Plots worden we linksaf gestuurd. Niet dat ik verrast word. Ik heb daarstraks de laatste kilometers verkend en weet dus dat het kasteelpark opnieuw in het parcours is opgenomen, zoals dat jaren geleden ook het geval was. Mario verhoogt meteen het tempo. Ik mag het spoor nu niet verliezen. Dat is extra moeilijk omdat ik me op het smalle pad, tussen de takken van de bomen en met hier en daar wat boomwortels op de grond, langs verschillende lopers voor me moet wurmen.  Maar even voorbij km 9, als we door de kasteelpoort de Rue du Parc oplopen, ben ik nog altijd in de onmiddellijke buurt van mijn grote gezel. Ik heb dan net de mooiste passage van de loop achter de rug, de laatste lus in het park met zicht op de achterzijde van het kasteelgebouw. Of deze voorkeur ook geldt voor mijn collega's, laat ik in het midden. We zijn in de laatste km. Die ligt me niet echt, weet ik van vorige jaren, toen dit ook de finale was. Voor het eerst vandaag moet ik echt in mijn reserves putten. Ik moet ook nog even inhouden omdat ik in het groepje (met onder meer een FC Luik-loper en Servais Halders, die mij komt ophalen) even op een verhakkelde asfaltstrook terecht kom. Nog één bocht en de laatste wedstrijdkilometers van het jaar zitten erop. 

FOTO

Chateau de Chestret in Haneffe (Foto atelier.phi)

Ik beëindig het loopjaar 2023 met een goed gevoel en een oogst van drie hartjes. Dat is wel eventjes geleden. Er staat een lange rij wachtenden voor de drankentafel. Ik maak meteen rechtsomkeert en zoek de douches op. En daar duikt plots de man op die ik al sinds corona niet meer gezien hen en die ik verloren waande voor de loopsport, Eric Martin. Terug thuis merk ik dat ik mijn nummer (met bijbehorende chipstrips) niet heb ingeleverd. Wil iemand mijn nummer terug bezorgen aan Pierre Olivier?

De categoriewinnaars staan wat eenzaam op het podium bij de prijsuitreiking. Aînée 1 Kathy Brison voert dan maar een showtje op in haar tempelierspakje. Bij de 70-plussers is het voltallige podium van vorig jaar afgelost door een nieuw trio. Maar dit jaar mag alleen nummer 1, Servais Halders, het applaus in ontvangst nemen. De tweede en derde blijven anoniem in de massa. Zoals runner-up Nicolas Bynens. Dan mag je al 103 wedstrijden gelopen hebben dit jaar...  Hoeveel de drankenkorf weegt (de prijsvraag van de tombola) zullen we waarschijnlijk nooit te weten komen. Bij de bekendmaking zijn we al op weg naar huis.

Nog enkele (rustige) uurtjes in 2023 en we zijn alweer in een nieuw jaar. De trouwe lezers wens ik een goede gezondheid, fijne ontmoetingen en veel loopplezier.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten