Archief 2025

zon 26/01/2025 10u15 * Hannut Jogging de la Cross Cup  * 5,3 km * 00:36:59 * 8,6 * 86/92 *  3/3 * ♥♥

Eindelijk nog eens een verslag van een wedstrijd. Jullie hebben er lang moeten op wachten... ik nog langer. Na mijn zelf gekozen wedstrijdbreak half augustus is het pas de derde keer dat ik weer eens reageer op een al of niet fictief startschot. Mijn eerste wedstrijdpoging, drie maanden geleden in Wasseiges, bleek een miskleun. Retinne, een dikke maand later, bood aanvankelijk een rooskleuriger perspectief maar kon zijn belofte niet waarmaken. Dan maar opnieuw geduld oefenen, wat halfslachtige oefenloopjes doen, medische onderzoeken en -gesprekken ondergaan. De wetenschap kan me voorlopig niet verder helpen. Ik begin in arren moede dan maar zelf mijn resterende fysieke mogelijkheden af te tasten en mijn trainingen voortaan op een voorzichtig looptempo af te werken. Om de zoveel hectometer onderbroken door een stappauze. Dat lukt voorlopig, tenminste zolang ik binnen de grenzen blijf die mijn spieren me voorschrijven. Een poging om de pijndrempel te overschrijden leverde me alleen drie weken stilstand op. Ik heb intussen geleerd mijn dadendrang in te tomen. Maar helemaal kan ik de lokroep van de competitie niet weerstaan. Misschien toch weer eens proberen in Hannuit, op een vlak parcours en op de korte afstand. 

Ik ben met mijn twee reisgezellen Servais Halders en Jean-Pierre Immerix ruim op tijd aan de overdekte markt in Hannuit, de inschrijvings-en aankomstzone. Nog enkele andere Zuid-Limburgers hebben de weg gevonden naar het Haspengouws stadje. De temperatuur rond het vriespunt dwingt ons snel met de opwarming te beginnen. Jean-Pierre heeft echter een warme tent ontdekt en doodt daar de tijd in afwachting van de start. Die vindt plaats op de site van de Cross Cup-veldloop, al decennia lang een klassieker in het genre. We zijn met een goede tweehonderd voor de korte en lange loop samen. De eerste honderd meter zijn nauwelijks beloopbaar op de verzopen en inmiddels stukgetrapte weide langs het stadion. Maar we komen snel op het verhard waar de snelheidsduivels niets in de weg wordt gelegd. Het parcours is me overigens goed bekend van twee vorige deelnames, toen weliswaar op de lange afstand. Maar dat is gewoon de korte afstand maal twee. Ik ben snel op mijn plaats, dat wil zeggen in de achterste gelederen van het peloton. Ik maal de hectometers af in een gezapig tempo. Aan km 2 kost een plaspauze me nog een dertigtal seconden. Niet meer gedacht aan mijn gevoelige blaas tijdens de opwarming... Ik haal weer enkele collega's in die wat voorsprong hebben genomen na mijn sanitaire stop. Maar waar is Carlos de Almeida gebleven? Die ben ik daarnet voorbijgegaan. Ook in de uitslag is hij niet terug te vinden. Het zijn voornamelijk dames die in mijn buurt evolueren. En er is ook een grijze man die met gebogen rug en moeizame stap de ruilverkavelingsmeters achter zich laat. Tijdens de enige (lichte) klim op het parcours geraak ik met hem in gesprek. Over de ouderdom (hij is er 74) en blessures... Ik laat me wat in slaap wiegen door het gekeuvel en moet op de vijfde kilometer 7'20" toestaan. Ik hou me in elk geval wel aan mijn voornemen om mijn nog altijd zeurende linkerbil niet te forceren. Daar wijst een signaalgever strak naar rechts, naar de overdekte markt. "C'est déjà l'arrivée?" vraag ik hem, lichtjes teleurgesteld. Ik ben nog helemaal niet moe... De aangekondigde afstand is wel langer, heren organisatoren. Ik loop samen met Francis Thomas (de 74-jarige) over de streep. Goed voor een podiumplaats bij de veteranen 4: derde op drie. Jean-Pierre, ook verrast door het kortere parcours, eindigt 6 minuten voor ons. Hoogste trapje van het podium... dat er helaas niet is. In de 10 km heeft Servais geen tegenstand. Met een gemiddelde tegen de 13km/uur en dan had hij nog overschot...

Een warme douche, dan voor mij een koffietje aan de "buvette" in de hal. Maar wat is me dat hier voor een koude, ongezellige bedoening? Een domper voor wie de "convivialité" (de gezelligheid) van de Waalse criteria gewend is...


zon 23/03/2025 10u30 * Visé Jogging de devant-le-pont * 5,2 km * 00:33:53 * 9,3 * 135/203 *  1/1 * ♥♥

Het is er dan toch nog eens van gekomen, na bijna twee maanden: een loopwedstrijd. Niet dat mijn tijd een schokgolf zal jagen door de sportredacties. Maar zelf ben ik toch nog verrast. Meer dan 9km per uur gemiddeld. Al lang niet meer meegemaakt. Wat voorafgaat is bekend: nauwelijks loopkilometers, zelfs geen volgehouden inspanning van meer dan enkele hectometers, een conditie die pijlsnel de dieperik is ingegaan, blessures die op de loer liggen. Maar de pijn aan de linkerknie die me de laatste weken tot grote voorzichtigheid aanmaande, is fel geminderd. En de andere ongemakken in de lies en aan de aanhechtingsspieren rond het bekken leveren geen beletsel meer op om me nog eens aan competitie te wagen.

De wedstrijd in Visé, devant le pont, de brug over het Albertkanaal, is me bekend van de 10 km-wedstrijd die haar beslag krijgt op het jaagpad van het kanaal en op de Ravel langs de Maas. Ik hou het bij de 5km. Mijn laatste 10km- pogingen op training leverden me alleen onheil op. Het is dringen aan de Ecole Communale, ook door de massale aanwezigheid van de schoolkinderen die hun rondje(s) lopen tussen hagen van enthousiaste (groot)ouders.

We beginnen samen met de grote jongens en meisjes van de 10 km aan een plaatselijke ronde door een woonwijk. Eén bekende in mijn buurt, Harrie Hamers. Bij het bekijken van mijn tijd na 1 kilometer herinner ik me er zelf aan dat het al maanden geleden is dat ik nog eens 1000 meter zonder onderbreking heb afgelegd. Ik heb Harrie ingehaald op het einde van de plaatselijke lus. Als hij dan snel terrein verliest, acht ik het ogenblik gekomen om even op wandeltempo over te schakelen. Hij is weer bij me als we aan de rotonde aan het Basse Meuse-sluisje voorbij de lijnbus lopen die voorrang moet verlenen aan de stoet lopers. Mijn gedachten dwalen af naar de vele kilometers die ik hier als marathonvoorbereiding heb afgemalen. Ver vervlogen tijden... Aan de overkant stuiven de eerste twee lopers van de 5 km voorbij. Ze hebben op 4 km een voorsprong van 2 km uit hun kuiten geschud. Ik neem met een wuifgebaar afscheid van Harrie die links afslaat voor zijn 10 km. Voor hem een gewaagde keuze... De signaalgeefster die met hoge stem onafgebroken de richting aangeeft : "les 10 km à gauche, les 5km à droite" werkt op de lachspieren van menig loper. Foei, maar ze kan er gelukkig zelf mee lachen. 

FOTO

We zijn halfweg als we de saaiheid van de eerste kilometers achter ons kunnen laten in een frisgroene omgeving, op zoek naar de linkeroever van het Albertkanaal. Ik las nog een korte wandelpauze in om even te herstellen van de sub 7'-kilomertijden die ik tot nu toe kan aanhouden. Denk aan de voorgeschiedenis voor je me uitlacht met dat tempo... De eerste 10km-loper heeft me intussen ingehaald, enkele tellen later gevolgd door nummer twee. De derde strandt in mijn spoor aan de finish. Langs de woonboten op het kanaal, bocht naar rechts aan de Capitainerie, de klim naar het sluisje. Ik gun mijn benen weer even rust maar maak de verloren meters snel weer goed op de lopers, meestal loopsters, in mijn buurt. Boven, vanaf km 4,2 in de licht dalende lijn naar de finish kan ik nog eens genieten van een sneller tempo. Mijn linkerknie gunt me dat pleziertje. Nog een bocht naar rechts, Naar de speelplaats tussen de fans. Hier en daar hoor ik een "bravo Monsieur". Doet dat even deugd!

Neen, het is niet wat het lijkt. Ik ben wel degelijk aan het lopen en er is veel meer ambiance dan je zou kunnen afleiden uit de foto. In mijn hand heb ik mijn windvest... veel te warm. (Foto: Marie-Paule)

We (Marie-Paule tekende ook weer present) sluiten de sportieve voormiddag af in het gezelschap van een blonde Val Dieu. En van drie Limburgse collega's, een oude, een van middelbare leeftijd en een piepjonge. Of toch niet, we sluiten nog niet af... maar dat vertel ik jullie later wel.

Nu maar afwachten of mijn oude spieren morgen geen wraak nemen op de uitspattingen van vandaag...


maa 21/04/2025 10u45 * Seraing (Challenge condruzien) * 5,6 km * 00:41:27 * 8,1 * 208/253 *  3/5 * ♥♥

Na drie weken is het weer tijd voor een wedstrijdje. Dat heb ik voor mezelf uitgemaakt. Of het een goed idee is, zal moeten blijken tijdens de loop en in de volgende dagen. Aan mijn fysieke geschiktheid is er niets veranderd: nog altijd een pijnlijke linkerknie en stijfheid in de liezen. Dat levert in optimale omstandigheden, dat wil zeggen op een vlakke, egale ondergrond en met een of meer wandelpauzes tussendoor. een kilometertempo op van 6'30" Alleen is er nu een duidelijke diagnose gesteld na de onderzoeken en de eindeloze wachttijden tussendoor: de uitstralingspijnen zijn het gevolg van artrose in de heupen (en in mindere mate in de rug).  De conclusie van de orthopeed is duidelijk: alleen een prothese van de rechterheup kan me van de pijnen afhelpen. De datum van de ingreep ligt vast, begin juni. Zo, dat verschaft me tenminste duidelijkheid. In afwachting probeer ik de conditie, zo goed en zo kwaad als mogelijk, op peil te houden. 

FOTO

Zepperen of Seraing, de kalender biedt me twee opties. Ik kies voor de Luikse challenge, in de eerste plaats voor de ambiance. En ik hoop dan maar dat het parcours mij goedgezind zal zijn. Na enkele jaren ben ik dus opnieuw in de groene gordel hoog boven de Luikse industriestad. Er blijkt heel wat bijgebouwd aan het Centre Sportif. De piste is ook vernieuwd. Daar vertrekken we ook en daar zal ik (hopelijk na minder dan 45 minuten) ook aankomen. De eerste honderden meters zijn alvast flink hobbelig op het beton en ook op het onverharde op weg naar het Bois de la Neuville et de la Vecquée loopt het niet lekker. Ik heb trouwens ook nog af te rekenen met onverhoedse bewegingen van de vele lopers en loopsters rondom mij. Na een korte strook op goed beloopbare harde ondergrond draaien we rechts het bos in. Ik herken het kleine taluudje maar heb het licht oplopend profiel en de vele keien van het bospad onderschat. Toch niet zo lichtlopend als ik me meende te herinneren. Tot km 2,3 zit er een stijgingsgraad van zo'n 3% in het parcours. Daarna krijgen we een afdaling, nog steeds op het relatief brede bospad, met een gelijkaardig percentage, voor de voeten. Het gaat allemaal wat moeizaam maar ik blijf tenminste in beweging, een korte onderbreking, na 1,3 km niet te na gesproken. Maar de Condruzien-parcoursbouwers kunnen het niet laten, een technische strook inlassen. Modderige passages en smalle, kronkelige paadjes met verraderlijke boomwortels en dito keien, zorgen voor een terugval in mijn kilometertijden. Ik dring niet aan op een hellende strook en verspeel daar ook nog een aantal seconden. Bovendien moeten we dat deel van het parcours delen met de 11 km-lopers. Dat levert hinder op voor beide partijen. Ik zie eerst Noël Heptia en daarna Nicolas Bynens passeren. Na 4,4 km zijn we verlost van de trailellende en kan ik weer op zoek gaan naar een hoger tempo. Het hoogste van de loop trouwens. Het zachte tartan van de nieuwe atletiekbaan zit er ook voor iets tussen, uiteraard. Enfin, ik haal de finish. Daarmee heb ik het contract vervuld dat ik me met mezelf heb gesloten voor de start.

Dat is pas een verrassing: op het podium met twee andere oudstrijders, Michel Mancini (rechts eerste veteraan 4), in het midden Calogero Mauro (veteraan 5, bijna 85 lentes jong.) (Foto: Marie-Paule)

Marie-Paule heeft een stoeltje vrijgehouden in de drukke kantine. Toevallig dicht bij het podium waar er een onophoudelijke reeks laureaten, vaak met luid applaus (we zijn in de Condruzien) worden gehuldigd. "Raken de prijzen hier niet op?" vraag ik aan mijn tafelgenoot Bert Ernest. Plots hoor ik mijn naam. Een complete verrassing. Ik was even uit het oog verloren dat in de challenge van Gaetano Falzone ook de korte afstandslopers worden gehuldigd. Aan een plaats bij de eerste drie had ik zelfs niet gedacht. Met Michel Mancini (en met diens hulp trouwens) op het podium. Als veteraan 5 Calogero Mauro ook naar voren wordt geroepen, slaat de applausmeter helemaal tilt. Marie-Paule helpt me ook weer op de begane grond. Dat mijn stunteligheid niet alleen met mijn leeftijd (ouderdom?) maar ook met mijn pijnlijke knie te maken heeft kan ik de grijnzende omstaanders natuurlijk niet duidelijk maken. Hoe dan ook, straks zijn ze me toch weer vergeten...


vri 16/05/2025 19u30 * Manaihant CJPL La Meuse * 4,9 km * 00:29:18 * 10 * 74/119 *  2/3 * ♥♥♥

Vrijdagmiddag. Servais Halders moet afmelden voor de CLAP-loop in Berloz. Een keelontsteking houdt de Voerenaar thuis. Ik moet snel schakelen. Ik ben mentaal (en fysiek?) voorbereid op een wedstrijd en wil het weekend niet zonder competitie laten voorbijgaan. Er is ook nog Manaihant, suggereert Servais. Juist ja, de CJPL-loop die op het programma staat van Jean-Pierre Immerix en Willy Hertogen. Een telefoontje later blijkt dat ook JP ziek is en dat hij de wedstrijd overslaat. Maar Willy gaat wel en dus kan ik hem het goede nieuws melden dat hij niet alleen naar het Land van Herve moet afzakken.

De route naar het dorpje in de buurt van Herve houdt geen geheimen meer in. Alleen is er geen kat te bespeuren aan de zaal waar ik blindelings naar toe rijd. Enkele signaalgevers (die al ruim voor de start ter plekke zijn) sturen me naar de juiste locatie. Vele uren later, als ik in bed de wedstrijd nog eens overloop, valt mijn eurocent. Ik was al afgeslagen in Bruyères, een boogscheut van Manaihant, ook een vaste stek op de uitgebreide Challenge La Meuse-kalender.

Enkele heen en weer dribbelloopjes op de laatste rechte lijn en op de eerste klim en we staan klaar voor het vertrek. In ideaal loopweer overigens. Nu nog wachten tot spraakwaterval Benoit Schoonbroodt is uitgebabbeld. Dan kan het peloton van meer dan 400 zich in beweging zetten. Dat moet het deelnemersveld van Berloz maal vier zijn. Tijdens de opwarming ben ik tot de aangename vaststelling gekomen dat mijn benen fit aanvoelen. Ook geen alarmsignalen in de liesstreek. Misschien kan ik met wat meer ambitie starten dan gewoon de wedstrijd uit te lopen in de laatste regionen. Willy Hertogen is samen met Bert Ernest vrij vooraan in de groep gestart. Het zou leuk zijn om in elkaars gezelschap te lopen; Maar dan moet ik eerst mijn achterstand goedmaken. Ik vertrek voorzichtig want dadelijk volgt er een eerste klim. Die is best pittig in het middendeel. Ik overleef de eerste 700 meter in stijgende lijn. Meer nog, ik haal Bert al in, boven op het plateautje tussen de weiden, met links een mooi uitzicht op een heuvelkam. Willy is uit mijn gezichtsveld verdwenen. Ik zal de volgende kilometers de horizon afspeuren op zoek naar een grote man in een rood shirt. Na 1,5 km loopt de weg, dat zijn hier geasfalteerde paden, in dalende lijn. Tot mijn jolijt blijft de afdaling maar duren. Met kilometertijden van ruim onder de 6 minuten, haal ik een tempo waar ik in de vorige maanden alleen maar van kon dromen.

Vlak voor km 2 hebben we de splitsing genomen waar speaker Schoonbroodt het tot vervelens toe over had in zijn pre-startmededelingen. Aan km 3 steken we de rijweg Bruyères- Manaihant over. De afdaling loopt verder op "Waals" asfalt. Die, na een bocht naar rechts, overgaat in onverhard. Ik ben op mijn hoede voor plotse pijnscheuten in mijn benen... maar die blijven uit. Na 3,5 km mogen we eindelijk klimmen - ja, anders moet je je niet aanmelden voor een loop rond Herve. Ik heb Willy H. in het vizier gekregen in een fraaie s-bocht tussen de weiden. Ik reken op de klim om korter bij te komen. Ik zie dat hij in looppas blijft en moet een beroep doen op mijn karakter en jarenlang opgebouwde wedstrijdhardheid om meer snelheid - of minder traagheid -te halen. Ik maak wel een deel van mijn achterstand goed maar ik ben nog niet in zijn spoor. Er blijft maar een kleine kilometer meer over om mijn snode plan ten uitvoer te brengen. Het zal in de laatste rechte lijn moeten gebeuren. Een oudere loper - met wie ik nu al  een hele poos de meters afmaal - versnelt na een bocht en laat me achter. Veteraan 3, René Caprace? De juffrouw met het hondje (Coraline? De naam van het beestje staat helaas niet in de uitslag) met wie ik ook al een tijdje lief en leed deel op de glooiende paden, is wel nog in mijn buurt en eindigt vermoedelijk enkele plaatsen achter me. Het hondje - genre teckel - wordt fel aangemoedigd op weg naar de finish. Aan km 4,4 waar de laatste klim naar de aankomst begint, zet ik dan mijn eindinspanning in om Willy eindelijk bij de lurven te pakken. Dat gebeurt vrij snel. In de laatste driehonderd meter kan ik nog een kleine voorsprong nemen tussen de supporters en toeschouwers aan beide zijden van de rijweg. Die ook de eerste lopers van de 8 km zien voorbijsnellen, Benoit Paques duidelijk op kop.

Binnen in minder dan een halfuur. Onverhoopt... en zonder pijn. Waar heb ik dat plots aan verdiend? Willy Hertogen eindigt een vijftiental meter achter me. Op de volgende positie. Er loopt iets mis met de aankomstregistratie. De twee dames tussen ons beiden in de officiële uitslag, eindigen achter mijn loopmaat. Winnaar bij de veteraan 4 is ene Walter Kubitzki., mij onbekend. Wel drie minuten voor me.  

Na een blikje energiedrank begeven we ons meteen naar de doucheruimte. Tussen haakjes (of net niet tussen haakjes) die donkere ruimte is een challenge onwaardig die trots haar veertigjarig bestaan viert. In de kantine bemachtigen we, de drie deelnemers uit Riemst, met enig geluk drie stoelen voor onze debriefing. Er is nog een streepje licht als we een uurtje later de terugweg naar Limburg aanvatten. Willy vertelt - op mijn vraag - over zijn rijke loperscarrière. Hij heeft net zijn laatste hoofdstuk afgesloten, namelijk de terugkeer naar de Challenge van Luik, na jaren afwezigheid, als we Vlijtingen bereiken...


zon 25/05/2025 10u30 * Les Foulées Bassengeoises * 5,1 km * 00:30:30 * 10 * 41/94 *  1/3 * ♥♥♥

Bitsingen pakt uit met een nieuwe wedstrijd, georganiseerd door het gemeentebestuur. Die loop kan ik niet laten voorbijgaan, nu het nog kan. Servais zal er ook zijn en bovendien ben ik benieuwd naar het parcours in wat de laatste jaren mijn geliefkoosde trainingsgebied is geworden. De vernieuwde CLAP-challenge heeft moeite om door te breken maar is er toch in geslaagd een kleine 200 lopers te mobiliseren. Daarbij veel plaatselijke joggingliefhebbers, heb ik de indruk. Veteraan 4 Henry Hardy die enkele voetstappen van het vertrek woont, vertelt me dat er een wedstrijdtraditie bestond in het Jekerdorp. Die is echter al een flink aantal jaren teloorgegaan. Dat was "voor mijn tijd"., zelf heb ik er geen herinneringen aan.

De 5 en de 10km-loop vertrekken samen en zo beland ik na de start snel in het spoor van 10km-loper Luc Hilderson, nog een "régional de l'étape". Het is overigens al een hele tijd geleden dat we nog samen aan de start van een loop stonden. De reden? "C'est la fin... doucement" kan de Wonckenaar er zelf mee lachen. Het lijf wil niet meer mee en de motivatie ook niet altijd. Voorlopig draait hij de benen goed rond. Ik probeer hem in elk geval te volgen. Na mijn geslaagd optreden vorige week in Manaihant heb ik al wat meer vertrouwen in mijn uithouding. Ik zoek mijn weg in het dichte peloton dat langs de Jeker kronkelt. Dit is al bekend terrein. We worden rechtsaf gestuurd door de seingever met wie we bij de opwarming nog enkele woorden in het Nederlands hebben gewisseld. De man is onder de indruk van de combinatie leeftijd en wekelijkse competitie die we voor elkaar brengen. We lopen nu richting rijweg Bassenge- Wonck. En nu? We steken de weg over en worden achter de busstelplaats een smal pad ingestuurd. Er volgen nu 700 meter voor mij onbekend terrein. Eerst op kleine betonplaten die onder onze voeten kletteren. Er loopt hier precies een riool of een "zouw" onder. Nog enkele meter op onverhard en kijk, we komen uit op de Rue Large Voie. Die loopt langs de hoger gelegen spoorweg en zit vaak in mijn trainingsloopjes. Ik volg al de hele tijd Luc Hilderson. Die uitgerekend in zijn eigen Wonck wat terrein verliest. Weer de rijweg over en langs de Drinkmarket (mij bekend... omdat ik er vaak langs loop).  Even vooruitkijken waar het nu naartoe gaat. Yep, mijn parcours. Dat betekent een kilometer single track. Niet altijd makkelijk in de sliert lopers en met nogal wat steentjes en boomwortels onder de voeten. Daarnet liepen we langs de Jeker, nu langs een kleine "dérivation" die het waterpeil in de vallei moet reguleren. Links zie ik een mooi bruggetje naar de tuinen. Nieuw aangelegd door Luc Hilderson die hier woont. Knap werk, Luc! Even over kasseien en voorbij Brasserie Jodoigne (ze zullen geen dorst lijden in de Jekervallei). 

We draaien scherp naar links. Ik weet dat er een nijdig klimmetje wacht. Dit is misschien het geschikte moment om even te wandelen. De moeder en dochter die al een tijdje in mijn buurt lopen laten mij achter. De juffrouw in roze tenue gaat mij ook voorbij maar zal ik snel weer inhalen als ik weer op lopen overschakel. Luc die al een tijdje op zo'n 20 meter hangt, haalt me ook in maar moet meteen weer lossen als ik versnel. De Rue Haute Voie blijft wel lichtjes oplopen maar ik kan mijn tempo aanhouden. Dat is al makkelijker in de wetenschap dat we dadelijk aan het kerkhof een afdaling krijgen. Ik zie dat we rond km 4 zitten. In de Rue Vinave zijn we dus al in de laatste kilometer. Die weg roept herinneringen op aan de vele marathontrainingskilometers die ik hier heb afgemaald, vaak in het gezelschap van Josette. Op het vals plat draai ik het gashendeltje nog wat feller open. Nu zal ik wel niet meer stilvallen. Over mijn benen geen klachten overigens. Merkwaardig. Zou ik de operatie niet beter afzeggen, zoals Nicolas Bynens voor de start lachend suggereerde? Nog 300 meter afdaling voor de finish. Leuk om zo te eindigen. Servais, Nicolas en Luc hebben nog een lus naar Roclenge voor de boeg, een stevige helling inbegrepen. 

Geen douches, dan maar een droge trui aangetrokken op de parking. Het is weer aan het miezeren gegaan en ik heb echt geen zin om te blijven "genieten" van de buitenlucht onder het zeil aan de aankomst. Ik groet Servais, Nicolas en Augustine, mevrouw Hilderson, die in de laatste bocht onder de paraplu wacht op de doorkomst van haar echtgenoot. Ik tuf terug naar huis, op een achttal kilometer, waar Marie-Paule aangenaam verrast is door mijn vroege thuiskomst. Althans dat hoop ik...

Nog dit: er zitten voor de volgende dagen nog twee lopen in de pijplijn. Voor wie niets wil missen, blijf in de buurt.


woe 28/05/2025 19u30 * Jogging de l'Ascension * 7,3 km * 00:45:06 * 9,7 * 390/447 *  6/7 * ♥♥♥

Alle kansen op competitie grijpen die er nog zijn, voor ik onder het mes moet. Daarom trek ik op de vooravond van Hemelvaartsdag naar Henri-Chapelle. Een wedstrijd tussen twee geplande lopen op zondag is er eigenlijk een te veel. Maar de omstandigheden verklaren dus mijn gulzigheid. Dank zij een manoeuvre in de laatste seconde vermijd ik de immense file die zich gevormd heeft op de autoweg naar Cheratte en komen we - met Marie-Paule dus - ruim op tijd aan in de deelgemeente van Welkenraedt. Het is er al erg druk maar de twee categoriegenoten die ik hoop te ontmoeten, Luc Hilderson en Raymond Jungbluth, zijn er jammer genoeg niet. De Veteranen 4 categorie is overigens goed gestoffeerd. Op twee man na, zijn het bekende namen.

FOTO

(Foto's Marie-Paule: Ambiance aan de finish)

Ik begin hier aan de moeilijkste opdracht van deze drukke week. Geen keuze tussen een korte en lange loop. 7,3 km voor iedereen. Die iedereen is vanavond met 450. De Challenge La Meuse heeft geen moeite om joggingliefhebbers te ronselen. Ik heb me in de achterste gelederen van het peloton opgesteld en sta nog wat te keuvelen met Marie-Paule aan de andere kant van de omheining als de meute zich plots in beweging zet. Het startsein gaat verloren in het gebabbel van de lopers en de muziek uit de geluidsboxen. Voor me danst een roze zwerm: dames in roze t-shirts. Hoe voorbij geraken, ze nemen de hele weg in beslag. De vraag lost zichzelf op: ondanks hun gekwetter lopen ze van me weg. We hebben dan de eerste beklimming al achter de rug. Die ik trouwens beter verteer dan ik tijdens mijn opwarming had gevreesd. Dadelijk, na 1 km draaien we linksaf. Ik heb de ronde in mijn hoofd zitten: de herinnering van vorig jaar, gecombineerd met de voorbereiding op Strava en Google Streetview. We verlaten de brede rijweg en lopen nu enkele kilometers op geasfalteerde of gebetonneerde paden tussen het groen. Het parcours is overigens hermetisch afgesloten. Ondanks we enkele doorgaande verkeerswegen opzoeken is er nergens een rijdende auto te bespeuren of worden we niet op een zijstrook achter verkeerskegeltjes geduwd. Wat een luxe! Het eerste deel van het parcours is voornamelijk dalend. Mijn tijden in de eerste 4 km blijven onder de 6 minuten. Maar hoe groot zal het verval zijn in de klimmende stroken in de buurt van en voorbij het Château Ruyff?

Foto op dezelfde plaats als vorig jaar.  Dezelfde klim, vergelijkbare inspanning op de heuvel aan de Saint-Georgeskerk.

Eerst nog even genieten in een mooie woonwijk en op de schaduwrijke onverharde paden in de richting van het kasteel. Plots laat de tegenwind zich ook even voelen. Net waar de weg oploopt, ligt het slechtste asfalt. Daar is de haarspeldbocht naar links. Ik heb duizenden bochten genomen in mijn Luikse omzwervingen maar die klimmende, teruglopende curve zal in mijn geheugen gegrift blijven. Hier begint de vermoeidheid al meer deelnemers parten te spelen. Ik haal enkele collega's voor me in. Niet voor niets dat zich hier meer supporters verzameld hebben. Die moedigen alle deelnemers aan, zonder onderscheid des persoons, zo ook uw nederige dienaar. We kunnen nog even uitblazen op de laatste vlakke meters voor we de Rue Coulen aanvatten vanaf km 6,4. Dat is een rechte streep van 600 meter die steeds feller oploopt en waarvan het (voorlopige) eindpunt in de verte zichtbaar is. Ik haal nog wel een enkele lopers in maar onderga hoe langer hoe meer hetzelfde lot. Een niet meer zo jonge dame (aînée 3 vermoed ik) gaat me met rasse schreden voorbij. Eens de bocht van de Rue Coulen bereikt, loopt de klim gewoon verder. Wat heet gewoon? Het wordt nog steiler. Ik zie enkele collega's terug die ik in de eerste dalende kilometers heb ingehaald. Nu tonen zij mij hun rug. De aanmoedigingen van de toeschouwers wegen helaas niet op tegen de pijn in de hamstrings. Ik zal de afspraak in het ZOL dan toch maar niet afzeggen... Kilometer 7 verpest dus mijn mooi gemiddelde van de eerste wedstrijdhelft.

Scherpe bocht naar de kerk. Hier verwacht ik Marie-Paule. Daar staat ze inderdaad, net op hetzelfde plekje als vorig jaar. Dan nog een heerlijk kronkelend dalend weggetje naar de aankomst. Benoît Schoonbroodt blijft onvermoeibaar de namen afroepen van de finishers. Enkele handjeklapjes met de kinderen. Over de streep. Nog even gefriemeld met de spelden van mijn nummer en meteen naar huis. Ik ontloop net de laatste plaats in mijn categorie. Antonio Ianniello die ik vorig jaar nog kon kloppen (in een andere loop) is nu 3'30" voor me. De winnaar is... Alberto Canales, oei weer een verse concurrent erbij. De drie hartjes zijn een cadeautje voor mezelf. Een dikke maand geleden kon ik nog geen volle kilometer zonder onderbreking afmaken. En de drie minuten verlies ten opzichte van vorig jaar voel ik aan als een bijkomend pluspunt. Nu nog mijn eindtrilogie voltooien in Oupeye...


zon 01/06/2025 10u45 * Running d''Oupeye * 5,6 km * 00:33:24 * 10 * 69/228 *  2/4 * ♥♥♥

Het is een vreemd gevoel, de laatste keer een wedstrijd lopen met mijn eigen heupen. De volgende keer - over afzienbare tijd - doe ik het met een kunstheup. Plaats van het "afscheid" is Oupeye, bij Luik, op de linker Maasoever. Die ligging is geen onbetekenend detail: we zullen het fikse reliëfverschil aan den lijve ondervinden. De eerste indrukken van de nieuwe organisatie zijn niet echt overtuigend: geen pijlen naar de parkeerplaatsen. Die zijn er wel in groten getale maar in de wirwar van straten in een wijk kan ik ze niet bereiken. De tablets voor de inschrijvingen zijn verstopt achter kriskras lopende deelnemers en medewerkers.

Veel volk op deze zonnige eerste junidag. Wat een verschil met de vorige organisatie in Hermalle, enkele kilometers stroomafwaarts. Vijf Limburgers op het appel: Servais Halders voor de 10 km, Myrthe Meex, Bert Ernest, Ronny Maes en uw dienaar op de 5 km. Een kwartier na de grote jongens is het tijd voor de 5km-lopers, een bont allegaartje van lopers die legio redenen hebben om de korte afstand te kiezen. Wat mij betreft, die 5km kunnen mijn getergde spieren goed aan. Intussen blijf ik me erover verbazen hoe ik plots weer aan conditie of toch alleszins aan grinta heb gewonnen en hoe mijn benen plots weer meewillen.

Na wat oponthoud in de bochtenrijke eerste hectometers laveer ik tussen de trage vertrekkers door en drijf het tempo meteen op. We zijn al in dalende lijn vertrokken maar de afdaling op een lange rechte weg wordt almaar steiler. Dat belooft niet veel goeds voor de rest van het parcours waar we de dalende meters weer zullen moeten uitzweten in een felle klim. Het parcours is mij onbekend. Aan mijn vorige deelname in 2014 heb ik niet veel. Ik loop de eerste kilometer in het gezelschap van een moslima. Die haar felle start dadelijk zal moeten bekopen. Bert en Ronny met wie ik samen aan het vertrek stond zijn niet meer bij me in de buurt. De vraag die me nu bezig houdt is: wanneer krijgen we de onvermijdelijke klim? Op het einde van de loop of eerder? Het antwoord krijg ik meteen: in de tweede kilometer. Als ik boven kan recupereren valt er misschien nog wat moois te maken van het tweede deel. De klim is moeilijk en lang. Maar ik blijf in beweging. Ronny is wel achter mijn rug opgedoken. Hij heeft minder tempo verloren dan ik.

We zijn 2 kilometer ver als we een bosje worden ingestuurd. Dat leidt naar het park van het kasteel van Oupeye. We maken een mooie lus op de onverharde, deels aangenaam lopende grindpaden terwijl we uitzicht hebben op de achterzijde van het gerenoveerde kasteel (met donjon, voor de liefhebbers).  Even verder op de Place Jean Hubin, na 2,6 km hebben de bewoners voor hun witte huisjes plaats genomen om onder de zon te genieten van de doortocht van de dwangarbeiders van de weg. Het mooiste , maar ook het moeilijkste deel van het parcours ligt nu achter de rug. We beginnen nu aan een tweede lus, voornamelijk in woonstraten. Maar eerst nog een smalle passage van 500 meter tussen hagen en muurtjes. Het draaien en keren in de derde kilometer heeft me wel wat seconden gekost. Op de steile kilometer 2 blijf ik tot mijn verbazing wel ruim onder de 7 minuten. 

FOTO

De Place Jean Hubin met de witte woningen.

De afwisseling in het parcours ligt nu achter ons. Nu is het vechten om het tempo te houden op de lange rechte woonstraten. Ik kan wel wat afleiding vinden in het looppatroon van mijn gezel vanaf het kasteelpark. de piepjonge Liam Takler, minder dan 10 jaar, vermoed ik. Zijn korte beentjes wentelen razendsnel rond. Als hij eens achter mijn rug verdwijnt, duikt hij even later weer op en laat me meteen weer een vijftal meter achter. Hij is de lieveling van de kijklustigen langs de kant. Zijn ademvoorraad lijkt wel onuitputtelijk. Hij eindigt uiteindelijk twee plaatsen voor me. Een tiental meter achter me zwoegt ook Ronny Maes verder. In die positie zullen we straks ook de aankomstlijn overschrijden. Het blijft vlak met hier en daar een licht oplopende strook. Die watertoren aan het eind van de Rue de l'Arbre Saint-Roch staat daar niet voor niks.

We naderen de vijfde kilometer. Ik word door een aantal jongere (uiteraard jongere) lopers m/v ingehaald. In de voorgaande kilometers hebben we onze positie goed kunnen handhaven. Maar hoe lang is het nog? We zijn toch nog een stukje van de finish aan de sporthal en school verwijderd. Zo'n 600 meter blijkt. We draaien rechts op, weer langs langs het ijskraam EL Cremito. Maar nu loopt de weg omhoog. Dat zal zo blijven tot aan de finish. Ik haal nog een oudere deelnemer in geel t-shirt in. De laatste meters binnen de schoolomheining. Ik verwacht Ronny nog maar die komt niet meer. Daar is het gele shirt weer. Hij spurt me met jeugdige felheid voorbij vlak voor de tijdsmatten. Geen probleem, ik ga me niet meer druk maken om plaats 68. Of toch, is dat toch wel niet een veteraan 4, Jean-Pierre Jans. Van naam ken ik hem al lang. Jammer, voor hetzelfde geld (of laten we zeggen voor 20 cent meer) had ik nog de eerste plaats meegepikt. 

Ik ben erg te spreken over mijn kilometertijden rond de 5'45" in het tweede deel. Mijn totaaluitslag, de beste sinds jaren, moet wel met een flinke korrel zout genomen worden. Het niveau van een 5km-peloton is sowieso lager maar het hoge vertrekkersaantal, met veel gelegenheidsstarters speelt ook in mijn voordeel. Hoe dan ook, niet slecht om dit deel van mijn carrière af te sluiten.

Wedstrijd afgelopen. Naar de douches en dan een gezellig moment met een Val-Dieu of gelijkgesteld. Maar de traditionele afsluiter wordt verstoord door de melding van Luc Hilderson dat Servais ten val is gekomen en door de ambulance is meegenomen. Of toch niet? Want dat is onduidelijk. De ambulanciers die ik kan spreken waren zelf niet betrokken bij de verzorging van mijn loopmaat. De mannen in de fluogele vesten zijn overigens erg vriendelijk. In de aankomstzone is Servais ook niet. Hij is trouwens niet aangekomen. Zijn auto staat er wel nog, leeg. Dan maar de familie gebeld en op de hoogte gebracht van de gebeurtenissen. "We hebben hem gevonden" melden Remy en Joëlle twee uren later. Hij wordt verzorgd in het ziekenhuis van Herstal. Daarmee ben ik toch gerustgesteld na de eerste onzekerheid. Terwijl ik aan het informeren ben bij de hulpdiensten en de organisatie word ik naar het podium geroepen. De speaker struikelt over mijn naam maar heeft wel een sympathieke prijs in petto voor de oudste mannelijke deelnemer. Mijn vrouwelijke collega is een dame die ik ken als de "tricoteuse" vanwege haar felle, korte armbewegingen bij haar voortbeweging, een soort snelwandelen. Voor mij eindigt Oupeye dus met een leuk extraatje., voor Servais jammer genoeg met een nare ervaring... die hij hopelijk snel achter zich zal kunnen laten.


zon 21/09/2025 10u30 * Jogging d'Andenne * 5 km * 00:33:20 *  ø 9  * 68/93 *  2/4 ? * ♥♥

Weer de competitie-ambiance opsnuiven: ik heb er dit weekend een lange verplaatsing voor over. 70km maal 2 voor een loopje van 5km. Het grootste deel op de relatief rustige autoweg, dat helpt wel. Voor het overige hebben de talrijke wedstrijden dit weekend wel allemaal hun minpunt(en). Daarmee sta ik voor het eerst aan de start van een loop in Andenne, ongeveer in het midden tussen Hoei en Namen. En al helemaal in de provincie Namen. Vandaar dat de wedstrijd niet vermeld staat in de "bijbel" van Huub Rokx, onmisbaar voor wie op zoek gaat naar een loopwedstrijd in onze contreien.

FOTO

Het fraaie sportcomplex van Andenne

De eerste kennismaking is alvast heel positief: wat een mooi sportcomplex hebben ze hier... Ik ontmoet er ook meteen twee bekenden, twee veteranen 4 overigens, Mark Geyskens en Etienne Vanderschelden. De eerste maakt dit seizoen het mooie weer op de 10km. Ook vandaag. Met Etienne ben ik dadelijk in gesprek over mijn recente heupoperatie. Blijkt dat de ingeweken West-Vlaming al 10 jaar een kunstheup heeft. Hij heeft wel een langere inloopfase in acht genomen dan ik. Ben ik dan toch te snel herbegonnen? Bernard Dubois van zijn kant, een andere loper die ik na de wedstrijd zie en die zelfs een dubbele heupprothese heeft,, was ook al na drie maanden weer in actie. Hoe dan ook, ik zal het op dit parcours - voor zover ik het kan inschatten - op mijn hoede moeten zijn.

Na enkele bochten door de straten rond het sportcomplex, begint de weg al omhoog te lopen. En na 1 km volgt er een eerste steile klim. Ik blijf in beweging, daar moet ik al tevreden mee zijn. Nog maar eens een andere richting uit. Kijk wie we daar hebben, Marie-Paule en Gerda (echtgenote van Mark Geyskens), daarnet nog in het lagere deel van het parcours. Die hebben ook al een flinke klim achter de rug. Later hoor ik dat Gerda een geoefende stapster is. De weg loopt weer fiks omhoog en gaat daarna nog steiler naar beneden. Op een betonnen pad waar ik me helemaal niet op mijn gemak voel en stapvoets naar beneden ga met een hand aan een reling. Tweede kilometer in 7'15": zowel bergop als bergaf verlies ik tijd. De scherpste percentages liggen nu achter de rug. Na een mildere klim lopen we nu op een plateautje in een groen gebied, het Bois de Stû. Het pad is vlak maar het wegdek in asfalt is zo verhakkeld dat je moet zoeken naar een effen strookje. Weer een rem op een mogelijke tempoverhoging. Die 6'12" in de derde kilometer is wel een 6' waard. 

FOTO   Even uitblazen in de afdaling (Foto's Marie-Paule)

We verlaten het bos via een steile bocht naar beneden. In mijn linkerooghoek zie ik plots een loper met grote snelheid uit een andere richting van achter me komen. Ook verder snellen me nog enkele lopers voorbij. De eerste 10 km lopers halen ons in. Wat ik dan nog niet weet, is dat ik bij het uitkomen van het bos aan een aanval van horzels ben ontsnapt. Die engerds hebben zich blijkbaar vergrepen aan een aantal lopers. Aan de finish zie ik onder meer een dame die een collega verzorgt met een zalfje. Ook Mark Geyskens is een van de slachtoffers. Hij stelt zijn hoop op de medische post van de sporthal... die echter gesloten blijkt. Enfin, het loopt nog goed af. Ik vervolg mijn weg, niet bewust van enig gevaar. Tussen de velden loopt er een smal spoortje op een graspad. Weer allesbehalve comfortabel. Het parcours blijkt een uitdaging voor een revaliderende loper. Even verder in een strook tussen de bomen moet ik dan weer uitkijken voor boomwortels. Gelukkig kan ik die goed zien met mijn "nieuwe ogen". Ja, ook nog een cataractoperatie achter de rug. De laatste hectometers in de bebouwing komen eraan. De organisatie laat een steekje vallen door geen signaalgever te posteren op een kruispuntje. Ik let wel op en verwittig de loopster achter mij. Ik haal nog een tempo onder de 6' in de finale. Ruim voldoende om met mijn gemiddelde nog een 25 lopers achter me te houden. Daar ben ik best tevreden mee op dit parcours waar vooral de vlakke en dalende kilometers in mijn nadeel uitpakten. En ik zie tot mijn voldoening dat ik nauwelijks een halve minuut achter Etienne Vanderschelden eindig.

We verwijlen nog even met Mark en Gerda Geyskens in de ruime cafetaria. Dan is het tijd om de terugreis aan te vatten. Of wacht. "We komen niet elke dag in Andenne" leidt Marie-Paule haar suggestie in om nog even in het Maasstadje te blijven. Ze heeft daarnet het centrum verkend met Gerda. En zo volgt er nog een culinair slot aan onze uitstap...


zon 05/10/2025 10u30 * Bommershoven Boomgaardrun * 5,8 km * 00:36:59 *  ø 9,4  * 54/74 *  2/?? * ♥♥

Ik moest even met mijn ogen knipperen toen ik de Boomgaardrun in Bommershoven op de jaarkalender van de Challenge hesbignon zag staan. Nu, het is niet de eerste Limburgse wedstrijd in het Waalse regelmatigheidscriterium. De 3 Dorpen Jogging in de buurt van Sint-Truiden is al jaren een vaste waarde in dat circuit.  En daarmee is de link gelegd naar Jos Biets, de bezieler van die loop. Hij bracht organisator Frank Smets in contact met het Waalse bestuur. Waarom de Boomgaardrun zich uit het Helpshop Loopcriterium terugtrekt , is mij niet bekend. Ik heb ook niet aangedrongen bij Jos om de achtergrond van de transfer te kennen. Het is daar mooi lopen tussen de glooiende weilanden en boomgaarden, daarom ben ik hier. De overkoepelende organisatie maakt mij niet uit. 

Het is niet echt de grote overrompeling in het dorpje tussen Tongeren en Borgloon: 178 deelnemers voor de twee wedstrijden. Het blijft sowieso moeilijk om de Franstalige deelnemers naar Vlaanderen (Limburg) te lokken, Jos Biets zal me niet tegenspreken. En de Limburgse lopers zullen dan weer de voorkeur geven aan "Diepenbeek loopt" van het Helpshopcriterium. Als ik even stout mag zijn: misschien niet toevallig gepland op dezelfde dag. De kleuters en de lagere schooljongens en -meisjes zetten hun beste beentje voor in de Bloesemloop, de Appelloop en de Perenloop. Ze vergeten niet de plaatselijke producten te promoten in Bommershoven. Ik zal dadelijk starten in de Kersenloop, de 5 km. De deelnemers van de Premiumloop van 10 km zijn dan al onderweg. Alle 104. Ook veteraan Mark Geyskens. Maar veel scheelde het niet of de latere winnaar bij de veteranen 4 was voor niets naar de fruitstreek gekomen. Samen met Bruno Broos was hij bij het inlopen de weg kwijtgeraakt. Na een omzwerving van 9 km hebben ze dan toch weer de startplaats teruggevonden.

FOTO   Even na de start. (Foto: Nadine Claessens)

Op weg voor de korte afstand met Bruno Broos die wel nog tijd heeft om even de dorst te lessen met een partje sinaasappel na zijn "verkenning". De nieuwbakken burgemeester van de eveneens nieuwe fusiegemeente Tongeren-Borgloon mag voor de vijfde keer op het peertje van zijn toeter knijpen om de start te geven  Ik ben verwittigd, de eerste 3 km zijn voornamelijk stijgend. Dat begint al met een geniepig oplopende betonweg in het dorp. Na 500 meter slaan we links in. Eerst op een betonnen karrespoor tussen de boomgaarden, verder in open veld waar een schrale wind ons tegenwerkt. Ik zet snel mijn mutsje weer op. Ik ben noodgedwongen heel rustig gestart maar vind gelukkig mijn ritme op een eerste plateautje na 1,5km. Het stijgingspercentage klimt even boven de 3% langs het Magneebos. De meisjes op de foto heb ik intussen achter me gelaten. Tussen km 2 en 3 krijgen we even een afdaling waar de lopers van de 10 km ons kruisen. Ik ben net op tijd uit de voeten om een snelle 10 km-loper door te laten. Die ik later terugzie wanneer hij het hoogste schavotje van de V2 beklimt. Weer een pittig klimmetje naar het hoogste punt van het parcours aan km 3,2. Ik herken de helling van mijn vorige deelname (aan de 10 km) in 2023. Ik heb mijn post-operatiecadans te pakken en kan ook nog wat genieten van de mooie omgeving. Ik loop nu tussen jong grut van beider sekse die vaak stoppen en dan weer langs me voorbijschieten. Enfin het zorgt voor wat verstrooiing.

We draaien rechtsaf op een smal onverhard pad tussen de weiden en wat verspreide fruitbomen. Dit is landschappelijk het mooiste deel van het parcours. Maar voor mij niet gemakkelijk te belopen vanwege smal en op het einde schuin aflopend. Ik verlies de witte trui van Etienne Vanderschelden uit het oog. Mijn "tegenstander" die ik al de hele loop zo'n 100 tot 150 meter voor me heb gezien. Hier pakt hij ongetwijfeld de 10 seconden voorsprong meer ten opzichte van Andenne waar hij maar een half minuutje voor me eindigde. Dat vertel ik hem grappend na de loop. Of er nog meer 70-plussers meelopen is niet op te maken uit de uitslag. Op de korte afstand is er alleen sprake van mannen en vrouwen en beloften jongens en meisjes.

 De afdaling die al begonnen is op het onverhard loopt verder op beton tussen de huizen (van een gehucht?). In elk geval we komen weer op een ruilverkavelingsweg uit waar er nog een lichte helling op ons wacht. De jongens en het meisje van daarnet dartelen nog steeds rond me. Voor me zwoegt een volwassen man. De trui van Wac hangt wat ongemakkelijk over een schouder. 4,5 km. Ik geef hem mee dat we aan de laatste kilometer beginnen. Het gaat lekker vooruit nu maar voorzichtigheid dwingt me de handrem op te zetten. De youngsters krijgen weer een energieshot bij het naderen van de finish. Ik loop samen met Eric Jacquemin (de man van Wac) over de streep. Dat hebben we daarnet afgesproken. Ook in amateurlopen zijn er combines...

Na de douche (alleszins een verbetering ten opzichte van de doucheloze Helpshoploop van twee jaar geleden) drink ik nog een koffietje met Bruno en Nadine. Onder het zeil van een tent. Niet het beste idee in oktober, zoals ook de inschrijving daarstraks in open lucht. Duim omhoog echter voor het autovrije parcours en de omkadering door de politie en signaalgevers. De slotsom voor mij is alleszins positief. Op naar de volgende!


zon 12/10/2025 11u * Jogging Mont-Dison * 5,4 km * 00:37:39 * Ø 8,6 * 16/25 *  1/1 * ♥♥

Nu ben ik toch in Dison, in het gehucht Mont, dat zoals de naam zegt, op een heuvel ligt boven de Vesdervallei. In het begin van de week had ik nog een andere wedstrijd op het oog, de Jogging de Bois-de- Breux, die nog niet in mijn "portefeuille" zit. Toch maar eerst verkennen, dacht ik bij mezelf en dus maak ik een ritje naar de oostelijke rand van Luik. Niet geschikt vanwege de ondergrond in en rond het bos., is het besluit. Dit weekend dan maar thuisblijven? zoals ik wat voorbarig tegen enkele intimi zeg. Maar een zoveelste eenzaam zondagvoormiddagrondje op Caestert spreekt me ook niet aan. Vandaar...

FOTO

We herkennen het schooltje waar start en aankomst plaatsvinden. "Toen (2019) zaten we hier in de zon op de speelplaats" herinnert Marie-Paule zich. Nu is de wedstrijd van juni naar oktober verschoven. Dat levert ons alleszins een ideale looptemperatuur op. Er meldt zich geen andere veteraan 4 voor de korte afstand. Wel enkele oude bekenden in de 10 km. Ik woon daar, zegt Alberto Canales terwijl door het raam naar het dorp op de volgende heuvel wijst. En daar doe ik mijn intervals, voegt hij eraan toe. Hij doelt op een mooi slingerend maar vooral afgrijselijk steil asfaltweggetje. Niet te verwonderen dat hij de veteranen 4-categorie domineert. Jean Dessouroux, die ik dan toch een "bonjour" kan ontlokken bij het inlopen, moet meer dan 2 minuten toegeven. Daar moet bij vermeld worden dat de zwijgzame Jean ook al de levensjaren boven de 70 begint op te stapelen.

Ik heb geen precies idee hoe het parcours er zal uitzien. De GPX op de site van de challenge is die van de lange afstand. Wie, zoals wij, vanuit Dison naar de startplaats rijdt, stelt wel vast dat sadistische parcoursbouwers hier hun lusten zouden kunnen botvieren. Maar in Mont zijn ze braaf en tekenen ze de route aan de andere zijde uit. Maar het blijft toch afwachten als we met een klein peloton samen (voor de 5 en de 9 km) op pad worden gestuurd. Eerst licht naar boven, dan langs de kerk op een klein (en enig) stukje vlak. Ik loop ver achterin, zo stelt Marie-Paule vast na 600 meter. Het asfalt gaat over in onverhard, eigenlijk een combinatie van een veldweg en wat ooit een asfaltweg moet geweest zijn. Een afdaling, dus ik houd me in en verlies nog meer plaatsen. Na 1 km gaat het pad steil omhoog. Rechts van ons vormen koeien een erehaag. Mooie beesten van het wit-bruine ras. Op het pad zelf heb ik zoals vorige week weer het gezelschap van lagere schoolkinderen. Die blijven echter snel achter. Na 2,2 km kunnen we weer even herstellen in een afdaling, tussen de huizen ditmaal. Weer zo'n stuk verspreide bebouwing, een litteken in het bocagelandschap. Vanaf km 2,5 moeten we weer naar een volgende top, minder steil en lang dan daarnet. Niets bijzonders te vermelden tenzij een jong meisje (de meeste korte afstandlopers zijn "espoirs") dat haar veter niet vast genoeg heeft geknoopt, moet stoppen, tijd verliest, maar me even verder weer achterlaat.

FOTO

(Foto's Marie-Paule) 

We zijn intussen weer aan het dalen op een smalle veldweg. Daar is de splitsing van de 5 en de 9 km. Er staat gelukkig een signaalgever. Ik heb daarnet al opgemerkt dat de pijlen van de afstanden niet echt duidelijk zijn afgedrukt. Ik informeer voor alle zekerheid nog eens. Ik ben op de goede weg, letterlijk dan toch. De aînée 1 die ik nu al twee keer ben voorbijgegaan bij de beklimmingen en me daarna ook twee keer weer heeft ingehaald, gaat me weer voorbij. De afslag van de korte afstand leidt ons naar een enorme weide, eigenlijk een grote groene lappendeken met hagen als de naden. In die hagen is dan ergens een smalle opening gemaakt waar we ons moeten tussen wurmen en tegelijkertijd over een lage draad springen. Dat gaat vrij klungelig voor mij met zo'n stijve heup. De loopstrook is wel goed aangegeven met oranje vlagjes op steunen van draad zo'n halve meter boven de grond. Het is moeilijk lopen in het halfhoge gras en op de hobbelige graszoden. Niet ideaal voor mij. De ondergrond is wel zacht, dat compenseert misschien het ongemak. Na 900 meter, met alweer een nieuwe stijging op het einde, komen we weer uit op het asfalt. Laura Coyrciu, dat is de dame in het paars die al de hele tijd in mijn buurt loopt, is nu wel achtergebleven. Ik ben intussen ook genaderd op Henri Lambert die ook al kilometers voor me uitloopt. We zijn nu weer aan de splitsing waar we daarnet na de start rechtsaf werden gestuurd. Nu gaat het de andere kant op. En dan weer scherp naar links. Opnieuw door een weide of weiden (meervoud) Geen koeien hier, wel te verstaan. Nog een kilometer door het gras. Zelfde verhaal als daarnet, behalve dat ik Henri voorbij ben gegaan. Van rechts zie ik andere lopers met grote schreden door de zee van gras waden. Het zijn de 9 km lopers die dus een voorsprong van zo'n 4 km hebben op mij. Tenminste de snelsten vanaf plaats 8. Er is hier een smal spoor open. Ik probeer de snelle lopers niet te hinderen maar blijf toch maar op het karrespoor lopen. Ze moeten dan maar een ommetje maken. Ook winnares bij de dames Sonja Vernikov snelt me voorbij. Ik kan nu wel een tijd (of prestatie) plakken op een aantal gezichten die ik herken van de inschrijving of de opwarming. We naderen de bebouwing. Een grindweg leidt naar de Rue de Mont, de laatste rechte lijn. La Meuse-organisator wacht ons hier op. Daar is de bocht naar links waar Marie-Paule vorige keer mijn passage voor de eeuwigheid vastlegde. Nu staat ze verderop, zal ik dadelijk zien. Rechts in de bocht en verderop staan de supporters. In de vorige kilometers was er nauwelijks een levende ziel te bespeuren. Nog 200 meter omhoog naar de boog. Dat gaat nog vrij soepel. Misschien ook omdat ik blij ben dat ik van het gras verlost ben. Nog wat felicitaties van onbekenden. Hoe verder naar achter, hoe meer sympathie en medeleven/lijden je opwekt...

Alles bij elkaar ben ik niet ontevreden over mijn loop. Jammer dat men er toch weer een semi-trail van gemaakt heeft. Ik zoek de douches in het mooi gerenoveerde schoolgebouw van 1876... Ik dacht dat het Franstalige onderwijs met problemen kampte. Even later blijkt het douchewater wel ijskoud. Geen geld om de boiler te herstellen, vertelt me een deelnemer ongevraagd. Vorig jaar was dat ook al zo, hoor ik van een ander. Dus toch financieringsproblemen... Nog even een consumptie genuttigd en weer naar huis.


zon 19/10/2025 13u * Kortessem Kerkenloop HSLC * 5,5 km * 00:32:38 * Ø 10,1 * 171/211 *  11/13 (65+) * ♥♥♥

Nog eens voor een Limburgse loop gekozen. Het vlakke parcours is dan in de prijs inbegrepen. Ik ben als eerste bij de inschrijving met dezelfde supportersschare als in Theux. De organisator, de plaatselijke afdeling van ADD, heeft de laatste jaren het centrum verlaten en kiest nu voor de atletiekpiste als start/aankomst. De details van het parcours ken ik niet. Mijn vorige deelnames in 2012 en... 1996 zullen me ook niet wijzer maken. Maar signaleuse Isabelle Sluijsmans heeft de wedstrijdfiche in haar hoofd zitten: eerste deel vals plat omhoog, tweede deel lichtjes omlaag. Signaleuse? Ja, want al enkele maanden aan de kant vanwege beenvliesontsteking. 

Het zonnetje heeft de grijze lucht verjaagd als we om één uur ' s middags van start gaan. Ik zal er nooit aan wennen, aan de uren van de Limburgse wedstrijden. Als je wil meedoen, is je zondag in familiekring naar de knoppen. Na driekwart ronde op de baan en wat grind en een betonpad komen we na 400 meter op de Bredeweg, een lange rechte weg tussen nieuwe villa's. En krijgen we meteen de hoogste stijgingspercentages onder de voeten. 2 tot 3%. Dat stelt op zichzelf niet veel. Maar ik ben minder opgewarmd - ik hou het bewust rustig tijdens de opwarming - en uiteraard nog op zoek naar conditie. Het gaat dus niet vanzelf en mijn tempografiek maakt in de volgende 400 meter een flinke duik. Toch ben ik best tevreden als ik na het getril van de Garmin mijn kilometertijd van even boven de 6 minuten zie. Als ik wat tempo wil halen - mijn stille wens bij de keuze van de loop - ben ik alleszins al goed vertrokken. We zijn op weg naar het open veld, een grote groene vlakte tussen Wintershoven en Guigoven (zie ik achteraf op de kaart). De ruilverkavelingsweg blijft meestal lichtjes stijgen. Bovendien blaast de wind in het gezicht. Ik kijk uit naar de rechterbocht aan km 2,5. Misschien minder tegenwind, hoop ik. Voor ons ligt een kerk aan de horizon. "Welk dorp is dat?" : ik kom even in de verleiding om dat te vragen aan de signaalgeefster. Toch maar niet gedaan. Ik blijf dus in het ongewisse of dat de kerk van Vliermaal is. Het meest waarschijnlijk volgens mijn kaartgegevens. Ik zal overigens wel de enige loper zijn die met die vraag worstelt. En hoe zit het nu met de wind? Wel, die blaast hier nog feller, heb ik de indruk. En die indruk wordt later bevestigd op mijn Garmin-grafiek. Mijn tempo gaat even met 15" naar beneden. Intussen ben ik wel enkele lopers voorbijgegaan. Maar het blijft vechten, al vanaf de eerste honderden meters. Tegen de wind, tegen het vals plat, tegen het energievretende beton . En tegen mijn neiging om even te wandelen. Op dit lange rechte stuk zie ik de sliert lopers naar rechts afdraaien. Daar zal de wind toch wel keren... Dat doet hij ook, maar het reliëf werkt nog altijd tegen. Ik waag toch maar een lichte versnelling en ga voorbij de juffrouw die al een kilometer kort voor me loopt.

Km 3,7. Daar is eindelijk het dalende gedeelte. Ik hoor iemand naderen. Gaat de juffrouw van daarnet me weer voorbij? Het is een andere dame die ik anderhalve kilometer geleden in het stijgende deel ben voorbijgegaan. Het is toch waar, de slogan die ze op haar t-shirt draagt: "fit, fitter, funfit". Dat is de laatste volwassene die me nog inhaalt. In de laatste hectometers verlies ik wel nog drie plaatsen aan (piep)jongeren die een energieopstoot hebben bij het naderen van de finish. We lopen nu de eerste 1400 meter opnieuw in tegengestelde richting. Voorbij het Mersenhovekapelletje waar een toeschouwer me met naam aanmoedigt. Niet herkend, jammer... Ik schroef het tempo wat op in de afdaling. De stijve heup van het begin van de loop is intussen gerodeerd. Het is dan toch even genieten van de laatste rechte lijn op de atletiekbaan. Dat was er daarnet op het saaie parcours niet bij. Goed, de passages tussen de boomgaarden en in het groen hebben wel enige charme. Maar ja, de parcoursbouwers kunnen ook niet toveren in dit ruilverkavelingslandschap.

FOTO     (Foto: Marie-Paule)

Ik gun me een derde hartje. Voor mijn gemiddelde onder de 6', een primeur voor dit jaar. En voor mijn karakter (als ik dat van mezelf mag zeggen). Dat neemt niet weg dat ik eindig op meer dan 3' van bijvoorbeeld Jos Polders met wie ik in betere tijden kon wedijveren. Hoe moet ik die achterstand nog goed maken volgend jaar? 

Het pintje met Jean-Pierre, die ik na de loop in de steek heb gelaten voor mijn vrouwelijk gezelschap, zal voor volgende week zijn...


zon 02/11/2025 10u20 * Braives Les Vallons de la Mehaigne * 5,6 km * 00:34:37 *  ø 9,7  * 98/153 *  ??/?? * ♥♥

Voor een keer begin ik mijn verslag andersom. De wedstrijd is achter de rug. De resultaten staan op de site van Globalpacing. Van plaats 92 tot plaats 106 allemaal namen in het roze. Van dames dus. Plaats 95 wordt wel bezet door een naam in het zwart. Die van ondergetekende. Ikzelf had het tijdens de loop niet echt opgemerkt maar Marie-Paule en Gerda (mevrouw Geyskens) maakten er mij na de aankomst grappend attent op. "Je liep tussen de vrouwen". De bladzijden 4,5 en 6 van het uitslagenblad kleuren roze. Maar dank zij die sterke vrouwelijke vertegenwoordiging in de 5km-loop eindig ik nipt in het tweede derde van het deelnemersveld. Voor wat het waard is... Hoeveel veteranen 4 de korte afstand lopen, is niet op te maken uit de uitslag. Die kent alleen mannen/vrouwen en jongens/meisjes beloften. Er is in elk geval nog één veteraan 4 aan de start, mijn goede kennis Nicolas Bynens. "We zijn oud" is zijn ijskoud antwoord op de vraag hoe hij zich voelt. Toch nog een drie minuten voorsprong op zijn enige (?) categoriegenoot. Met deze randnoot dat hij gisteren twee(!) trails gelopen heeft in Angleur.

Terug naar de wedstrijd zelf nu. Bijna 400 deelnemers aan de start van de laatste manche van het seizoen in de Hesbignon. Ook drie Riemstenaren in het peloton. De zon doet vandaag ook mee. Dat is mooi meegenomen voor deelnemers en organisatoren. De 5 km is een lus van de 10 km-loop, stel ik vast bij mijn voorbereiding. Het is het mooiste deel, maar ook het moeilijkste. Het is de zevende keer zijn dat ik hier aan de start sta. Dat moet een record zijn in mijn circa 15-jarige carrière in het Luikse waar ik vooral de variatie in parcoursen heb opgezocht.

Als de pelotons al opgesteld staan worden er nog enkele verstrooide lieden van de startplaats van de 10 km naar die van de 5km gestuurd en omgekeerd. Met enige vertraging begint het aftellen dan toch. De eerste 3 km lopen door een weiden-beemdengebied tussen het gehucht Brivioulle (waar het voetbalterrein en de start/finish liggen) en het dorp Ville en Hesbaye. Maar goed dat we haast uitsluitend op betonpaden lopen. We houden onze voeten dus droog ondanks de regenval van de laatste dagen. Het is alleen uitkijken voor losgewaaide takjes en herfstbladeren. Ik ben ditmaal niet helemaal van achteren in het peloton vertrokken maar achter de rug van Bert Ernest op wie ik dus geen achtervolging hoef in te zetten. Ronny Maes zie ik nog in de eerste kilometer maar vanaf de eerste matige klim loopt hij weg. Niet dat ik me enige illusie maakte dat ik hem zou kunnen volgen. Ik mag dan al een recordaantal keren de Vallons de la Mehaigne hebben gelopen, ik laat me toch telkens weer verrassen door de kuitenbijtertjes onderweg. Ik mag niet toegeven aan de verleiding om even te gaan wandelen. De pijn in mijn bovenbenen moet ik er dan maar bijnemen. Vorige week waren het de liezen die opspeelden, nu de quadriceps. Blijkbaar hebben mijn spieren moeite met een hoger tempo dan het sukkeldrafje dat ik op training aanhoud. In elk geval, die 5 km kosten me moeite. De heup mag ik dan niet voelen, de andere spieren vangen nu de schokken op, weet mijn kinesist.

We lopen Avennes binnen. De fotografen hebben zich verzameld in de buurt van het waterrad langs het riviertje, de Mehaigne. Wat volgt is een klim, uiteraard. Eerst een flinke, maar niet te lange stijging, dan de enige passage op een bospaadje, dan weer klimmen op het asfalt rond de kerk. Het café links van ons dat een vermelding krijgt in elk verslag van deze wedstrijd heeft ook zijn beste tijd gehad. Is zelfs gesloten, denk ik. Het klimwerk is achter de rug. Nu volgt de langste rechte lijn van alle Luikse wedstrijden, die in circuitvorm bedoel ik. Lichtjes bergaf. Hier moet ik toch onder de 6 minuten blijven, neem ik me voor. Niet dat ik het echt kan controleren. Daarvoor moet ik te veel moeite doen om het tempo te handhaven. Ik loop de "eindeloze" 1500 meter achter, naast, even voor, dan weer naast en achter een dame in het rood. Uit de buurt, leid ik af uit de woorden die ze wisselt met een toeschouwer. We halen wel nog twee dames in van wie één dan toch weer afstand neemt, zoals trouwens ook de dame in het rood. Marie-Paule en Gerda (reeds vermeld in het begin van dit verslag) zien mij in het "vrouwenpeloton" voorbijkomen van boven op de brug waar we een halfuur geleden de start hebben genomen. Een bocht naar rechts voor de laatste kronkel deze keer naar de finish. Ik heb daarstraks rechts en beneden ons de eerste 10 km-lopers gezien. Uiteindelijk zijn er maar drie 10km-lopers die ons inhalen. Bij het overschrijden van de streep geeft een dame "een official" een compliment over het mooie parcours. Daar moet ik me bij aansluiten. Als ik het hart laat spreken, niet de benen...

Wat volgt is top: de douche, de Val-Dieu...


zon 16/11/2025 10u30 * Thier à Liège * 7 km * 00:52:18 * Ø 8 * 126/163 *  2/3 * ♥♥

Samen met Jean-Pierre Immerix trek ik op deze miezerige, grijze en mistige morgen naar Thier à Liège. Voor Jean-Pierre dateert zijn laatste deelname aan de loop rond (en vroeger over) de plaatselijke mijnterril al van meer dan twintig jaar geleden. Voor mij twee jaar. En toch is het parcours alweer veranderd. Weinig maar toch genoeg om het nog een tikkeltje lastiger en langzamer te maken. Je zal het dadelijk merken. Intussen moeten we heel wat geduld oefenen voor we van start kunnen gaan. Heel wat deelnemers melden zich pas in de laatste drie kwartier  aan bij de inschrijvingen en vormen lange rijen wachtenden in het zaaltje van de Ecole Communale. Temeer omdat de dames aan de inschrijvingstafels niet meteen de snelsten zijn. Pascal Julin loopt zenuwachtig af en aan van de school naar de startplaats op de Boulevard Ernest Solvay maar kan toch nog met een vertraging van een kwartiertje het startsein geven. We hebben ons intussen zo lang mogelijk warm gehouden in de school. 

We beginnen eraan met een groep van een kleine 400 man, de meesten voor de klassieke 10 miles. De eerste 1200 meter lopen licht tot stevig naar beneden. Dat verklaart meteen mijn snelste tijd in die aanvangskilometer. Niet dat ik me lekker voel. De pre-operatie pijnen duiken weer op in mijn lies. En straks als die verdwenen zijn, blijf ik een zwaar gevoel hebben in mijn benen. Ik had overigens al twijfels over mijn deelname na de desastreuze training van vorige woensdag toen ik van de eerste tot de laatste meter heb afgezien om een 7 km vol te maken zonder onderbreking. Na een scherpe bocht na 1200 meter moeten we de dalende meters meteen weer goedmaken in een steile beklimming. Ik ga al snel over op wandelen. Die 300 meter op wandeltempo kraken mijn tijd in kilometer 2. Daarna volgen een 2000 meter min of meer vlak tussen de groene long van Bernalmont (met onder meer het Château) en losse bebouwing. Overigens moet ik hier weer even een wandelpauze nemen. Ik beweeg me uiteraard in de laatste regionen van het peloton. Van Bert Ernest heb ik alleen voor de start een glimp opgevangen. Ik zal zijn stevige gestalte alleen even terugzien in de laatste kilometer. Ik eindig in de uitslag wel vlak achter hem maar het verschil is toch nog altijd een halve minuut. Voor de eerste plaats bij de veteranen 4 ben ik geen concurrentie voor Jean-Pierre. "Dat er toch geen podium is voor de korte afstand!" zucht JP na afloop in de schoolkantine. De eerste lopers van de 10 km zijn me intussen al voorbijgesneld. Even verder in de derde kilometer hoor ik plots een aanmoediging achter mijn rug. Het is Jo Vrancken die nog de adem vindt om mij wat moed in te spreken. Het is een parcours in "zaagtandvorm". Nu is er weer 300 meter afdaling. Maar ik haal geen voordeel uit de steile afdalingen. De benen blijven pijn doen, ik wil mijn heup niet te zwaar belasten en ik hoed me voor de gladheid door de herfstbladeren op de grond. Plots duikt er een trap op. Dit is de parcoursverandering waarover ik me daarnet (in het begin van mijn verslag) bezwaarde. De trap is zo'n 200 meter hoog en is aangelegd met een soort klinkers die vandaag extra glad zijn en bovendien niet gelijk liggen. Ook voor de betere lopers moet dit een irritante passage geweest zijn. Toppunt van ironie, het pad heet "Ruelle Paradis". Boven blijft de weg omhoog gaan maar nu geraak ik tenminste onder de 7'/km. We blijven rond de groene zone lopen, nu op een single track rond het golfterrein. Vooraf hadden we ons zorgen gemaakt over mogelijke modder maar merkwaardig genoeg is het pad uitstekend beloopbaar. Wel moet ik vaak uitwijken en inhouden voor de vele 10 miles-lopers die me inhalen.

Hier is het nog niet gedaan... Ongeveer halfweg de loop (Google Streetview)

Tot aan km 4,4 blijft het klimmen. We zijn nu in het centrum van het dorp, de wijk als je wil, Thier. Voorbij de kerk en dan op een bredere laan waar ik rechts van me Béatrice Kevelaer aan het laatste deel van haar 16 km zie beginnen. We missen tot twee keer toe bijna een richtingspijl, ik en de dame Florence Demathieu in mijn spoor. Eerst worden we ter orde geroepen door Eric Joway. De tweede keer worden we gered door een politieagent die ons de goede richting uitstuurt. Op smalle asfaltpaden en zelfs steegjes gaat het nu weer stevig bergafwaarts. Eigenlijk wel een leuke passage (als ik 20 jaar jonger was geweest...). Er zit ook nog een haarspeldbocht in, trouwens. We moeten dadelijks linksaf, herinner ik me. Weer een trappenklim. Maar deze is wel geciviliseerd en perfect beloopbaar. Maar ik moet hier ook weer stappen. Florence gaat wel wat vlotter naar boven en neemt een twintigtal meter voorsprong. Nog even een smalle grindweggetje voor we weer op het asfalt komen. Een kleine klim en daar zijn we weer op de Boulevard Ernest Solvay. Maar we zijn nog niet thuis. Nog anderhalve kilometer om de 7 km vol te maken middels een lus in een parkbosje en tussen de bomen op de boulevard. Eerst een 500 meter op een bospad. Van harte gaat het niet maar ik kan het tempo toch nog even opdrijven. En haal zowaar Florence weer in. De laatste rechte lijn - die daarstraks de eerste rechte lijn was - is weer heel licht stijgend. Ik dwing mezelf om tempo te blijven maken - dat is net onder de 7' - en haal zowaar nog een collega in. Voor het oog en de smartphone-camera's van vrouw en dochter. De laatste meters: ik krijg nog applaus van enkele omstaanders. En La Meuse-baas Benoît Schoonbroodt is zo vriendelijk om mijn naam af te roepen na de finish. Ook al ben ik de enige die dat opmerkt...

Dat was het weer. (Beperkte) opdracht volbracht: finishen. Na een pittig maar afwisselingsrijk en daarom voor mij toch een aangenaam rondje. Snel naar het omkleedtentje. En een warme douche voor mij alleen. Het heerlijkste ogenblik van de voormiddag.


vri 21/11/2025  20u * Herve Corrida CJPL * 7,1 km * 00:51:04 * Ø 8,3 * 524/540 *  5/5 * ♥

Jean-Pierre kan in tweede instantie nog een parkeerplaats versieren in de onmiddellijke omgeving van de startplaats aan het stadion van Herve. Eerst stonden we een halve kilometer verderop. Vervelend als je met bezwete sportkleren en in de vrieskou je tas moet halen voor de douches. Overigens maken straks opvallend weinig deelnemers gebruik van de douchefaciliteiten. Voor wie het nog niet begrepen heeft: we zijn in Herve voor de zoveelste loopwedstrijd van onze carrière. Een nocturne, deze keer. Met een indrukwekkend deelnemersveld van bijna 800 mannen en vrouwen. En meisjes en jongens. Want ze zijn met velen, de middelbare schoolleerlingen, al dan niet chinese vrijwilligers voor (bonus)punten voor het vak Lichamelijke Opvoeding.

We staan met zijn allen samengepropt in de duisternis onder de XRun-boog. Na een zevental minuten wachten, schieten de eersten weg en kunnen de anderen die verderop in het startblok staan, langzaam in beweging komen. Hoe zeer ik ook probeer te versnellen in de volgende hectometers, mijn oude spieren remmen mij zonder pardon af. We maken eerst een lus in de stad. De kasseicirkels en -rechthoeken die hier en daar in de winkelstraten zijn aangelegd ,een urbanistisch fantasietje, pijnigen mijn benen nog. Herve is gebouwd op een heuvel. We krijgen dus wel wat reliëfverschillen te verwerken in de oude stad. Ik heb echter zoveel spierpijn dat ik sowieso in de laatste gelederen zou zijn beland. Naast mij, achter mij en voor mij lopen babbelende en giechelende jongelui die nu en dan ook eens een tussenversnelling plaatsen of een wandelpauze inlassen. De (winkel)straten zijn voldoende verlicht. Voorlopig heb ik geen probleem om me veilig in de massa voort te bewegen. Ik heb mijn avondlampje meegebracht maar uiteindelijk verkozen om het niet te gebruiken. Na een aantal bochten en op en neer stroken, komen we weer in de buurt van het stadion. We zijn dan 1,5 km ver maar door de afwisseling in het parcours lijken we al langer onderweg. We begeven ons nu naar een wijk in de buurt van het stadion waar we een tweede lus aanvatten. We worden even een donker steegje ingestuurd maar voor het overige loert ook hier geen gevaar voor valpartijen door te weinig licht. Het blijft wel opletten voor scheuren in het asfalt, straatgoten en stoepen. Gefluit en fietsgerinkel achter ons. "Serrez à droite". Daar zijn de eersten al. Ze hebben een ronde voorsprong. Na 1500 meter komen we weer in de buurt van het stadion, maar dan vanuit de andere richting. De snelle 7km-lopers banen zich soms met moeite en met geroep een weg langs de schildpadlopers. De ene gaat wat al omstuimiger te werk dan anderen. Marlène Herzet, aînée 4, heeft zich wat te fel links gewaagd en wordt haast omgekegeld door een achteropkomende loper. Leuk dat we een rondje op de atletiekbaan mogen afwerken. Dat besluit dan meteen de eerste ronde. Nog een ronde voor mij en de laatste, echt de allerlaatsten van de lange afstand lopers, wat vanavond dus nauwelijks 7km betekent. Ik heb daarnet op de piste Marlène Herzet ingehaald. Dat betekent ten overvloede dat ik mij aan een uiterst laag tempo voortbeweeg. Hoeveel tijd ben ik uiteindelijk nog voor haar, vraag ik me na de wedstrijd af. En wat zie ik, Marlène staat met een 3 minuten voorsprong in de uitslag. Er is me nochtans niemand meer voorbijgegaan in de tweede ronde. Bizar!

Bij de ronde op de baan hoor ik speaker Benoît Schoonbroodt wel honderd keer herhalen: "7km à droite". Aan de finish, voor mij dus de passage na de eerste ronde, vraag ik toch nog eens bevestiging aan een official. Rechts, ik heb de baan vrij. Links, aan de finish van de 3,5km is het drummen. Ik ben nu plots alleen. Geen gelach en getater meer, maar alleen het hijgen van nummer 524, uw verslaggever dus. Ik heb nu wat uitgebreider de tijd om de omgeving in mij op te nemen. De ups en downs van het parcours, de winkels, de oudere gebouwen, de afdaling naar de Potiérue, ongetwijfeld een van de oudste straten van het stadje, de signaalgevers en de enkele toeschouwers langs de weg, de supporters. Een klein meisje is zo vriendelijk mij een "Allez Monsieur" toe te roepen. Ongeveer op de plaats waar in de eerste ronde een bewoonster bij het oversteken van een zebrapad nog even een korte verbale aanvaring had met een jonge loopster. Die laatste eiste vrije doorgang op. Dat was er even over... Voor het overige is het afzien. Pijn in de liezen, de aanhechtingsspieren, de quadriceps. In de eerste ronde heb ik even met het idee gespeeld om uit te stappen bij het stadion en bij de auto. Nu, in de tweede ronde en niet gestoord door het gewriemel rond me, kan ik me beter focussen op de inspanning en mijn wiolskracht aanspreken om vol te houden. Ik zal dadelijk en in de volgende kilometers nog enkele loopsters van een groepje voor me inhalen. Achter mij is het de grote leegte. Er komt niemand meer voorbij. Tenzij Marlène, maar dat feit moet in de categorie mirakels worden ondergebracht. Ik herken de kronkels van de eerste ronde, de passage over de rijweg Rue de la Clef naar het grindvoetpad langs de Rue de Soumagne en onder een boom door naar de Voie du Chêne. Ik ben nu al een tijdje voorbij de korte Rue Albert Mélen waar we de snellere lopers kruisen. Een van hen is Jean-Pierre Immerix. Die heeft vanavond wel een enorme voorsprong. Aan de finish is het verschil 8 minuten. "Du jamais vu". Ik sukkel verder. Weer langs de rotonde op onze rijweg naar het stadion. En het "Point Chaud": de lichtreklame lokt ons met broodjes en patisserie. Maar ik vervolg mijn weg, de brede Rue de la Clef. Misschien haal ik de meisjes voor me in. Helaas, een luchtspiegeling. Ze lopen weer van me weg. Ik heb intussen wel mijn tempo gevonden. En mijn lijden probeer ik stoïcijns te dragen... De laatste hectometers op de piste. Jean-Pierre is me tegemoet gelopen om in beweging te blijven en de koude meester te blijven. Dan de laatste en de donkerste meters voor de finish. Ik stop mijn Garmin en sla de loop op. Ik zal later wel naar het verdict kijken.

FOTO     Eindelijk is het hem gelukt. Jean-Pierre Immerix haalt zijn eerste podium van het jaar. Links winnaar Jean-Marie Capier. De tweede, Nicolas Bynens, is al naar huis. (Eigen foto)

Na de douche blijven we nog wat ouwehoeren met Bert Ernest. Jean-Pierre zal dadelijk zijn moment de gloire beleven (foto). Een dik halfuur later klieven we door de duisternis terug naar Limburg.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten